Ouderdom kan in aarde zijn meegeschapen

Nieuws
Onderstaande bijdrage is een uitgebreide versie van het artikel dat onder dezelfde kop is afgedrukt in het Nederlands Dagblad van 27 januari 2000. Dr. F. Zwarts is natuurkundige.
dr. F. Zwarts
donderdag 27 januari 2000 om 00:00

Naar aanleiding van een uitzending van de NCRV is de discussie weer losgekomen over de tijd waarin deze dieren hebben geleefd en daarmee samenhanged de ouderdom van de aarde. Ik denk dat we eens een stapje terug moeten doen en moeten proberen te zien waar het probleem nu eigenlijk ligt. Vanuit de gegevens vanuit de Bijbel en vanuit de natuur kunnen we proberen tot een oplossing te komen die in overeenstemming is met deze gegevens.

Probleemstelling

1. Bij onbevangen lezing van de Bijbel wordt de indruk gewekt dat de aarde en de hemel op zijn hoogst slechts enkele duizenden jaren oud zijn.2. Waarnemingen in de schepping lijken te wijzen op een veel grotere ouderdom die in miljarden jaren moet worden uitgedrukt.Deze twee gegevens lijken met elkaar in tegenspraak.

Onderbouwing van de gegevens

1. Hoofdstuk 1 van Genesis vertelt hoe de aarde in zeven dagen is geschapen. Dit wordt op andere plaatsen in de Bijbel herhaald, zoals in de toevoeging aan het vierde gebod in Exodus.Sommige uitleggers gaan ervan uit dat er aan deze zeven dagen een periode van onbepaalde lengte vooraf gaat, die beschreven zou worden in de allereerste verzen van Genesis 1. Volgens anderen zijn deze verzen echter een samenvatting van de rest van het hoofdstuk. Als er al een langere periode aan de genoemde zeven dagen vooraf zou zijn gegaan, dan lost dit toch de tegenspraak niet op. Ook de in de zeven dagen geschapen dingen (zoals zon, maan en sterren) worden in de natuurwetenschap ouder gedateerd.

Er zijn uitleggers die de zeven scheppingsdagen opvatten als langere perioden. Hoewel de poëtische taal van Genesis 1 (het lijkt op een gedicht met een telkens weerkerend refrein: ,,Toen was het avond geweest en het was morgen geweest?'', zodat je daarin geen letterlijke beschrijving, maar dichterlijke taal verwacht) dit misschien toelaat, is het toch moeilijk te rijmen met het noemen van de zeven dagen in, bijvoorbeeld, het sabbatsgebod. De in Genesis genoemde geslachtsregisters zijn misschien niet voldoende om een exacte ouderdomsbepaling te kunnen doen, ze geven toch wel de indruk dat de hieruit berekende ouderdom niet veel meer dan ruwweg een factor tien tot honderd fout kan zijn. Dat is onvoldoende om de tegenspraak op te lossen. In de rest van de Bijbel, tot in het Nieuwe Testament toe, wordt van de juistheid deze geslachtsregisters uitgegaan. Kortom, verschillende plaatsen in de Bijbel wijzen allemaal in dezelfde richting: de schepping is niet veel meer dan enkele duizenden jaren oud, hooguit, als je erg ruim wilt nemen, enkele tienduizenden jaren.2. De ouderdom van de aarde en het heelal wordt in de natuurwetenschap op verschillende, van elkaar onafhankelijke, methoden bepaald. Hoewel ieder van de methoden op zich zijn onnauwkeurigheden, vooronderstellingen en zwakheden heeft, blijken ze toch ruwweg met elkaar in overeenstemming te zijn. We noemen enkele methoden:

1. Verval van radioactieve isotopen. Radioactieve isotopen vervallen met een bekende halfwaarde tijd. Op grond van veronderstelling over de beginsamenstelling van een bepaalde stof, kan uit de aangetroffen samenstelling berekend worden hoeveel tijd er nodig is geweest om uit te komen bij de huidige samenstelling. Een zwak punt is het maken van de veronderstellingen over de beginsituatie en het bij elkaar blijven van de vervalsproducten, maar in veel gevallen komt het toch gekunsteld over om het erg anders te veronderstellen.

2. Vertraging van de aardrotatie. Door de aantrekkingskracht van de maan ontstaan eb en vloed. Doordat de aarde als het ware onder deze vloedgolf door draait, wordt de rotatie van de aarde afgeremd. Dit is slechts een klein effect, maar teruggerekend zouden er enkele honderden miljoenen jaren geleden meer dagen in een maand (de periode tussen een nieuwe maan en de volgende nieuwe maan) moeten zitten dan tegenwoordig. Inderdaad zijn er sedimenten gevonden uit een riviermond waarbij in de afzettingen de eb en vloed beweging te herkennen is (zoals tegenwoordig ook het geval is in de afzettingen in de Zeeuwse zeearmen). Zelfs is springvloed te herkennen. Springvloed wordt veroorzaakt door de stand van de maan ten opzichte van de zon. Een eenvoudige telling levert inderdaad op dat er in de tijd van afzetting meer dagen in een periode tussen twee nieuwe manen zitten dan tegenwoordig. Hoewel de berekende vertraging van de aardrotatie weer berust op enkele aannamen, zoals die van de vorm van de continenten, is de hieruit berekende ouderdom van de sedimenten ruwweg in overeenstemming met de met behulp van radioactieve isotopen berekende ouderdom.

3. Samenstelling van sterren. Wanneer aangenomen wordt dat sterren gevormd worden door de materie die in het heelal aanwezig is en dat dus de beginsamenstelling gelijk is aan die van de daar aangetroffen elementen, kan uit de waarneming van de nu aangetroffen samenstelling van sterren en de snelheid waarmee de ster het ene element omzet in het andere, om aan zijn energie te komen, berekend worden hoe oud een ster is. Ook hier zijn weer onzekerheden in de veronderstellingen aan te wijzen, maar de hieruit berekende ouderdom van veel sterren wijst ook in een richting van miljoenen/miljarden jaren. Voor de best bekende ster, de zon, komt men op enkele miljarden jaren. Dit is in overeenstemming met de grootste ouderdom van aardlagen die aangetroffen wordt, waarvan de ouderdom is bepaald op één van de hierboven genoemde manieren.

4. Afstanden in het heelal. Het is bekend dat het licht een eindige snelheid heeft. Daardoor kunnen we in het verleden zien. Voor aardse afstanden is dit in het dagelijks leven nauwelijks merkbaar. De maan zien we zoals die iets meer dan een seconde geleden was. De zon zien we zoals die acht minuten geleden was. Voor sommige planeten kunnen we enkele uren in het verleden kijken. De dichtstbijzijnde sterren zien we al zoals ze enkele jaren geleden waren. Andere sterren staan veel verder weg. Sommige sterrenstelsels staan miljoenen/miljarden lichtjaren weg, wat betekent dat we miljoenen/miljarden jaren in het verleden kunnen kijken. Hieruit volgt dat ook het heelal minstens zo oud lijkt te zijn. Verder zien we dat in deze oude sterren dezelfde natuurwetten gelden als die we hier op aarde kennen. Nergens is een tijdstip aan te wijzen, waarná de ons bekende wetten gelden en waarv&243;&243;r de verschijnselen heel anders zijn.

5. De relativiteitstheorie. Volgens de relativiteitstheorie is er geen absolute gelijktijdigheid van gebeurtenissen die op enige afstand van elkaar plaatsvinden. Als bijvoorbeeld volgens een waarnemer twee gebeurtenissen op een lichtjaar afstand van elkaar gelijktijdig plaats vinden, dan kan er volgens een andere waarnemer die snel beweegt ten opzichte van de eerste, best een periode van enkele maanden zijn tussen deze twee gebeurtenissen. Het is niet te zeggen wie gelijk heeft. Ze hebben allebei gelijk. Een gevolg hiervan is dat als volgens een waarnemer twee sterrenstelsels, die miljoenen/miljarden lichtjaren uit elkaar liggen, tegelijk ontstaan zijn, volgens de ander miljoenen/miljarden jaren zitten tussen hun ontstaan. Een schepping van alle sterren in een enkele dag heeft dan alleen betekenis als hierbij de snelheid van de veronderstelde waarnemer bekend verondersteld wordt. Een denkbeeldige waarnemer met een sterk verschillende snelheid zou een veel langere periode dan een enkele dag zien, misschien wel miljoenen/miljarden jaren en hij heeft net zoveel gelijk. (De snelheid van de aarde lijkt een aannemelijke veronderstelling voor een beschrijving van de schepping, maar zelfs de draaiing van de aarde om de zon maakt dat een half jaar later de schepping van de sterren al een periode van vele jaren beslaat.)De genoemde ouderdomsmetingen blijken onderling consistent en hebben daarom overtuigingskracht. Hoewel op de nauwkeurigheid van wetenschappelijke resultaten misschien valt af te dingen, lijkt deze toch ruim voldoende om een ouderdom van enkele duizenden jaren uit te sluiten. Daar zou immers een onnauwkeurigheid van ruwweg een factor miljoen voor nodig zijn. Dat is net zo onwaarschijnlijk als het geval dat iemand die de afstand Zwolle-Groningen niet goed kan schatten, op tweehonderd km uitkomt en dat dan een ander dan denkt dat hij dan ook wel een factor miljoen fout kan zitten. Dat zou 20 cm betekenen, of, de andere kant op, vijfhonderd keer de afstand aarde-maan.

Analyse van de tegenstelling

We belijden dat de Bijbel betrouwbaar is, omdat die door God gegeven is. Ook de natuur is een boek, door God gegeven waaruit we Hem mogen leren kennen. Deze twee kunnen niet met elkaar in tegenspraak zijn. De tegenspraak ontstaat bij de interpretatie van het een en/of het ander. Bij de interpretatie van de bijbeltekst, de exegese, wordt de theologische wetenschap gebruikt. Bij de interpretatie van de waarnemingen in de natuur wordt de natuurwetenschap gebruikt. Het woord wetenschap moet niet altijd erg zwaar genomen worden; ook leken kunnen de Bijbel lezen en interpreteren en kunnen ook waarnemingen in de natuur doen en interpreteren. In principe komt hierbij een interpretatie aan de orde die in de wetenschap expliciet gemaakt wordt. Omdat de tegenspraak niet kan zitten tussen de Bijbel en de waarnemingen in de natuur, moet het probleem van de tegenspraak wel veroorzaakt worden door een foute interpretatie van het één of het ander, of van beide. De natuurwetenschap en/of de theologische wetenschap zal dus herzien moeten worden, als deze interpretaties tot tegenstellingen leiden.

Aangedragen oplossingen

1. De oplossingen die uit de creationistische hoek worden aangedragen gaan uit van twee veronderstellingen: De eerste is dat we de interpretatie moeten vasthouden dat de aarde en de hemel niet langer dan enkele duizenden jaren geleden gemaakt zijn. De tweede (vaak verzwegen) veronderstelling is dat van het scheppingmoment in de waarnemingen in de natuur iets terug te vinden zou zijn. Het gevolg van deze veronderstellingen is dat men probeert de interpretatie van deze waarnemingen zo te veranderen, dat ook hierin een tamelijk jonge aarde te zien zou zijn.

2. Het andere uiterste is dat men de interpretatie van de gegevens uit de natuur niet wijzigt, maar het scheppingsverhaal in de Bijbel zo interpreteert, dat de scheppingsdagen niet letterlijk worden genomen, maar een lange periode van miljoenen jaren beschrijven. Verder wordt de volgorde waarin alles geschapen wordt niet al te letterlijk genomen.

3. Nog een andere oplossing zou zijn dat de waargenomen natuurwetten alleen geldigheid hebben na de tamelijk recente schepping. Alles wat lijkt te wijzen op een grote ouderdom moet niet in rekening gebracht worden, omdat er bij de schepping bovennatuurlijke dingen zijn gebeurd, zodat extrapolatie terug in de tijd vanuit waarnemingen in de recente geschiedenis slechts mogelijk is tot aan de schepping. Alle verdere extrapolaties zouden zinloos zijn.

4. Ten slotte kan men veronderstellen dat de schepping weliswaar hooguit enkele tienduizenden jaren geleden heeft plaatsgevonden, maar dat daarbij een schijnbare ouderdom van enkele miljarden jaren is meegeschapen. (Sterren zouden zijn geschapen met hun miljoenen lichtjaren lange lichtstralen. De aarde zou zijn geschapen met aardlagen.)Hierbij geldt dat we niet alleen een ouderdom waarnemen, maar ook een geschiedenis. Dat wil zeggen: wij zien vandaag (sporen van) gebeurtenissen die lang voor de schepping zouden hebben plaatsgevonden. Bijvoorbeeld: zoveel miljoen jaar geleden ontplofte die ster in een supernova, of: zoveel miljoen jaar geleden botsten die twee sterrenstelsels op elkaar, of: zoveel miljoen jaar geleden werd deze aardlaag gevormd. Als Adam voldoende kennis over jaarringen zou hebben gehad, zou hij, bij wijze van spreken, uit de jaarringen van de bomen in de hof hebben kunnen afleiden of het weer in de jaren voor de schepping sterk wisselde of juist erg gelijkmatig was. Kortom, schijnbare ouderdom betekent ook schijnbare geschiedenis.

Bespreking van de oplossingen

1. De uit de creationistische hoek aangedragen oplossingen komen niet altijd erg overtuigend over. Vooral omdat het vaak gaat om fragmentarische deeloplossingen. Juist de onderlinge consistentie van ouderdomsbepalingen die uitgaan van totaal verschillende principes wordt niet overtuigend aangepast.Hoewel sommige creationisten beweren dat alleen zij bijbelgetrouw zijn, omdat alleen zij de gegevens van de eerste hoofdstukken van Genesis letterlijk nemen, lijkt hun tweede vooronderstelling (dat de ogenschijnlijke ouderdom moet kloppen met het tijdstip van de schepping) juist in tegenspraak met gegevens uit deze hoofdstukken. Er worden in Genesis verschillende schepselen genoemd (dieren, bomen, mensen), die direct na hun schepping een ouderdom leken te hebben die niet overeen kwam met het scheppingsmoment.

2. De opvatting dat de eerste hoofdstukken van Genesis niet letterlijk genomen moeten worden, maar dat best een zeer lange periode beschreven kan worden, komt nogal gekunsteld over. Als de (inderdaad nogal poëtische) tekst in Genesis 1 dit al zou toelaten, dan nog geven andere teksten uit de Bijbel (zoals in het sabbatsgebod) aanleiding om te denken aan een periode van een week die, volgens andere gegevens (geslachtsregisters, etc.), niet veel meer dan enkele duizenden jaren geleden zou zijn geweest.

3. De opvatting dat de natuurwetten niet verder geëxtrapoleerd mogen worden dan tot aan de schepping lijkt in tegenspraak met de waarnemingen in verweg gelegen sterren en sterrenstelsels, waar we kunnen zien dat miljoenen jaren geleden dezelfde natuurwetten golden als tegenwoordig. Er is vanuit de waarnemingen in de natuur geen tijdstip in het verleden aan te wijzen waarná de natuurwetten hun geldigheid krijgen en waarv&243;&243;r we verschijnselen zien die in strijd zijn met de bekende natuurwetten. Principiëel vervalt deze opvatting hiermee niet, omdat volgens deze opvatting deze gegevens niet gebruikt mogen worden.

4. De hiervoor genoemde opvattingen gaan uit van een enkele betekenis van het woord 'oud', of 'ouderdom'. Dit kan echter meerdere betekenissen hebben. Misschien wordt dat duidelijk als we de volgende vragen stelllen. Hoe oud was Adam op de eerste dag na zijn schepping? Hoe oud waren toen de bomen in de hof? Beide vragen kunnen op twee manieren beantwoord worden, afhankelijk van de betekenis die je aan het woord oud geeft.De veronderstelling dat de schepping van recente datum is, maar dat er een schijnbare ouderdom is meegeschapen lijkt in overeenstemming met de bijbelse gegevens, immers in de beschrijving van het paradijs komen ook bomen voor en mensen, die gewoonlijk jaren nodig hebben om zover op te groeien. Bomen werden niet geschapen in de vorm van zaad, maar zelfs met vruchten. De mens werd niet als een baby geschapen (of zelfs als eicel), maar aanspreekbaar. Op het moment dat ze geschapen werden leken ze al een geschiedenis achter de rug te hebben. Waarom zou dat dan met de aarde en het heelal anders zijn?

De veronderstelling van een schijnbare ouderdom gaat ten koste van de waarneembaarheid van het scheppingsmoment in de natuur. Het verschil tussen schijnbare ouderdom en echte ouderdom is niet wetenschappelijk waarneembaar.

Conclusies

Het is misschien verrassend, maar op grond van het serieus nemen van bijbelse gegevens, menen we dat zowel A (Creationisme) als B (Zeer oude schepping) niet gebruikt kunnen worden om het probleem op te lossen. Het dilemma dat vaak door aanhangers van deze oplossingen wordt gesteld, dat een keus tegen de één een keus voor de ander inhoudt, nemen we niet over. Er blijven namelijk op grond van de bijbelse gegevens nog twee andere mogelijkheden: C (Er is alleen zinvolle extrapolatie terug in de tijd mogelijk tot aan de schepping) en D (Er is een geschapen historie), over. Op grond van de continuïteit die we waarnemen in verschijnselen uit het verleden, lijkt ons D de meest aannemelijke optie te zijn.We komen, zowel in de Bijbel als in de natuur, wel vaker zaken tegen die voor ons gevoel, op het eerste gezicht, met elkaar in tegenspraak lijken te zijn. Gods gedachten blijken telkens weer hoger dan onze gedachten te zijn. Een voorbeeld uit de Bijbel is Gods almacht en onze verantwoordelijkheid. Een voorbeeld uit de natuur is de quantummechanica, waar ook voor onze intuïtie tegenstrijdige zaken verenigd worden. Iemand als Einstein wilde het daarom niet serieus nemen. Bij nadere beschouwing blijkt dat we zowel het één als het ander moeten aanvaarden en dat we dan toch een consistente werkelijkheid overhouden. Het lijkt mij dat het ook zo is met de recente schepping en de schijnbare ouderdom van de aarde.

Tegenwerpingen

Tot nu toe is de hier voorgestelde oplossing weinig serieus genomen. Zonder veel argumenten, op het gevoel af, wordt deze oplossing vaak verworpen. Daarom kennen we ook weinig argumenten die ertegen zijn ingebracht. Het enige wat wel eens gehoord wordt is de vraag of God de mensen eigenlijk niet bedriegt, als de schepping ouder schijnt te zijn dan in de Bijbel wordt gelezen. Hierbij dient te worden bedacht dat deze vraag dan ook geldt voor ouderdom van de bomen, de dieren en de mensen in de hof van Eden. Ook kan deze vraag gesteld worden als we een supernova explosie voor onze ogen zien gebeuren, die gedateerd wordt op 100 miljoen jaar voor de schepping (de tijd dat hier op aarde de dinosauriërs zouden hebben rondgelopen). We zien dan een ster ontploffen al voordat hij gemaakt is!Natuurlijk is het geen bedriegerij, want God heeft van het begin af aan duidelijk gemaakt wanneer de wereld is geschapen. Daarom hoefde Adam niet aan God te twijfelen, toen hij in de hof bomen zag die al vruchten droegen, hoewel bomen jaren nodig hebben om te groeien en vruchten maanden om te rijpen. Daarom hoeven ook wij niet aan God te twijfelen als we sterren of aardlagen zien met een schijnbare ouderdom van ver voor de schepping.

Integendeel, mijn bewondering voor de grote Schepper neemt alleen maar toe als ik zie dat hij de aarde niet alleen zo gemaakt heeft zodat ze een consistente mooie toekomst tegemoet kon gaan, op basis van prachtige natuurwetten, ook door God geschapen, maar dat hij voor deze aarde ook een, tot in de kleinste details, consistent verleden heeft geschapen, gebaseerd op dezelfde natuurwetten.

Slotopmerking

Een volgende vraag is in hoeverre de schijnbare geschiedenis, zoals die uit aardlagen en fossielen naar voren komt, er één is van evolutie van levende wezens. Als natuurkundige heb ik wil ik mij geen oordeel aanmatigen over een ander vakgebied. Naar wat ik er van weet ben ik niet overtuigd dat dit de enige noodzakelijke conclusie is. Ik zie echter ook geen duidelijke gegevens in de Bijbel die het lijken uit te sluiten. Ik kan het daarom met een gerust hart aan de wetenschap overlaten.

 
Mail de redactie
Mail de redactie
Heeft u een tip over dit onderwerp, ziet u een spelfout of feitelijke onjuistheid? We stellen het zeer op prijs als u ons daarover een bericht stuurt.
Afbeelding

Lukas O. besluit te zwijgen na aanhouding vriend in Mallorcazaak

De onverwachte aanhouding van verdachte Martijn T. (20) tijdens de derde zittingsdag van de Mallorcazaak, leidt ertoe dat zijn goede vriend en medeverdachte Lukas O. (19) niets meer wil verklaren tijdens de inhoudelijke behandeling. De geschrokken O.

Afbeelding

Belgische premier: top met 44 landen toont isolement Rusland

De bijeenkomst van de leiders van 44 Europese landen donderdag toont hoezeer Rusland alleen staat, zegt de Belgische premier Alexander De Croo. Alleen de leiders van Rusland en zijn bondgenoot Belarus zijn niet welkom in Praag.

Afbeelding

Shell onderuit in rode AEX na tegenvallende handelsupdate

Een flinke koersdaling van olie- en gasconcern Shell zorgde donderdag voor druk op de Amsterdamse AEX-index die in het rood stond. Shell kwam met een handelsupdate over het derde kwartaal die volgens analisten zwak was.

Afbeelding

17-jarige jongen gewond bij explosie in Utrecht

Bij een explosie in Utrecht is in de nacht van woensdag op donderdag een 17-jarige jongen uit Almere gewond geraakt. Het slachtoffer is naar het ziekenhuis gebracht, meldt de politie donderdag.

Afbeelding

Van der Burg roept gemeenten opnieuw op meer opvang te regelen

Staatssecretaris Eric van der Burg (Asiel) stuurt donderdag alle gemeenten een brief ‘met het verzoek om bij te dragen aan het bieden van voldoende plekken voor minderjarige asielaanvragers met begeleiding’.

Afbeelding

VluchtelingenWerk: kabinet nu aan zet om snel met plan te komen

Staatssecretaris Eric van der Burg (Asiel) moet nu zo snel mogelijk met een plan komen om de situatie voor asielzoekers te verbeteren. Dat zegt VluchtelingenWerk in reactie op de uitspraak in het kort geding die de hulporganisatie tegen de Staat aanspande.