9 augustus 2011 om 07:50

Nieuws Koert van Bekkum

Triple A

Gelukkig werd het geen zwarte maandag. Maar de verliezen op de beurs waren fors. Dat geeft aan hoe groot wereldwijd de onzekerheid is over de stabiliteit van de economische situatie van dit moment.

Het was dan ook wat: een afwaardering van de Amerikaanse kredietwaardigheid van het hoogste niveau, AAA, naar AA-plus. Slechts een van drie bekende bureaus nam vrijdag deze maatregel, en dan alleen voor de obligaties met een looptijd van tien jaar. Maar de symbolische waarde ervan is groot. De vraag ligt op tafel of het land van de onbegrensde mogelijkheden wel eindeloos door zal groeien. Amerika leeft al te lang op de pof. Regering én burgers blijken nauwelijks in staat de tering naar de nering te zetten. Vandaar de daling in het vertrouwen.

Vertrouwen, daar draait alles om, ook in Europa. Is een land in principe in staat de eigen schulden te voldoen? Die vraag dringt zich op omdat in veel westerse landen de schulden zo hoog zijn. Omdat de Amerikaanse politieke polarisatie en Europese versnippering van de besluitvorming rond de euro passende maatregelen in de weg staan en vertragen. En omdat de economische vooruitzichten niet goed zijn. Want wie schulden saneert, geeft minder uit.

Opmerkelijk genoeg viel de onrust op de obligatiemarkt mee. Daaruit bleek dat ingrijpen door de Europese Centrale Bank (ECB) werkt. Zondag had de instelling bekendgemaakt dat ze zwak schuldpapier zou gaan opkopen. Onmiskenbaar greep de bank hiermee vooruit op de invoering van het Europese noodfonds waartoe de regeringsleiders half juli besloten. Diverse tegenstanders van ingrijpen in Griekenland benadrukken dat het slechts een noodmaatregel betreft. Formeel is dat juist. Maar de trend is duidelijk. De euro vraagt om meer Europese eenheid in het financiële en economische beleid. Ondanks de enorme aversie daartegen beweegt de besluitvorming zich nu met horten en stoten in die richting. Het móet. En de ECB aarzelt blijkbaar niet de lidstaten daarbij een forse duw in die richting te geven.

Tegelijk is het de vraag of het snel genoeg gaat. Nu iedereen een auto en een huis heeft en ook in de financiële sector de bomen niet tot in de hemel groeien, lijkt het het Westen te ontbreken aan wegen naar snelle economische groei. Daardoor drukken de lasten zwaarder en zijn de vooruitzichten voor de lange termijn minder goed dan voor bijvoorbeeld Brazilië, China en India. Ook die landen maken zich daarom zorgen. Het zijn hun afzetmarkten die nu onder druk staan. En hun westerse waardepapieren worden zomaar minder waard.

Het is nog allerminst zeker of er een nieuwe recessie komt. Maar iedereen houdt de adem in. Kan de economie deze nieuwe klap hebben? Of zakt het vertrouwen nog verder, en komen ook België en zelfs Frankrijk onder vuur?