3 februari 2011 om 07:41

Nieuws Koert van Bekkum

Geweld

Elke volksopstand kent een beslissend kantelmoment dat de uitkomst bepaalt. Of de dag van gisteren ook zon moment was in de opstand van het Egyptische volk tegen president Hosni Mubarak, zal de geschiedenis leren.

Maar het contrast met de dag ervoor was groot en schrikwekkend. Het hele land ligt al meer dan een week plat - voor zeer velen buitengewoon onaangenaam. Toch nam het protest op het Tahrirplein in Caïro gaandeweg de vorm aan van een feest van vrijheid voor Egypte, gesymboliseerd door blije kleutermeisjes op een tank.

Nog geen dag later liet het land een boos gezicht zien. Woedende aanhangers van de Egyptische president gingen de demonstranten te lijf met stokken, staven, slingers, stoeptegels en benzinebommen. Binnen een etmaal veranderde het plein van feest in een toneel van geweld.

Volgens buitenstaanders waren de dagen van Mubarak geteld. Maar deze logica telt niet in Egypte. Neem Zahi Hawass, het mediagenieke, maar onder de Egyptologen in de wereld gehate hoofd van de Raad van Oudheden. Een nationalist pur sang met contacten overal ter wereld. Juist hij verbond afgelopen maandag zijn lot aan dat van het regime door zich te laten beëdigen tot minister van Cultuur.

Egypte gelooft niet dat Mubarak net als de Tunesische president Ben-Ali zomaar verdwijnt. Het regime is sterk en maakt graag gebruik van gewelddadige elementen in de onderklasse. Er is nauwelijks een maatschappelijk middenveld. Velen achten de wens van de president om pas in september af te treden en in Egypte te mogen sterven, gerechtvaardigd. En grote groepen hebben alles te verliezen bij de Mubaraks val.

Hoe onverwacht en bruut het geweld ook kwam - ergens was iedereen bang dat zoiets zou gebeuren en dat de aanhang van Mubarak na een wraakoefening opnieuw het heft in handen zou krijgen.

Die vrees is bewaarheid geworden en het geweld heeft een nieuwe situatie gecreëerd. Het kamp van Mubarak heeft zijn tanden laten zien. Tegelijk heeft het door de doden en vele gewonden in de beeldvorming en moreel verloren. Het Tahrirplein is niet ontruimd. Veel Egyptenaren hebben alles gezien en zijn boos. Ook onder hen die het niet eens zijn met de demonstranten. En internationaal ligt het regime nog ernstiger onder vuur. Want als niet de president zelf of zijn partij de oorzaak is, dan heeft hij de brute aanvallen toch in elk geval toegelaten.

In de Verenigde Staten, maar ook elders, neemt de angst toe dat men te lang een foute vriend heeft gesteund en dat het land daardoor - net als Iran in 1979 - in totale chaos zal storten.

Wat rest, is onzekerheid. Waarbij veel, heel veel, afhangt van de vasthoudendheid van de demonstranten en van de keuze van het leger.