Nieuws

Doorschuiven

Het was zondag een schok die door de hele EU gevoeld is, met als epicentrum het treinstation in de Duitse stad München. Alle inspanningen ten spijt konden de autoriteiten daar de stroom van ruim zestienduizend vluchtelingen in twee dagen tijd niet meer wegwerken. Ook in andere steden raakt de opvang vol. Dus nam de Duitse regering een drastische maatregel: alle beschikbare politie-eenheden werden naar de grens met Oostenrijk gestuurd om weer grenscontroles uit te voeren en het treinverkeer uit dit land werd stilgelegd. Duizenden vluchtelingen werden in hun tocht naar het noorden gestopt, volle treinen bleven doelloos staan. En zelfs de Europese Unie, die de open grenzen tussen de lidstaten als leidend principe heeft, moest toegeven dat de Duitse reactie begrijpelijk en terecht was. Maar het was geen noodmaatregel.

Dit was een indringende boodschap aan de rest van de EU: ‘Dit gebeurt er als de paar landen die de last van de vluchtelingenopvang vrijwel alleen dragen, hun juk neerleggen.’ De beelden van vertwijfeling, de woorden ook van EU-voorzitter Jean-Claude Juncker dat de open grenzen als symbool van Europese integratie niet zonder de gezamenlijke aanpak van het vluchteli..

Maar alle controles ten spijt, wie gaat de vluchtelingen echt tegenhouden? En wat moet er met die tegengehouden of gecontroleerde vluchtelingen gebeuren? Terugsturen? Naar Syrië? Naar het wankelende Libanon? Naar de desolaatheid van de Jordaanse woestijn, waar honderdduizenden moeten zien te overleven op een rantsoen van twintig tot veertig cent per dag?


Meld u aan voor onze nieuwsbrief en lees dit artikel gratis

Vijf artikelen per maand gratis

Het belangrijkste nieuws in uw inbox

Duizenden mensen gingen u voor

Heeft u al een account? inloggen


Bij het aanmelden gaat u akkoord met onze privacyverklaring en de algemene voorwaarden .

Commentaar

meer ‘Commentaar’