11 juni 2013 om 09:35

Nieuws Paul van Geest

Leven heeft ontzettend veel zin

Een paar maanden geleden schreef ik een column over mijn moeder. Deze zorgde voor verreweg de meeste reacties op een van mijn columns ooit.

Zoals gezegd: mijn moeder is de weg aan het bewandelen die dr. Aloysius Alzheimer voor de mensheid in kaart heeft gebracht. De laatste maanden leek zij wel te snelwandelen. Inmiddels is zij dan ook zeer gastvrij ontvangen op de gesloten afdeling van Veenhage, een verpleeghuis in Nootdorp. Zij woont daar met nog vijf andere snelwandelaars.

Wat hen bindt, is dat zij niet of nauwelijks meer weten waar zij vandaan komen en waar zij naartoe moeten. Soms denkt de buurvrouw van mijn moeder wel dat zij ergens naartoe moet. Maar dat betreft dan een afspraak die 35 jaar geleden al nagekomen is. Mijn moeder bewoont een prachtige lichte kamer, die mijn zusje heeft ingericht. Maar de spullen die haar omringen, herkent zij eigenlijk niet meer.

bijdrage

Zelfs de vork, waarmee wij vroeger moesten leren eten, is voor haar een merkwaardig object geworden. Wat er tussen mijn moeder en mij moest worden uitgesproken aan vermoeidende maar vooral ook boeiende kwesties, is uitgesproken. Dat zou nu niet meer kunnen, want zinnen construeren kan zij niet meer. Wij communiceren op intonatie.

Daarom is het goed dat alles is uitgesproken. De lei is schoon en kan ook eigenlijk niet meer beschreven worden. Omdat alles wat moest worden gezegd is gezegd, ben ik ontzettend graag bij haar. Mijn bijdrage aan de kamerinrichting is dan ook een buitengewoon gemakkelijke stoel. In die stoel val ik gemakkelijk in slaap, zoals mijn moeder ook in haar rolstoel.

moeite

Zo vind ik bij mijn moeder wat ik in mijn prilste jeugd ook vond: een merkwaardig soort van rust. Pas als ik ga nadenken, word ik verdrietig en krijg ik vragen. Het is dus zaak niet te veel na te denken. Über allen Gipfeln ist Ruh, schreef Goethe in zijn tweede Wandrers Nachtlied. En zo is het, ook op de gesloten afdeling in Veenhage, als je er bent en niet te veel nadenkt.

De vraag of het leven van mijn moeder nog zin heeft, is in het bovenstaande natuurlijk al voor een deel beantwoord. Haar leven heeft ontzettend veel zin. Zij geeft rust aan degenen die belast en vermoeid zijn (Matteüs 11:28). Zeker als de zonnestralen in haar kamer haar gezicht verlichten. En zij geeft nog veel meer dan rust. Onze oudste dochter, Isabel, had er grote moeite mee dat haar grootmoeder haar niet meer naar bed kon brengen en voorlezen.

verdrietig

Maar op een gegeven moment ging er bij het meisje een soort knop om. Nu zorgt zij voor haar grootmoeder als zij met ons meegekomen is. Zij zorgt dat het kussentje goed in de rolstoel zit, maakt wat thee en vraagt of deze niet te heet is. Mijn moeder is voor haar een leermeester in zorgzaamheid geworden. Onnodig te zeggen dat het van het grootste belang is voor een samenleving te investeren in de zorg voor oude kwetsbare mensen. En in mooie, lichte kamers voor hen.

Zij leren de generaties na hen zorgzaamheid betrachten, zonder dat zij zich er misschien bewust van zijn. Dit alles neemt niet weg dat Harry Mulisch ook gelijk heeft, toen hij zei: het loopt altijd slecht af. En dat is heel verdrietig. Maar toch. Wie geen zin heeft om bergen te beklimmen kan toch bij mijn moeder de rust rond bergtoppen ervaren. En dat is dan weer niet verdrietig.

Prof. dr. Paul van Geest, hoogleraar kerkgeschiedenis en geschiedenis van de theologie aan de Universiteit van Tilburg; bijzonder hoogleraar Augustijnse Studies aan de VU.Hij schrijft maandelijks op deze plaats een column.

Columns

meer ‘Columns’