24 september 2012 om 10:47

Nieuws Gerard den Hertog

Een nieuwe Doorbraak?

In de verkiezingen van 12 september is één ding wel heel duidelijk geworden: de invloed van de partijen die zichzelf als christelijk presenteren, is drastisch gereduceerd. Er is alle reden voor herbezinning, bij iedereen. De SGP heeft er een zetel bij, heeft kiezers teruggewonnen, maar ook deze partij kan niet meer blindelings op haar aanhang rekenen. In 2010 stemden vele trouwe SGP-stemmers in Urk en ook elders op de PVV. Ze zijn nu op het oude nest teruggekeerd, maar wie één keer een electoraal uitstapje heeft gemaakt, kan dat zo maar weer doen, als een andere partij hem aanspreekt.

De ChristenUnie blijkt in de grote steden potentiële kiezers te hebben moeten afstaan aan andere meestal: seculiere partijen. Vermoedelijk is het geen incident, maar een trend. Niet alleen de Tweede Kamer is dus qua samenstelling veranderd, er hebben zich ook veranderingen onder de christenen zelf voorgedaan. Dat een orthodox-gereformeerd mens op een christelijke politieke partij stemt, is niet langer vanzelfsprekend.

Wat zit er achter dit veranderend stemgedrag? Ooit na de Tweede Wereldoorlog was er de Doorbraak. Christenen die vóór de oorlog CHU hadden gestemd, sloten zich nu aan bij de nieuwe socialistische partij, de PvdA. Dat kon ook, omdat die partij de oude scherpe wereldbeschouwelijke kanten had afgevlakt en christenen van harte in hun gelederen verwelkomde. De mensen die voor de Doorbraak pleitten, deden dat niet omdat ze enigszins vervreemd waren van het christelijk geloof, maar eerder omgekeerd. Ze waren vooral tegen de vermenging van christelijk geloof en partijpolitiek eigenbelang. De Bijbelse boodschap moest helder klinken, kritisch en bevrijdend. Ze wilden het christelijk geloof opnieuw in omloop brengen, ook in kringen waar men er afwijzend tegenover stond.

Vandaag zijn dergelijke geluiden opnieuw te vernemen bij sommige christenen, die recentelijk de overstap naar een seculiere partij hebben gemaakt. De situatie is ook anders, urgenter geworden. Christelijke partijen hebben niet langer de meerderheid, maar nemen in de huidige Kamer een marginale plaats in. De vraag of het nog veel zin heeft om vanaf de zijlijn te spreken en ook nog eens met een heel divers geluid laat zich niet negeren. In andere landen doen christenen actief mee in seculiere partijen. Zou dat in ons land ook niet kunnen? En vandaag misschien ook moeten?

Wat mij betreft zijn er twee punten die in deze discussie een belangrijke rol moeten spelen. Het eerste punt is dat we in de samenleving door de politiek krachtig gepropageerd te maken hebben met een schijnbare levensbeschouwelijke neutraliteit. We hebben als open en tolerante samenleving niets tegen joden, maar besnijdenis van jongetjes is een vorm van verminking en dus niet meer van deze tijd. Het klinkt allemaal heel redelijk en plausibel, maar het betekent wel dat godsdienstige tradities van eeuwen her onder het juk door moeten van wat wij redelijk en aanvaardbaar vinden. Als ik critici mag geloven, heeft men zakelijke argumenten pro besnijdenis van jongetjes die zijn er ook! eenvoudig genegeerd.

Het is om deze en andere redenen in de huidige situatie maar al te nodig dat er plaatsen zijn waar aan deze vanzelfsprekendheden getrokken wordt. Hebben we als Nederlandse samenleving de ware vrijheid wel zo ongeveer bereikt? Of is er reden om daar vragen bij te stellen ten bate van het geheel van de samenleving en de richting die we uitgaan? Dat is, dunkt me, ook de kern van de Bijbelse boodschap. Daarin gaat het niet om een aantal normen op zichzelf, maar op de bevrijding uit de schuld en de macht van de zonde, en daarin om de ware vrijheid en het leven.

Het tweede punt heeft hiermee te maken. Ik schreef net dat sommige christenen zich aansluiten bij een niet-christelijke partij om daar bewust en gericht invulling te geven aan hun geloof en levensovertuiging. Ik vrees dat zij een minderheid vormen onder de christenen die niet langer lid zijn van een christelijke politieke partij of daarop stemmen. CDAers zijn vooral naar de VVD gegaan en SGPers gingen naar de PVV.

In het huidige populistische klimaat is het lastig voor politici om bepaalde zaken voor te staan die tegen jouzelf ingaan. Je komt op voor de belangen van de werkgevers en de hardwerkende Nederlanders, of voor die van Jan Modaal. Maar ik heb Rutte noch Samson iets van een visioen horen ontvouwen, waarvoor je echt iets over mag en moet hebben. Ze kunnen ook niet rekenen op hun kiezers als mensen met een overtuiging, maar ze danken hun stemmen aan mensen die hun belangen veilig gesteld willen zien. Waar het visioen ontbreekt, verwildert het volk, lezen we in Spreuken 29:18.

Dr. G.C. den Hertog is hoogleraar systematische theologie aan de Theologische Universiteit van de Christelijke Gereformeerde Kerken te Apeldoorn. Hij schrijft op deze plaats maandelijks een column.

Columns

meer ‘Columns’