2 juni 2012 om 11:58

Nieuws Hilbrand Rozema

BNers

Zo groot is Nederland niet, BNers zie ik overal. Vorige week Marcel Wintels, zilvergrijs in de nek. Onberispelijk camelpak, licht streepje. Hij groef naar kleingeld op het station in Den Haag, weer uit de CDA-debatlucht van aangezichtspoeder en studiolampen.

Het mooie van voorbijgangerschap is de privacy. Een knikje bij herkenning, dat overkomt je. Maar het is eigenlijk niet de bedoeling. In ons land is de stilzwijgende etiquette dat BNers op straat als voetgangers onherkenbaar zijn een echo van Doe maar gewoon, dan doe je al gek genoeg. Een dag eerder zag ik in Haarlem Wubbo Ockels, hij was op de fiets. Een astronaut op de fiets! Dat is bijna hetzelfde als een fietser in het heelal.

Welkom in Nederland: zo zit je buiten de dampkring, zo sta je weer voor het stoplicht, of worstel je met de vergunning voor je dakkapel.Het was nog een huurfiets ook. Soms krijgen die momenten van voorbijgangerschap achteraf een lading, als betrokkene overlijdt. Boudewijn Büch, altijd scharrelde hij in hetzelfde rode honkbaljasje van tv. Hád hij wel andere kleren?Martin Bril, drie weken voor zijn dood: Mooie krant, het ND.

erfgoed

In Den Haag stak ik over. Een kantoorpui verkondigde: Immateriëel erfgoed in the picture! Het ging om iets groots. Iets met UNESCO. Ik popelde om door de draaideur naar binnen te roepen: Mijn taal!, maar zag op het nippertje dat je het Nederlands niet mocht noemen, want dan had er wel Immateriëel erfgoed in beeld gestaan. Op het strand bij Scheveningen liep een man met zijn vriendin.

Zij keurig en smaakvol gekleed, hij in zwembroek, spieren opgepompt, huidskleur kreeftachtig. Op zijn voorkant stond een ingewikkelde rebus van gotische letters en spinnen getatoeëerd. Hij keek alsof iedereen hem wel kende. Een onderwereld-BNer? Criminele astronaut, in eigen dampkring? De rebus kon ik zo gauw niet oplossen, en Nederland werd er ook niet eenvoudiger op. Maar zijn erfgoed was wel helemaal in the picture.

Columns

meer ‘Columns’