20 oktober 2018 om 03:00

Nieuws Reina Wiskerke

Tijs op televisie

Tijs van den Brink is een topper, dacht ik deze week als kijker van Pauw. Aan de talkshowtafel ontstond een mooi gesprek over het christelijke geloof, ook met dank aan zijn tafelgenoten. Alweer (na Beatrice de Graaf bij DWDD).

Van den Brinks programma Adieu God? komt zondag met de honderdste aflevering. Vandaar dat hij bij Pauw zat.

In Adieu God? vertellen BN’ers waarom ze van hun geloof zijn afgevallen. Ik twijfel weleens aan het concept. Elke keer iemand laten vertellen waarom hij/zij niet meer gelooft in God – moet je dat willen als omroep met een evangelische missie? Albert Heijn publiceert in Allerhande ook geen interviews met ex-klanten die vertellen waarom ze elders hun boodschappen doen.

Is er een andere aanpak mogelijk? Kan de EO niet beter een ongelovige BN’er in gesprek laten gaan met een gast die het christelijk geloof verdedigt? Het zou moeten kunnen, even aangenomen dat die BN’ers zich ervoor lenen.

Toch is het niet zeker dat het evangelie er dan beter afkomt. Zo’n programma wordt snel een wedstrijdje in scherpzinnig argumenteren. Wat gaat daarvan uit? Waarschijnlijk dat (on)geloof een kwestie is van de meeste overtuigingskracht. Ik denk bovendien dat ik als kijker dan geregeld meer verwantschap ga voelen met de ongelovige dan met de gelovige. Neem zo’n Gerri Eijkhof die onlangs in Adieu God? vertelde over zijn zwartgallige rooms-katholieke jeugd. Eijkhofs gedachten over het voordeel van níét geboren zijn, boven wél geboren zijn, herken ik. En ik zou vrezen dat als er een ‘verdediger van het geloof’ tegenover hem zat, die er snel korte metten mee zou maken. Alsof dergelijke gedachten – dat je niet weet of je liever wel dan niet geboren zou willen zijn – een gelovige vanzelfsprekend vreemd zijn. Tijs begon zich als interviewer ook al over Eijkhofs sombere gedachten te verbazen, wat niet erg is, als maar duidelijk blijft dat die verbazing bij Tijs hoort, of bij zijn interviewtechniek, en niet bij zijn geloof.

Adieu God? levert interessante gesprekken op. Wat het uitwerkt, valt niet te berekenen. Het is misschien juist de valkuil van de missie van de EO, dat die ertoe uitdaagt het onmogelijke te doen: de missionaire kracht van programma’s berekenen. Het geloof is tenslotte geen supermarkt.

De EO zou zich wel moeten richten op het laten bloeien van christenen in de media: gelovige én vakkundige presentatoren. Er is telkens nieuwe kweek nodig en die krijg je niet door BN’ers in te zetten met sympathie voor het geloof, wat een tijdje usance is geweest. Tijs wil tenslotte de politiek nog in, zo bevestigde hij woensdag nog eens.

Het was knap, zoals hij zich bij Pauw opstelde. Hij durfde zijn bijzondere godservaring (een engel aan zijn bed) publiekelijk te koesteren, zonder uit te sluiten dat die voortgekomen was uit zijn eigen brein. Hij distantieerde zich van de suggestie van een tafelgenoot dat geloven ten diepste gaat om het vermeende effect: een warm laagje over je leven, met uitzicht op een hiernamaals. Jeroen Pauw wist overigens zelf al haarfijn te benoemen dat dit ‘Happinez-geloof’ niet bij Tijs hoort. Grappig was dat.

Tafelgenoot Lilianne Ploumen maakte op haar beurt een klapper door niet de hémel maar de hél als unique selling point van het hiernamaals naar voren te schuiven. Kijk, zo krijg je een geloofsgesprek dat boven clichés uitstijgt.

Columns

meer ‘Columns’