27 juli 2019 om 03:00

Wim Dekker: Waarom een moeder haar ivf-kliniek aanklaagt
Wim Dekker doet onderzoek naar informele netwerken en doceert sociologie aan de Christelijke Hogeschool Ede.
Nieuws Wim Dekker

Wim Dekker: Waarom een moeder haar ivf-kliniek aanklaagt

Onlangs berichtte de NOS over een moeder die door een fout van de ivf-kliniek niet haar eigen zoon had gedragen. De bevruchte eicel was, met een tweede bevruchte eicel, bij de verkeerde vrouw geplaatst. Na de geboorte bleek dat de dragende moeder niet haar eigen kinderen had gedragen. Ze waren zelfs niet genetisch verwant. De ivf-kliniek velde een salomonsoordeel. De (draag)moeder moest de kinderen, na verrichte arbeid, afstaan. Het kind werd in een hotellobby aan de biologische moeder (en vader) overhandigd.

De biologische moeder klaagt de ivf-kliniek nu aan wegens aangedaan leed. In het bericht werd het emotioneel onrecht breed uitgemeten: ‘Door deze kliniek heb ik mijn eigen kind niet kunnen dragen, kon ik niet bij de eerste momenten van zijn leven zijn, hem voeden, voelen, zijn moeder zijn. ... Je wilt je eigen kind toch niet in een hotellobby ontmoeten? … Het is mijn zoontje. Er was nooit een moment dat hij niet van mij voelde. Zelfs al voordat ik hem kreeg, was hij van mij.’ De moeder brengt ook nog empathie op voor de draagmoeder (tegen wil en dank): ‘Het is zo’n aardige vrouw. Ik ben haar eeuwig dankbaar dat ze mijn baby gedragen heeft en bid dat God haar ooit ook een eigen prachtkind geeft’.

moederschapsbeleving

Het loont om wat nader in te zoomen op de taal die hier gebezigd wordt, en de moraal die hiermee wordt ingebracht. Want deze ouders hadden als gevolg van vruchtbaarheidsproblemen geen moeite met een onnatuurlijke vorm van bevruchting via ivf. Maar nu trommelen zij in hun aanklacht vooral op de betekenis van natuurlijk moeder- en ouderschap. Het is voor deze vrouw volstrekt vanzelfsprekend dat zij haar eigen kind had willen dragen. Het dragen van je eigen kind wordt hier voorgesteld als iets waardevols, iets intiems, iets wat betekenisvol is voor je moederschapsbeleving (en wellicht ook voor de hechting van haar kind). Je bloedeigen zoon, door een ander gedragen en gebaard, overhandigd krijgen in een hotellobby wordt als een volstrekt inferieure start van het ouderschap neergezet. Ze verpakt haar weerzin in een retorische vraag: wie wil zoiets?

Opmerkelijk is hoezeer deze moeder de aanvang van haar moederschap verlegt van het moment in de hotellobby naar het moment waarop de bevruchte eicel geplaatst is bij de draagmoeder. Haar zoon was al van haar voordat zij iets van zijn bestaan afwist. Het feit dat zij leverancier waren van eicel en spermatozoïde, maakt dit echtpaar – in de ogen van deze moeder – onbetwist tot eigenaar van deze zoon. Dat een andere vrouw negen maanden dit kind heeft gedragen, gekoesterd en uiteindelijk zelfs gebaard, geeft háár geen enkele aanspraak op dit kind. De genetische band wordt hier tot de kern van het ouderschap verheven.

heilige grond

Toen ik het artikel las, liet ik mij direct meenemen door deze natuurretoriek. Het zit ook zo diep in ons en in ons rechtssysteem. De biologie heeft onze gezins- en familiecultuur gevormd en gekleurd. Niemand betwist biologische ouders hun ouderschap, ook al zijn er kinderlozen die veel meer verlangen naar een kind en ook al zijn die misschien veel geschikter voor het ouderschap. En zonder enige aarzeling spreken wij biologische ouders aan op hun verantwoordelijkheid als vader of moeder: ‘Even geen zin hebben in ouderschap kan, maar je bent nu eenmaal moeder van deze dochter. Daar mag je niet voor weglopen.’ Die hele biologische voortplantingslijn – bevruchting, kinderen dragen en baren, vader of moeder zijn – heeft iets magisch. Je stoot daar op een essentie van het mens-zijn, die wij van oudsher in verbinding met God of goden hebben gebracht. Het is als heilige grond, waar je op je tenen omheen loopt.

Behalve als je in een ivf-kliniek werkt. En als je alleen of samen buiten die natuurlijke voortplantingscyclus staat. Dan wordt de natuurlijke ethiek tijdelijk opgeschort en construeer je zelf een gezin. En gaat het in eerste instantie alleen om cellen en techniek. Maar als er gekozen moet worden tussen techniek en natuur, krijgt de natuur het laatste woord. Iedereen voelt blijkbaar aan dat in techniek iets vervreemdends schuilt.

Columns

meer ‘Columns’