*

aangepast op 4 januari 2021 om 15:34

Column

Wageningen was en is rijk aan idealisten, biologische pluktuinen en duurzame winkeltjes

Wageningen. In 2021 is het dertig jaar geleden dat ik er ging studeren aan de toenmalige Landbouwuniversiteit. Ik voelde me er direct thuis. Niet het minst vanwege het groene imago. Wageningen was en is rijk aan idealisten, biologische pluktuinen en duurzame winkeltjes. Ik omarmde de biologische landbouw. Geen kunstmest en bestrijdingsmiddelen, het stimuleren van natuurlijk gedrag bij dieren: dat móést wel goed zijn. Waarom zagen niet alle christenen dit in? De wetenschap leerde mij de waarde van wetenschappelijke bewijzen en ontkrachtte zo een aantal mythes.

zes mythes

1. Biologische zuivel gezonder? Biologisch gehouden koeien eten meer weidegras dan koeien die voornamelijk in de stal verblijven. Daardoor bevat biologische zuivel meer omega-3-vetzuren, wat goed is voor hart en bloedvaten. Maar zuivel van niet-biologisch gehouden koeien die weidegras eten, bevat ook meer omega-3-vetzuren.

2. Veganistisch eten gezonder? Het kan zeker geen kwaad voor de gemiddelde westerling om minder dierlijke producten te consumeren. Maar plantaardig voedsel kan ons lichaam minder goed verteren dan dierlijk voedsel. Dat betekent enerzijds dat je er meer van moet eten om aan je benodigde voedingsstoffen te komen en anderzijds dat er meer afval (=uitwerpselen) ontstaat. Daarnaast zitten bepaalde vitaminen en mineralen wel in plantaardige producten, maar vaak in een slecht opneembare vorm.

Mijn leven baseren op wat goed voelt, is onverstandig.

3. Mensen lijden honger voor het lekkere vlees dat wij per se willen eten? Daarin zit de veronderstelling dat alle vleesvee met graan wordt gevoerd. Als dat zo zou zijn, zou er een groot tekort aan graan zijn. Dat is er niet. Er is juist een overschot. Daarom zijn er gebieden in Noord-Amerika waar varkens en rundvee met graan worden gevoerd. Maar voor het overgrote deel eet vleesvee wat ongeschikt is voor menselijke consumptie - bijvoorbeeld bierbostel, gras, sojahullen en palmpitschilfers.

4. Mensen lijden honger terwijl er een graanoverschot is? Er is inderdaad geen voedseltekort, want onze God voorziet. Er is wel een verdelingsprobleem. Gevoed door angst creëren we handelsbelemmeringen en delen we niet zoals we zouden moeten.

5. Alle veehouderij afschaffen om de uitstoot van broeikasgassen aanzienlijk te verminderen? Dan komt de voedselvoorziening in gevaar. 75 procent van alle landbouwgrond is ongeschikt om hoogwaardig graan te verbouwen. Daar kunnen alleen maar gras of laagwaardige gewassen groeien. De enige manier om het gras geschikt te maken voor menselijke consumptie is door er koeien, schapen en geiten te weiden. Vervolgens produceren ze de melk die wij drinken. Vlees van afgekeurde melkkoeien komt daarna in de supermarkt te liggen.

6. De wetenschap is ook maar een mening? Nee, de wetenschap tóétst meningen door zorgvuldig en nauwkeurig onderzoek. Over de uitkomsten kan gediscussieerd worden. Goede wetenschappers zijn nieuwsgierig en staan open voor verrassingen. Ze weten dat achter iedere beantwoorde vraag tien nieuwe vragen opdoemen. Er is steeds meer kennis, maar de raadsels worden ook groter. Voor christelijke wetenschappers een reden om hun Schepper te eren.

laatste woord

De wetenschap heeft niet het laatste woord, dat heeft God. Ik sta niet in dienst van de wetenschap, ik sta in dienst van Jahweh. Tegelijk zie ik de wetenschap als een geschenk van Hem, in het besef dat zij haar beperkingen heeft.

Soms baal ik van de uitkomsten van wetenschappelijk onderzoek. Ik ben een natuur- en gevoelsmens. De sfeer rond de biologische landbouw, bewust leven, milieubescherming: het spreekt mij aan. Het is zorgen voor Gods schepping. Maar wetenschappelijke bewijzen negeren en mijn leven baseren op mythes en op wat goed voelt, is onverstandig.

Dit geldt toch ook voor geloven? Mijn geloof is gebaseerd op de feiten van Jezus’ geboorte, sterven en opstanding. Dat vraagt kruis dragen van mij. Dit voelt niet goed, maar is wel de juiste keuze.

Columns

meer ‘Columns’