Ik en mijn huis: Kind

Bekijk dit artikel in de Digitale Editie

Elke avond lees ik onze jongste een verhaaltje voor, voordat ze naar bed toegaat. Sinds kort leert ze lezen. We praten over het enkelvoud en meervoud van woorden. Ze ziet het woord ‘kind’ staan. Vreemd is dat je aan het eind een ‘t’ hoort, terwijl er een ‘d’ staat. Ik leg haar uit dat als je het woord langer maakt, je het verschil hoort. ‘Je hebt een kind. En als je er twee hebt, heb je ...?’ ‘Een tweeling’, zegt ze. We moeten erom lachen. Ik probeer het nog een keer: ‘Als je meer dan een kind hebt, dan heb je ...?’ ‘Een gezin.’

PDF Print Stuur door

Elke dag onze nieuwsbrief?