Feuilleton: Waterval (66)

wvttk
Bekijk dit artikel in de Digitale Editie

66. Iedere keer weer schoot ik bezweet en angstig overeind om hijgend mijn donkere slaapkamer rond te kijken, al mijn spieren tot het uiterste gespan­nen, klaar om tot redding over te gaan. En iedere keer weer drong de waarheid als een scherpe pijnscheut door mijn slape­rige brein: ze is dood. En ik was er niet om haar te helpen.

Evelien buigt zich over de tafel en pakt het bord met beschuit­kruimels weg. ‘Ik word zenuwachtig van dat geveeg over dat bord’, verklaart ze en met een enorme slok drinkt ze haar mok thee leeg.

‘En wat bezielt je om dat arme kind op zwemles te houden?’ vraagt ze …
PDF Print Stuur door

Elke dag onze nieuwsbrief?