Theologenblog: Kunnen we nog iets met de Bijbel?

Hans Burger. |beeld nd Theologenblog
Hans Burger. |beeld nd | beeld ND

Het gesprek over de vraag of vrouwen straks mogelijk ambtsdrager kunnen worden in de Gereformeerde Kerk vrijgemaakt (GKv), is – zo toont de publieke discussie binnen en buiten deze kerken – verknoopt geraakt met een andere, dieperliggende vraag. Kunnen we nog iets met de Bijbel, of is die Bijbel vooral een boek van vroeger?, schrijft Hans Burger.


Die tweede vraag is van groter belang dan de eerste. Dat beide in de GKv met elkaar verweven zijn, is logisch. Lang had dit kerkverband over veel punten een stellige mening. Dat vrouwen geen ambtsdrager mogen zijn, was een sjibbolet voor rechtzinnigheid en een identiteitscriterium in het eigen oecumenische netwerk. Daardoor raakte de m/v-kwestie nauw verweven met vragen rond vrijzinnigheid en relativisme. Toch gaat het hier in werkelijkheid om twee soorten vragen die onderscheiden moeten worden. Anders gaat het mis.

Ik zie het nu al gebeuren: mensen die cynisch worden. Vroeger wisten we het zo zeker, haha. Of relativistisch. Of zelfs hun geloof verliezen. Wat kan ik nog met de Bijbel? Ik weet het allemaal niet meer. Dan ligt die laatste grote vraag niet ver weg: bestaat God wel? De onvruchtbare verknoping van twee soorten vragen wordt zichtbaar, wanneer je vraagt welke betekenis iemand toekent aan een besluit voor vrouwelijke ambtsdragers.

Het kan gezien worden als een stap richting vrijzinnigheid, door voor- en tegenstanders. ‘Vroeger waren we tegen vrouwelijke ambtsdragers. Toen kon dat nog, toen waren de tijden anders. Maar in onze cultuur doen we dat anders, en we kunnen niet anders dan ons aanpassen aan onze cultuur.’ Wanneer je de twee discussies niet nadrukkelijk van elkaar losmaakt, zal het inderdaad voor deze mensen waar zijn. De beslissing voor vrouwelijke ambtsdragers is dan een beslissing om aan de cultuur een veel grotere rol te geven.

Zo’n besluit kan ook gelden als een stap richting relativisme. ‘Vroeger wisten we zeker wat er in de Bijbel stond, nu weten we het niet meer zo zeker. Vroeger was ik tegen vrouwelijke ambtsdragers, nu niet meer.’ En op de vraag waarom, volgt geen echt antwoord. Voor dit relativisme zijn tegenstanders terecht bang. Opnieuw geldt: wanneer de twee discussies ongemerkt met elkaar verbonden blijven, is voor deze mensen de beslissing vóór vrouwelijke ambtsdragers direct verbonden met ruimte geven aan relativisme.

Er is echter nog een andere mogelijkheid. Het aanstellen van vrouwelijke ambtsdragers kan ook gezien worden als consequentie van het evangelie, zoals ook de afschaffing van slavernij dat was. Nergens in de Bijbel staat dat het niet goed is om slaven te hebben. Toch is de slavernij afgeschaft omdat in Christus het onderscheid tussen slaaf en vrije wegvalt. Iedereen is vrij in Christus. Geen weldenkend christen zal de slavernij nog verdedigen. Zo kan ook het aanstellen van vrouwelijke ambtsdragers gezien worden als gevolg van het evangelie. Kijk hoe Jezus met vrouwen omging. Denk aan de identiteit van erfgenaam en kind van God die mannen én vrouwen krijgen, samen met Jezus. Let op de gaven die God aan vrouwen geeft. De ongelijkheid die door de zonde de verhouding van mannen en vrouwen heeft aangetast, wordt in de heiliging weggenomen. Nu wordt naar mannen en vrouwen gekeken vanuit een levensveranderend evangelie.

Of die laatste mogelijkheid het bij het rechte eind heeft, daar kan het gesprek over vrouwelijke ambtsdragers over gaan. Maar belangrijker is de vraag of je dat gesprek voert vanuit een lage of hoge verwachting van wat de Bijbel zegt. Waarom zou je voor zijn? Vanwege vrijzinnigheid of relativisme? Of vanuit een Bijbelse kijk op de wereld? Hetzelfde speelt trouwens bij veel meer discussies die snel als sjibbolet fungeren.
Ook voorbij de lastige vragen rond vrouwelijke ambtsdragers zullen christenen samen moeten nadenken over de rol die de Bijbel in hun leven speelt. God gebruikt de Bijbel om zijn gezag over ons leven uit te oefenen en ons leven door de Geest nieuw te maken. Alleen door dicht bij de Bijbel te blijven, kunnen we in Christus blijven. We blijven immers in Hem, wanneer zijn Woord in ons blijft. Kiezen we voor vrijzinnigheid, voor relativisme, of voor de Bijbel als de wereld waarin we willen wonen, leven, groeien, naar Christus toe, wellicht met een blijvend verschil van mening over vrouwelijke ambtsdragers?

Hans Burger is universitair docent systematische theologie aan de Theologische Universiteit Kampen. Hij schrijft dit blog als lid van de gezamenlijke onderzoeksgroep BEST (Biblical Exegesis and Systematic Theology) van de Theologische Universiteiten in Apeldoorn en Kampen.

PDF Print Stuur door

Dagelijkse nieuwsbrief

Gerelateerde artikelen:

Nieuws