Theologenblog: Geen ‘diakenen’ in Nieuwe Testament, wel gaven om te ‘dienen’

Theologenblog
beeld nd

‘Diaconie’ was in de vroegste kerk geen taak of ambt, maar de ‘dienst’ die het leven van elke christen kleur geeft, beschrijft Michael Mulder. Daarbij mogen in de kerk zo veel mogelijk mensen ingeschakeld worden.

Er is in het Nieuwe Testament geen duidelijke taakomschrijving te vinden voor het werk van een diaken, zoals wij dat kennen in de kerk. Wel geeft de Bijbel aanwijzingen voor de goede houding om dat werk te kunnen doen. Dat is de conclusie van een proefschrift dat onlangs verdedigd werd aan de Radboud Universiteit. Gert Breed, gereformeerd predikant in Zuid-Afrika, verbindt in zijn boek The Diakon-Word Group in the New Testament and Congregational Ministry exegese en praktijk. Beide krijgen in zijn dissertatie even veel aandacht, wat in de academische wereld opmerkelijk is en interessante resultaten oplevert. Hoe kan een goede uitleg van de bijbelteksten waarin het woord ‘diaconie’ voorkomt, verbonden worden met de praktijk van een gewone gereformeerde kerk in Zuid-Afrika?

Breed laat vanuit Handelingen 6 zien, dat de ‘diakenen’ die daar worden aangesteld, zich niet zozeer richten op wat wij ‘diaconaal werk’ noemen. Integendeel, deze diakenen bidden en bedienen het Woord, net als de apostelen. Het verschil is dat zij dat ook bij de mensen thuis doen. De apostelen preekten waarschijnlijk in de tempel en kwamen op een gegeven moment tijd tekort om ook nog bij iedereen thuis het woord te bedienen. Daarom werden er zeven diakenen aangesteld. Deze komen in dezelfde dienst te staan, maar gaan deze meer toespitsen. Zij passen het woord van de apostelen, als ooggetuigen van Jezus, toe bij de mensen thuis aan tafel.

Handelingen 6 bevat daarom geen voorschriften voor het ambt van diaken. Dat was er volgens Breed nog niet. Wel geeft deze geschiedenis een aantal aanwijzingen voor hoe men dingen moet organiseren in een gemeente, als er onvrede komt omdat er zaken blijven liggen.

De studie van Breed gaat vervolgens na hoe het woord ‘diaconie’ verder voorkomt in het Nieuwe Testament. Slechts een enkele keer heeft dit betrekking op een speciale taak die iemand heeft in de kerk. Meestal gaat het om de ‘dienst’ die het leven van elke christen kleur moet geven.

Jezus zelf is gekomen om te dienen, in gehoorzaamheid aan de Vader en uit bewogenheid met mensen (Marcus 10:45). Diezelfde motivatie zal elk van zijn volgelingen hebben, zegt Hij: Hem volgen betekent dienen, net als Hij deed. Dat betekent bovendien dat zijn dienaren zullen komen, waar Hij op dat moment is (Johannes 12:26). Daarmee bedoelt Hij dat dit dienstwerk lijden zal meebrengen.

Petrus tekent in zijn brief het leven van een christen ook als ‘dienstwerk’ waardoor je deel krijgt aan het lijden van Christus (1 Petrus 4:10, 13). De oudsten in de gemeente zullen daarin voorgaan (1 Petrus 5:3). Door in liefde te dienen zijn ze spiegel van de liefde van Jezus en op die manier vertegenwoordigen zij God. Dat is de kern van Bijbelse diaconie: God vertegenwoordigen door te dienen.

Deze focus van ‘diaconie’ helpt de dienst van ambtsdragers en gemeenteleden dicht bij elkaar te houden. Breed legt daar terecht veel nadruk op. In reflecties op het ‘diakenambt’ in Handelingen 6 wordt soms te veel ingelezen, waarbij men uitgaat van de huidige praktijk. Dat hoofdstuk heeft een heel andere spits. Het moedigt aan creatief na te denken over de vraag hoe taken in de gemeente door zo veel mogelijk mensen met eigen gaven ingevuld kunnen worden. De apostelen stellen een voorbeeld in hun liefdedienst, door zich bewust te beperken in het werk dat zij doen en anderen in te schakelen. Ook dat is een vorm van echte diaconie, die heilzaam is in de gemeente van vandaag, waar vaak te veel taken op de schouders van te weinig mensen komen te liggen.

PDF Print Stuur door

Elke dag onze nieuwsbrief?

Nieuws