Theologenblog: De kinderen van Unicef en Rachel

<p>Jaap Dekker</p> Theologenblog

Jaap Dekker

| beeld nd

Dat zoveel kinderen slachtoffer zijn van geweld klaagt de mensheid aan bij God. Het roept allerlei waaromvragen op. De Bijbel geeft er geen antwoord op, schrijft Jaap Dekker.

In 2017 was een schokkend aantal kinderen slachtoffer van geweld in conflictgebieden. In Irak en Syrië werden kinderen gebruikt als menselijk schild. Soldaten in Myanmar ontzagen kinderen niet bij hun aanvallen op de Rohingya-minderheid. Bij geweldsexplosies in Centraal-Afrika werden ook talloze kinderen gedood, verkracht of ontvoerd. In Nigeria en Kameroen dwong Boko Haram vijf keer zoveel kinderen als in 2016 om zelfmoordterrorist te zijn. Meer dan negentienduizend kinderen werden geronseld door gewapende troepen in Zuid-Soedan. Er zouden gemakkelijk nog meer gruweldaden te noemen zijn.

Unicef, de VN-organisatie die opkomt voor de rechten van kinderen wereldwijd, bracht deze gegevens juist op 28 december naar buiten. In de Rooms-Katholieke traditie is dat de Dag van de Onnozele (lees: Onschuldige) Kinderen. Dat verwijst naar het bijbelverhaal over de kinderen van Betlehem die door koning Herodes werden vermoord. Het is geen prettig deel van het kerstverhaal, maar hoort er wel bij. Kerst is geen romantisch gebeuren. Jezus werd geboren voor en in een wereld vol onrecht.

Om de kindermoord in Betlehem te duiden, haalt de evangelist Matteüs een woord van de profeet Jeremia aan, over Rachel die huilt om haar kinderen en niet getroost wil worden. De aanvankelijk kinderloze Rachel staat in de Bijbel symbool voor het verdriet van Israël bij de wegvoering van haar kinderen in ballingschap (Jeremia 31:15). In de kerstdagen staat zij opnieuw symbool, nu voor het verdriet van de moeders van Betlehem (Matteüs 2:18). De huilende Rachel kan ook vandaag symbool staan voor alle moeders wereldwijd die rouwen om wat hun kinderen wordt aangedaan. Belangrijk dat Unicef aandacht voor deze kinderen vraagt en dat de Bijbel ook hun moeders op het oog heeft.

Dat zoveel kinderen slachtoffer zijn van geweld klaagt de mensheid aan bij God. Wat drijft de volken, wat bezielt ze toch? Het roept ook allerlei waaromvragen op. De Bijbel geeft er geen antwoord op, ook niet in het verhaal over de kinderen van Betlehem. Wel laat dit verhaal zien welke duistere tegenkrachten er werkzaam zijn als Jezus geboren wordt en hoezeer deze wrede wereld verlossing nodig heeft. God riep de paranoïde Herodes geen halt toe met engelenlegers. In plaats daarvan ging Jezus op de vlucht.

Het is treffend dat Matteüs het verdriet van Rachel gewoon laat staan. Hij citeert Jeremia, maar houdt precies op waar de profeet nog woorden van troost laat volgen. Er zijn situaties waarin tranen alle ruimte moeten krijgen en troostwoorden te vroeg komen. Kerst is nog maar het begin. Een veelbelovend begin, maar zonder kruis en opstanding zal het niet gaan. Zoals het bij Jezus’ wederkomst ook niet zonder oordeel zal gaan. Alle duistere machten zullen het veld moeten ruimen. Tot dan blijft Rachel huilen. Ik huil met haar mee, ook om al die kinderen uit de conflictgebieden vandaag. Rachels klacht moet blijven klinken: Tot hoe lang oordeelt en wreekt U het bloed van mijn kinderen niet? (vgl. Openb. 6:10) Alleen God zelf kan Rachel troosten.

Jaap Dekker is bijzonder hoogleraar op de Henk de Jong-leerstoel 'Bijbelonderzoek en identiteit in Nederlands Gereformeerd perspectief' aan de Theologische Universiteit te Apeldoorn.

PDF Print Stuur door

Wil je elke dag onze nieuwsbrief met gratis artikel?

Nieuws