Opinie: Na pauze van zeven jaar schreef ik me in als kerklid

Kerken vragen steeds meer, zoals bij het drinken van goede wijn of whisky, een ontwikkelde smaak van je, die nu eenmaal met de jaren komt. Opinie
Kerken vragen steeds meer, zoals bij het drinken van goede wijn of whisky, een ontwikkelde smaak van je, die nu eenmaal met de jaren komt. | beeld istock
Bekijk dit artikel in de Digitale Editie
Mijn zestienjarige ‘ik’ wist het zeker: wie Jezus écht wil volgen, moet buiten de kerk wezen. Of in elk geval buiten de christelijke subcultuur.

Wat jaren later manifesteerde ik me zelfs even als christenanarchist: Jezus was gekomen om de orde der dingen omver te werpen. En kerken horen natuurlijk bij die orde, zo redeneerde ik. Had Jezus niet ook al de hele tijd ruzie met de farizeeërs van zijn tijd?

Ik was wat extreem in mijn temperamenten, ik geef het grif toe, maar als het gaat om het uitdragen, uitleggen en verdedigen van hun geloof laten ook minder burgerlijke gelovigen de kerk doorgaans liever achterwege.

Je gelooft omdat je het voorbeeld van Jezus wilt volgen, omdat het je innerlijke rust geeft, omdat het richting aan je leve …
PDF Print Stuur door

Elke dag onze nieuwsbrief?