Touwtrekken om nut peutermelk

Nederland
beeld istock en nd
Bekijk dit artikel in de Digitale Editie

‘Geef kleine kinderen peutermelk om schade te voorkomen’, was de conclusie van een onderzoek dat maandag werd gepresenteerd. Maar niet iedereen vindt dat een peuter verrijkte poedermelk nodig heeft om ijzer- en vitamine D-tekorten tegen te gaan.

Den Haag

‘Flauwekul’, noemt lactatiekundige en kinderdiëtist Stefan Kleintjes het onderzoek. Hij was in 2015 de winnaar van de Benelux Borstvoedings-award en is er groot voorstander van om kinderen zolang mogelijk moedermelk te geven: ‘Tot minimaal twee jaar, maar zolang als moeder en kind dat willen. Het is wetenschappelijk bewezen dat borstvoeding tot het derde of vierde levensjaar het beste is.’

Het baart Kleintjes vooral zorgen dat kindervoedingsproducent Nutricia het onderzoek heeft gesponsord met eigen peutermelk. ‘Dan volgt er uiteraard een onderzoeksconclusie die in het eigen voordeel is. Een soort “Wij van Wc-eend adviseren Wc-eend”-boodschap. Er worden keurig een paar specialisten bijgehaald, maar je ziet gelijk op Twitter: ook gewone moeders gaan steigeren bij dit nieuws. Je hoeft niet gestudeerd te hebben om te zien dat dit een flut-onderzoek is.’

altijd verkeerd

Daar is kinderarts en onderzoeker Frank Brus het niet mee eens. Hij is initiatiefnemer van het veelbesproken onderzoek en staat er nog steeds vierkant achter: ‘Ik had niet verwacht dat het zoveel ophef zou veroorzaken. Waarschijnlijk komt het vooral doordat mensen het onderzoeksartikel niet goed of niet volledig lezen. Hoe genuanceerd je ook bent over samenwerking met Nutricia, het wordt altijd verkeerd uitgelegd.’

In een eerder onderzoek naar ijzertekort bij kinderen in de Randstad, ontdekte Brus dat een vijfde van die groep daarmee te kampen heeft. ‘Omdat ijzerdruppels vies smaken en kinderen ze dus niet graag slikken, werd ik benieuwd of voedingsmiddelen een oplossing zouden kunnen zijn. Daarnaast wisten we uit andere onderzoeken dat het tekort aan vitamine D een probleem is onder kleine kinderen, dus ook die factor namen we mee in het onderzoek. Ik heb geen laboratorium tot mijn beschikking voor het ontwikkelen van de voeding en heb daarom Nutricia benaderd.’

Die producent hapte toe, verstrekte de peutermelk en hielp bij de opzet van het onderzoek. Brus: ‘Maar ik heb zelf de onderzoeker betaald. Ik ben heel blij met de hulp en ondersteuning van Nutricia, maar heb altijd zelf de bewerking en interpretatie van de gegevens in handen gehouden. Ik ben absoluut vrij geweest in dit onderzoek.’

Het onderzoek is uitgevoerd onder ruim driehonderd peuters tussen de 1 en 3 jaar. De kinderen kwamen grotendeels uit Duitsland, maar ook uit Nederland en voor een klein gedeelte uit Engeland. Aan het begin van de studie werd er bloed afgenomen. Twaalf procent van de peuters bleek een ijzertekort te hebben en ruim twintig procent een tekort aan vitamine D. De kinderen kregen vervolgens twintig weken lang de peutermelk van Nutricia óf een preparaat van koemelk in poedervorm.

Kinderarts Brus: ‘Dat ging helemaal geblindeerd. Zowel de onderzoekers als de deelnemers wisten dus niet welk kind wat kreeg.’ Na die twintig weken werd er opnieuw bloed afgenomen. ‘Bij de kinderen die de peutermelk kregen, bleef het ijzergehalte hetzelfde, maar het vitamine D-gehalte verbeterde. De peuters die de koemelk kregen, scoorden na de onderzoeksperiode op beide factoren slechter.’

zieke kinderen

Kleintjes bekritiseert de onderzoeksgroep: ‘Die bestaat uit kinderen die al in het ziekenhuis lagen. Dan vind je hoogstwaarschijnlijk andere vitamine D- en ijzerwaarden dan bij de gemiddelde peuter. De meest toegeruste voeding is moedermelk – nog los van positieve bijkomende effecten van geborgenheid en hechting.’ Brus onderschrijft die psychologische voordelen: ‘Dat is inderdaad het beste voor de moeder-kindbinding en is ook gunstig vanwege de afweerstoffen. Maar na vier tot zes maanden neemt het ijzer- en vitamine D-gehalte in borstvoeding af en dan is het belangrijk om bijvoeding te geven. Zeker omdat de behoefte aan ijzer toeneemt wanneer je kind groeit, vanwege het grotere volume bloed.’

Volgens Brus is de onderzoeksgroep wél representatief voor de gemiddelde peuter: ‘Het klopt dat de kinderen die we onderzochten in het ziekenhuis kwamen, maar dat was voor eenvoudige chirurgische ingrepen, zoals een liesbreuk. Omdat ze daarvoor toch al een infuus kregen en we dus gelijk bloed konden afnemen, was het gemakkelijker ouders te overtuigen mee te werken aan dit onderzoek. Kinderen met actieve infecties hebben we juist geweigerd.’

Brus is nog steeds trots op het onderzoek: ‘Eigenlijk zegt het al genoeg dat het onderzoek is gepubliceerd in het gezaghebbende The American Journal of Clinical Nutrition.’

Kinderarts Brus en lactatiekundige Kleintjes strijden beiden voor gezonde kindervoeding. Kleintjes: ‘Je moet in de basis zorgen dat het goed geregeld is, in plaats van naar dure producten te verwijzen. Zorg dat zwangeren goed gevoed zijn, help en ondersteun moeders in de borstvoeding, laat kinderen lekker buitenspelen en eet gezond.’

Brus: ‘Ik wil benadrukken dat iedereen zijn best moet doen voor gezonde voeding; ouders doen dat ook vaak echt. Peuters kunnen heel slechte eters zijn; dat kan je wanhopig maken. We weten hoe belangrijk vitamine D en ijzer zijn. Die peutermelk moet niet in plaats van gevarieerd voedsel komen, maar kan wel een mooie toevoeging zijn.’ <

fruithapje met druppels kan ook

Jannet Leeuwdrent (25) is 32 weken zwanger en verwacht halverwege maart haar eerste kindje. ‘Het eerste jaar wil ik sowieso borstvoeding geven. Over wat daarna komt, ben ik mijn mening nog aan het vormen. Ik las op internet dat peutermelk wordt aangeraden vanwege het ijzer- en vitamine D-gehalte. Maar ik denk dat een gezond en gevarieerd voedingspatroon eigenlijk belangrijker is. Door fruit te eten – en daarmee vitamine C – neem je vitamine D bijvoorbeeld makkelijker op. Als je dus wat van die druppels met ijzeroplossing en vitamine D toevoegt aan een fruithapje, ben je volgens mij ook een heel eind. Die toevoegingen hoeven niet per se uit melk te komen. Ik weet überhaupt nog niet of ik wel zuivel wil geven als mijn borstvoedingsperiode erop zit, aangezien dat ook flink onder vuur ligt. Tegenwoordig heeft iedereen wel iets over voeding te zeggen. Door alle tegenstrijdigheden vertrouw ik instanties als het Voedingscentrum niet meer compleet. Ik denk dat consultatiebureaus vaak wel weten wat ze zeggen. Op dit moment probeer ik zelf gevarieerd te eten, zowel voor mezelf als voor de ontwikkeling van ons kindje. Ik slik voedingssupplementen voor aanstaande moeders en merk het direct aan mijn lichaam als ik bijvoorbeeld te weinig magnesium binnenkrijg.

poedermelk uit gemakzucht

Tamara Wieles (26) werd anderhalf jaar geleden voor het eerst moeder. Zoon Micah krijgt gewone koemelk. ‘Dat is een heel bewuste keuze. Hij heeft nooit poedermelk gehad. Ik heb lang borstvoeding gegeven: tien maanden. Daarna lukte dat niet meer omdat ik coschappen ging lopen. Het consultatiebureau adviseerde toen peutermelk, maar we willen Michah vrij van geraffineerde suikers opvoeden. Die zitten volop in Nutrilon. Dan liever de natuurlijke koemelk die wij ook gewoon drinken. Micah eet al heel lang met ons mee. We zijn gelijk met vast voedsel begonnen, volgens de Rapleymethode. Hij krijgt elke dag zijn vitamine D-druppels, komt genoeg buiten en groeit goed. Peutermelk wordt gepresenteerd als de oplossing, maar is ergens ook gemakzuchtig. Volgens mij is het je taak als ouder om je kind te leren eten en daar ook met z’n allen gezellig van te genieten. Het onderzoek verbaast me, maar ik laat me er niet door beangstigen. Al kan ik me goed voorstellen dat het van invloed is op je beslissing. Zeker bij een eerste kind is het een hele worsteling om de goede keuzes te maken. Dan merk je dat ook deskundigen niet altijd voldoende kennis hebben. Ik hoop dat mensen er voor durven kiezen om soms een andere weg te gaan dan de geadviseerde.’

gewoon van alles een beetje

Merel Goedhart (28) is getrouwd met Aart. Hun zoontje heet Mees en is anderhalf. Hij krijgt drie soorten melk: Nutrilon dreumesmelk (van de producent Nutricia), Alpro Groeidrink van sojamelk en halfvolle koemelk. ‘Als kind had Aart koemelkallergie en daarom is hij er nog steeds voorzichtig mee. Mees had regelmatig oorontsteking in het eerste jaar. Toen opperde mijn schoonmoeder dat hij er ook weleens gevoelig voor zou kunnen zijn. Sindsdien geven we dus maar van alles een beetje: dreumesmelk, koemelk en sojamelk. Daar zit verder niet echt een theorie achter. We denken gewoon: als hij van niets teveel krijgt, zitten we wel goed. Alles wordt tegenwoordig zo ontzettend onder de loep genomen dat je niet meer weet welke beslissing het beste is. Zelfs over sojamelk lees je nadelen en risico’s. Gelukkig vindt Mees alles even lekker. Ik heb de eerste drie maanden borstvoeding gegeven; meiden in mijn omgeving doen dat soms wel een jaar. Onderzoeken als deze maken me niet echt bang. Het zal allemaal wel goedkomen, denk ik dan. De nadruk op vitamine D komt misschien doordat iedereen tegenwoordig zoveel binnen zit en dus zonlicht mist. Ik geef meestal wel de vitamine D-druppels die ze op het consultatiebureau adviseren en we komen regelmatig buiten.’

Bijlagen

Fotoserie, 4 foto's
PDF Print Stuur door

Elke dag een nieuwsbrief

Elke dag het ND