Te weinig oog voor oudere migranten

In de Haagse Schilderswijk wonen nogal wat niet-westerse ouderen. Nederland
In de Haagse Schilderswijk wonen nogal wat niet-westerse ouderen. | beeld anp / Bart Maat
Bekijk dit artikel in de Digitale Editie

Oudere migranten in Nederland kampen vaak met veel financiële, sociale en medische problemen. Beleidsmakers zijn zich daar onvoldoende van bewust, meent Lucia Lameiro García van het Netwerk van Organisaties van Oudere Migranten.

Den Haag

Migranten van 65 jaar en ouder kunnen vaak niet goed meekomen in de Nederlandse maatschappij. Ze spreken gebrekkig Nederlands en hebben weinig kaas gegeten van regels en procedures, zegt Lameiro García. ‘Hierdoor weten ze bijvoorbeeld vaak niet hoe ze een zorgtoeslag moeten aanvragen, terwijl ze daar wel recht op hebben.’ Ook is hun financiële situatie vaak slechter dan gemiddeld, blijkt uit recent onderzoek van het Sociaal en Cultureel Planbureau. Van de 65-plussers met een bijstandsuitkering was in september dit jaar 71 procent niet-westers migrant. Het bruto jaarinkomen van een niet-westerse 65-plusser ligt gemiddeld op 18.000 euro, dat van Nederlandse 65-plussers op ruim 24.000 euro.

Volgens Lameiro García van het Netwerk van Organisaties van Oudere Migranten (NOOM) is de overheid zich onvoldoende bewust van de problemen van oudere migranten. ‘Vorige week hadden we een lezing over de financiële en medische problemen onder oudere migranten voor beleidsmakers en ambtenaren. De monden vielen open toen ze de cijfers hoorden. Ik denk dat oudere migranten zich terecht niet gehoord en gezien voelen.’ NOOM vraagt vandaag aandacht voor het probleem op een seminar in Den Haag over de positie van oudere migranten. Het ministerie van Volksgezondheid, Welzijn en Sport kon desgevraagd nog geen reactie geven op de klacht van NOOM over de rol van de overheid.

Het aantal 65-plussers onder eerstegeneratie-immigranten neemt toe, vertelt Jeroen Ooijevaar van het Centraal Bureau voor de Statistiek. 'De laatste tien jaar is het aandeel 65-plussers onder Turken en Marokkanen met meer dan tien procentpunt gestegen.' En dus treffen de medische en financiële problemen steeds meer oudere migranten, zegt Ooijevaar. Hoewel ouderen met een kleine beurs een aanvulling op hun bijstandsuitkering kunnen aanvragen, komen niet-westerse migranten hiervoor vaak niet in aanmerking, vult Lameiro García aan. ‘Voor een aanvulling op de bijstand mag je maar heel weinig eigen vermogen hebben. Veel oudere Turken en Marokkanen hebben een huisje in Turkije of Marokko. Daardoor loop je zo 200 euro per maand mis.’

Het lage inkomen van oudere migranten heeft ook gevolgen voor hun sociale leven. Ze kunnen soms geen contributies voor verenigingen betalen en hebben minder geld om familie in binnen- en buitenland op te zoeken. Lameiro García: ‘Als een oudere een uitje heeft via bijvoorbeeld een vereniging of de moskee, moet hij daarvoor vaak een eigen bijdrage betalen. Denk aan de benzinekosten voor busreizen. Vanwege die kosten moeten ze afhaken en krimpt hun sociale leven.’

gezondheid

Ouderen met een migrantenachtergrond kampen verder ook met meer gezondheidsproblemen dan autochtone ouderen, weten ze bij de Geneeskundige Gezondheidsdienst Amsterdam. De GGD onderzocht vijf jaar geleden in de vier grote steden – Amsterdam, Rotterdam, Den Haag en Utrecht – de fysieke en geestelijke gezondheid onder ruim tienduizend ouderen. Daarvan hadden er 1300 een niet-westerse migratieachtergrond. Zij hebben meer chronische aandoeningen dan autochtone senioren, verklaart GGD-woordvoerder ­Esther Groot. ‘Zestien procent van de Nederlandse ouderen heeft diabetes, tegenover 53 procent van de Marokkaanse 65-plussers.’

Turkse en Marokkaanse ouderen hebben volgens het onderzoek twee keer zo vaak last van bewegingsproblemen als Nederlandse ouderen. De GGD denkt al enige tijd na over manieren om de verschillen te verkleinen. Zo ontwikkelde ze in samenwerking met NOOM en fysio- en ergotherapeuten een speciaal programma voor valpreventie. Daarbij werd gebruikgemaakt van de kennis van het Trimbosinstituut. ‘Als ouderen bang zijn om te vallen, gaan ze minder snel de deur uit, wat hun sociale isolement vergroot. Om zo veel mogelijk Turken, Marokkanen en Surinamers te bereiken, geven we de cursussen in hun eigen taal en zijn er ook flyers in die talen beschikbaar. Ook hebben we cursusgroepen waar mannen en vrouwen gescheiden zijn. Zo kunnen we meer oudere migranten bereiken met preventieve hulp.’ Of een dergelijke aanpak voldoende is om de gezondheid van oudere migranten te verbeteren, kan Groot niet zeggen.<

PDF Print Stuur door

Wil je elke dag onze nieuwsbrief met gratis artikel?