In memoriam: Eberhard van der Laan 1955-2017

Eberhard van der Laan nog als minister in de Tweede Kamer. |foto ANP/Valerie Kuypers Nederland
Eberhard van der Laan nog als minister in de Tweede Kamer. |foto ANP/Valerie Kuypers

AMSTERDAM - Eberhard van der Laan, tot voor kort burgemeester van Amsterdam, is donderdagavond overleden. Van der Laan werd 62 jaar. Hij was al geruime tijd ziek.

Van der Laan was sinds juli 2010 burgemeester van Amsterdam. Hij was de opvolger van Job Cohen, die enkele maanden eerder leider van de Partij van de Arbeid geworden was. Van der Laan genoot veel gezag en vertrouwen in de hoofdstad.

Begin 2017 schreef Van der Laan in een open brief aan alle Amsterdammers dat hij ernstig ziek was. Er was uitgezaaide longkanker bij hem geconstateerd. Hij liet weten z’n werk te blijven doen. ‘Ik blijf graag nog een tijdje burgemeester.’

Van der Laan was geliefd in Amsterdam. Dat bleek uit de reacties op zijn open brief. Amsterdammers uit alle lagen van de bevolking toonden hun meeleven. Documentairemaker Fem Verbeek maakte een film waarin Amsterdammers een belofte deden aan Van der Laan. Een handelaar in oud ijzer beloofde nooit meer met justitie in aanraking te zullen komen, een zanger zei dat hij altijd liedjes zou blijven schrijven over ‘het leven in deze prachtige stad’. In Het Parool verklaarde Verbeek, de maker van de film, waarom Amsterdammers zo geëmotioneerd reageerden op de ziekte van hun burgemeester. Het had te maken met zijn ziekte, maar ook met de manier waarop hij burgemeester was: ‘Helder, duidelijk, daadkrachtig. Hij geeft wat vertrouwen terug in de politiek.’

calvinistisch

Eberhard Edzard van der Laan (Leiden, 28 juni 1955) groeide op in Rijnsburg in een gereformeerd gezin met zes kinderen, van wie hij de jongste was. In de oorlog zaten zijn ouders in het verzet. Zijn moeder verloor haar geloof in God die alles in z’n hand heeft, toen ze begreep wat er in de oorlog met de Joden was gebeurd. Zijn vader was huisarts en lid van de gemeenteraad namens de Antirevolutionaire Partij, een van de voorlopers van het CDA. De calvinistische achtergrond van Van der Laan is meermalen opgevoerd als verklaring voor zijn hoge arbeidsethos en sterke verantwoordelijkheidsgevoel.

Van der Laan studeerde rechten aan de Vrije Universiteit, waar hij in 1983 cum laude afstudeerde. Hij was toen al enkele jaren assistent van de Amsterdamse wethouder voor volkshuisvesting Jan Schaefer (PvdA), bekend om zijn daadkracht en pragmatische instelling. Van der Laan is ‘een kind van Jan Schaefer’ genoemd.

Van 1990 tot 1998 was hij lid van de Amsterdamse gemeenteraad, vanaf 1993 voorzitter van de PvdA-fractie. Bij zijn aantreden zei hij in De Waarheid: ‘Ik wil geen professioneel politicus zijn…  en daar bedoel ik mee dat je politiek moet bedrijven uit bevlogenheid, omdat je jezelf opwindt over bepaalde zaken.’ Die stijl week af van de partijcultuur in de Amsterdamse PvdA rond 1990, die vergeleken werd met het verstarde communistische systeem in de Sovjet-Unie (‘Brezjnjev aan de Amstel’).

sociaaldemocraat

Van der Laan liet zich leiden door sociaaldemocratische idealen en vond sociaaldemocraat een eretitel. In de Groene Amsterdammer legde hij uit waarom: ‘Omdat het staat voor: drinken uit een oude bron van idealen, zoals solidariteit en emancipatie. (…) Het staat voor offensief en zelfvertrouwen: problemen zijn er om op te lossen.’ Van der Laan wilde een moderne sociaaldemocraat zijn, ‘in die zin dat de overheid niet de oude pretentie heeft van: je kan het effe regelen’.

Van der Laan verliet de gemeentepolitiek in 1998 en wijdde zich aan zijn werk bij advocatenkantoor Kennedy Van der Laan, waarvan hij medeoprichter en partner was. Hij bedacht ook de slogan van het kantoor: ‘Goed, leuk, commercieel, maar niet asociaal.’ Van der Laan was gespecialiseerd in letselschade en aansprakelijkheidsrecht. Volgens zijn biograaf Kemal Rijken nam hij altijd zaken aan die kansrijk waren en had hij oog voor de sociale kant van een zaak. Door de sterke groei van het kantoor verhuisde het naar een groot pand, waar niet gerookt mocht worden. ‘Slechts op de kamer van één rokende medewerker mocht gerookt worden. Dat was die van Van der Laan’, zei Rijken in het tijdschrift Quote.

naar Amsterdam

In 2008 keerde Van der Laan terug in de politiek. Hij werd minister van Wonen, Wijken en Integratie in het kabinet-Balkenende IV. Hij was de opvolger van Ella Vogelaar, die tussentijds was afgetreden. Na de val van het kabinet ging hij terug naar Amsterdam. Als burgemeester maakte hij indruk door zijn heldere manier van communiceren, zijn invoelingsvermogen en zijn daadkracht. Dat bleek onder meer tijdens een omvangrijke zedenzaak in december 2010, toen duidelijk werd dat tientallen kinderen uit enkele kinderdagverblijven waren misbruikt door een medewerker. Van der Laan ging er op bezoek en sprak met ouders en medewerkers. Hoogtepunt in zijn burgemeesterscarrière was de troonswisseling op 30 april 2013, die in orde en rust verliep.

Van der Laan was een stugge roker en een harde werker, die geregeld werkweken van tachtig uur maakte. Hij had een relatie met Luit Tabak, met wie hij twee kinderen had; in 2000 gingen zij uit elkaar. Van der Laan trouwde in 2005 met Femke Graas, een medewerkster van zijn advocatenkantoor, die 23 jaar jonger was dan hij. Zij kregen drie kinderen. In 2012 kwam Tabak bij een verkeersongeval om het leven.

Op 18 september was Van der Laan zo ziek dat verder werken niet mogelijk meer mogelijk was. In een afscheidsbrief aan alle Amsterdammers schreef Van der Laan: ‘Het was een groot voorrecht burgemeester te zijn van de mooiste en liefste stad van de wereld.’ Hij besloot met: ‘Zorg goed voor onze stad en voor elkaar.’

Lees ook:

PDF Print Stuur door

Wil je elke dag onze nieuwsbrief met gratis artikel?

Nieuws