Hoe ouder, hoe mooier

Zotsknodde, doethamer, lampenpoetser, ruggenklopper, pluis, donzen, duikelaar, henneballen, rietsigaren. De lisdodde heeft in de loop der eeuwen nogal wat bijnamen gekregen. Vrijwel alle volksnamen hebben te maken met de wonderlijke vorm van de aren, met kinderspelletjes of met ouderwetse toepassingen van deze kolven.

Mooi en jong horen bij elkaar, terwijl lelijk en oud eveneens een logische combinatie vormen. De meeste bloemen zijn het allermooist als ze net open zijn, terwijl ze daarna ieder uur een klein beetje van hun schoonheid verliezen. Als ze eenmaal uitgebloeid zijn, kijkt vrijwel niemand er nog naar om. Maar gelukkig zijn er enkele uitzonderingen op deze regel. De lisdodde is een mooi voorbeeld. De aren van deze plant springen maandenlang in het oog. Hoe ouder, hoe mooier. Het spul van de vorige zomer staat er nu nog steeds prachtig bij. Zelfs het uit elkaar vallen van de kolven is eigenlij …
Dit is 5% van het artikel.

Wil je verder lezen?

24 uur nd.nl voor maar € 2,-

Paywall
PDF Print Stuur door

Wil je elke dag onze nieuwsbrief met gratis artikel?