Bam! Een knietje van de verpleeghuisbewoner

Mensen blijven langer thuiswonen, waardoor de zorg in verpleeghuizen complexer wordt. Nederland
Mensen blijven langer thuiswonen, waardoor de zorg in verpleeghuizen complexer wordt. | beeld anp / Koen Suyk
Bekijk dit artikel in de Digitale Editie

Personeel in verpleeghuizen krijgt geregeld te maken met agressieve bewoners. Met simpele handelingen kan zeker een derde van dat probleemgedrag voorkomen worden.

Ede

Het begint vaak met achterdocht bij verpleeghuisbewoners. Ze weigeren medicijnen, omdat ze denken dat ze vergiftigd worden. Dat kan overgaan in schelden en dreigen, slaan en trappen. Of ze drijven hun omgeving tot wanhoop door zonder duidelijke aanleiding aanhoudend te roepen.

‘Probleemgedrag in het verpleeghuis is er in vele soorten en maten’, zegt Ronald Geelen, psycholoog en gedragstherapeut in een verpleeghuis in Breda. ‘En het komt veel voor. Tachtig tot negentig procent van de mensen met dementie heeft last van een of meer van dit soort gedragingen. En je ziet het ook bij bijvoorbeeld mensen met hersenletsel, een verstandelijke beperking en bij mensen met psychiatrische problemen.’

Lastig gedrag van patiënten op somatische verpleeghuisafdelingen staat vrijdag centraal op een congres in Ede, georganiseerd door de organisatie Congressen MetZorg. Dat gedrag kan een gevolg zijn van bijvoorbeeld een hersenbeschadiging, dementie of persoonlijkheidsstoornis. ‘Ik heb het meegemaakt toen ik een mevrouw een steunkous aantrok’, zegt Marcellino Bogers, die het congres organiseert en zelf in de zorg heeft gewerkt. ‘Dat vond ze niet fijn en ze gaf me een knietje in mijn gezicht. Ik weet dat ze daar niets aan kan doen, maar dan vergaat het lachen je wel.’

scholing

Personeel is volgens Bogers vaak niet toegerust om goed te reageren op agressief gedrag. ‘Scholing in verpleeghuizen hoort er officieel bij, maar het komt er vaak niet van. Ik weet van mensen die heel graag kennis willen opdoen, maar de kans niet krijgen.’

Dat moet anders, vindt Carien ­Geertse, inspecteur bij de Inspectie voor de Gezondheidszorg. ‘Verplegend personeel moet ondersteund worden door hun leidinggevenden en moet voortdurend geschoold worden. Omgaan met mensen met dementie is echt een vak.’

Op dit moment hebben in Nederland ongeveer 250.000 mensen dementie, in 2040 waarschijnlijk een half miljoen. Dat verklaart tevens de toegenomen aandacht, zegt Carien Geertse van de inspectie. ‘Mensen blijven langer thuiswonen, waardoor de zorg in verpleeghuizen complexer wordt. Wij concentreren daar steeds ziekere mensen die dit gedrag kunnen vertonen. En doordat ze later opgenomen worden, reageren ze minder goed op hun nieuwe omgeving. Dat vraagt veel van de zorgmedewerker.’ Zelf spreekt ze liever van ‘onbegrepen gedrag’ dan van ‘probleemgedrag’. Want mensen met dementie kunnen ook in hun schulp gaan kruipen.

Gedragstherapeut Ronald Geelen snapt dat wel. ‘Die term “onbegrepen” laat zien dat iemand geen klier voor zijn plezier is, maar dingen doet of laat waar we de oorzaken niet van kennen.’

Bij een op de zeven gevallen waarbij een verzorgende een bewoner met dementie wast of kleedt, is er sprake van knijpen of slaan, zegt Geelen ‘Het water is net te warm of te koud, de bewoner vindt het niet nodig om gewassen te worden of heeft een kort lontje. Hoe groter de mate van dementie, hoe minder rem er is en hoe groter de kans op agressie. Als taal ontbreekt, dan spreken de handen en de voeten, zou je kunnen zeggen. En ook oude mensen met dunne armen kunnen dan gevaarlijk zijn.’

Veel zorgverleners denken dat dergelijk gedrag erbij hoort, terwijl het wel belastend is om geregeld geslagen of geknepen te worden. Algemene richtlijnen om dat te voorkomen, werken niet; er is altijd maatwerk nodig, stelt Geelen, die zelf met personeel in verpleeghuizen meeloopt om te kijken of situaties te verbeteren zijn.

Vaak zijn de oplossingen even eenvoudig als effectief, zegt hij. Zo raken patiënten vaak geprikkeld doordat er bij het wassen over hun huid gewreven wordt. In zo’n geval kan de verzorgende beter deppen in plaats van wrijven. En sommige mensen reageren vanuit schaamte – die willen niet helemaal uitgekleed worden. Dan kan het beter werken om eerst het bovenlichaam te verzorgen en daarna het onderlichaam, zodat iemand nooit helemaal naakt is. Of ze overreageren als je in de schaamstreek komt, dan kun je een natte handdoek om het kruis draperen en iemand zo even laten weken.

‘Als je heel goed kijkt welke handelingen weerstand oproepen, kun je die vervangen door handelingen die de persoon wel verdraagt. Als dat bijvoorbeeld aankleden is, kun je iemand een hemd aantrekken van rekbare stof, of een hemd dat twee maten groter is. Als je zo de hele zorg doorloopt, heb je al dertig tot veertig procent minder probleemgedrag.’

Uit onderzoek van Trimbos blijkt dat diverse beroepsverenigingen voor verplegend personeel hiervoor richtlijnen hebben (‘maak een gedegen analyse van het gedrag’; ‘behandel de oorzaak van het gedrag, niet het gedrag zelf’; ‘grijp niet te snel naar medicatie’). Maar in de praktijk worden die richtlijnen slechts mondjesmaat toegepast. Ze zijn lang niet bij al het verzorgend personeel bekend, en bieden te veel standaardoplossingen voor een complexe praktijk.

De Inspectie voor de Gezondheidszorg kwam vorig jaar tot ongeveer dezelfde conclusie: de visie is er wel, maar medewerkers kennen die lang niet altijd. Dat levert risico’s op, schrijven de Trimbos-onderzoekers, zoals onnodige escalatie van de situatie, onnodig gebruik van rustgevende medicatie, overbelasting van de verzorgenden en ontevreden familieleden. <

let op je houding

Verzorgenden kunnen agressie van patiënten verminderen door hun eigen gedrag aan te passen, zegt Rolf Tijssen, trainer coaching en weerbaarheid. De houding van de verzorgende is bepalend voor hoe iemand met dementie of hersenletsel reageert. ‘Rust, houding en manier van benaderen zijn de drie manieren om agressie tegen te gaan. Heb je onrust in jezelf, dan geeft dat een vorm van onrust en onmacht bij de ander.’ Tijssen leert verzorgend personeel hun lichaamstaal te verbeteren, om zo beter contact te kunnen maken met bewoners in het verpleeghuis. ‘Ik leer de mensen de nul-houding: de voeten dertig centimeter uit elkaar, iets door de knieën, recht aankijken, buik in, armen langs het lichaam. Dan sta je neutraal, en dat geeft rust en zelfvertrouwen. En let ook op wat je met je handen doet, dat is heel belangrijk. Ook mensen met hersenletsel of dementie voelen haarscherp aan of je zelf goed in je vel zit.’

PDF Print Stuur door

Elke dag onze nieuwsbrief?