Stilgezet : Rechters 1:23 en 24 - Verrader

Bekijk dit artikel in de Digitale Editie

Rechters 1:23 en 24

Toen de verkenners een man uit de stad zagen komen, zeiden ze tegen hem: ’Als u ons wijst hoe we in de stad kunnen komen, zullen wij u goed behandelen.’ De man wees hun aan hoe ze de stad konden binnenkomen.

De verkenners wisten dat het bijna onmogelijk was Betel ongezien binnen te sluipen. Zouden ze misschien een bewoner om kunnen kopen? Daar zat een gevaarlijke kant aan. Zo’n man of vrouw zou hen kunnen verraden. En dan was er de stem van het geweten. Was omkopen wel eerlijk? Of paste het juist goed in de strijd tegen afgoden? De verkenners wachtten af. De bewoners lieten zich niet zien. Uiteindelijk kwam er een man langs. De verkenners deden hun voorstel en de man nam het aan. Voor het verraden van zijn stad zou hij als beloning in leven mogen blijven.

De verkenners zagen dit als Gods zegen over hun plan.

PDF Print Stuur door

Elke dag onze nieuwsbrief?