Stilgezet: Ezechiël 4:5 - Eeuwen schuld

Bekijk dit artikel in de Digitale Editie

Ezechiël 4:5

Driehonderdnegentig dagen lang geef ik je die last te dragen, één dag voor elk jaar dat het volk van Israël schuldig is geweest.

Meer dan een jaar op je éne zij liggen, dag en nacht! Dat is toch niet vol te houden. Nu blijkt verderop dat Ezechiël tussendoor zelf zijn eten moest klaarmaken. Dus er waren wel momenten dat hij even mocht opstaan en dat zijn gemartelde lijf even pauze kreeg van die zware druk. Maar evengoed was deze opdracht een verschrikking.

Dat praatte zich natuurlijk rond onder de ballingen van Tel-Abib. Zelfs al kwamen ze nooit bij ­Ezechiël op bezoek, ze wisten het. En op momenten dat Ezechiël mocht spreken, hoorden ze van Gods woede over hun grote schuld, bijna vier eeuwen lang opgestapeld. Het was al begonnen in de tijd van Salomo! Elke dag dat Ezechiël zo pijnlijk moest lijden, stond voor de schuld van een compleet jaar.

Kun je zoiets negeren?

PDF Print Stuur door

Elke dag onze nieuwsbrief?