Stilgezet: Ezechiël 3:4-5 - Naar Israël

Bekijk dit artikel in de Digitale Editie

Ezechiël 3:4-5

Daarop zei de stem tegen mij: ‘Mensenkind, ga naar de Israëlieten en breng hun mijn woorden over. Ik stuur je niet naar een onverstaanbaar volk met een onbegrijpelijke taal, maar naar het volk van Israël.’

Mensen met een onbegrijpelijke taal is Ezechiël de laatste jaren genoeg tegengekomen. Dat versterkte het gevoel van balling-zijn: er niet bij horen, moeten leven in een angstaanjagend grote wereld. En al die vreemden kennen Jahwe niet! Is het de bedoeling dat wij hun over Jahwe vertellen? Maar hoe doe je dat als je zelf zo bang bent dat Jahwe van jou niets meer wil weten?

En dan zegt de HEER: nee, naar die vreemden stuur Ik jou niet. Ik stuur je naar ‘het huis van Israël’. Ik zie jullie nog steeds als een compleet volk, als een huisgezin, niet als een stel verwaaide ballingen. En met alle pijn in mijn eigen hart over jullie wangedrag wil Ik met júllie praten.

PDF Print Stuur door

Elke dag onze nieuwsbrief?