Stilgezet: 2 Samuël 4:4 - Mefiboset

Bekijk dit artikel in de Digitale Editie

2 Samuël 4:4

Er was ook nog een zoon van Sauls zoon Jonatan. Hij was mank. Dat was zo gekomen: Toen hij vijf jaar oud was kwam uit Jizreël het bericht over Saul en Jonatan. Zijn voedster tilde hem op om te vluchten, maar in haar haast om weg te komen liet ze hem vallen, zodat hij kreupel werd. Zijn naam was Mefiboset.

Hij was altijd pappa’s grote jongen. Maar toen ging pappa weg om tegen de Filistijnen te vechten. En op een dag was er angstig geschreeuw, ze riepen dat pappa dood was en opa Saul ook. En de voedster pakte hem op alsof hij nog maar een klein jongetje was, hij voelde haar angst, hij klemde zich aan haar vast, maar toen vielen ze, die armen lieten hem los en daarna was er alleen maar pijn.

Pas later begreep hij wat dit betekende. Hij was niet meer een grote jongen, maar een eenzaam kind dat moeizaam voortstrompelde. En hij hoorde de mensen zeggen: aan hem heb je niks. 

PDF Print Stuur door

Elke dag onze nieuwsbrief?