Stilgezet: 1 Samuël 25:21 - Koning

David was nog steeds vreselijk kwaad: Wat denkt die vent wel? Heb ik daarom al die tijd zijn bezittingen beschermd? Ik had het net zo goed kunnen laten! Nog niet één schaap is hij kwijt, en wat krijg ik? Stank voor dank!

Met afgebeten stem gaf hij zijn commandos, met strakke gebaren gespte hij zijn eigen wapenriem om. Maar pas als ze het kamp verlaten, barst hij los. En iedereen stemt grimmig in. Toch vergeet David één ding (en laten we dat in alle bescheidenheid bedenken, wel wetend hoeveel wij zelf vergeten als onze opgekropte drift naar buiten komt), namelijk, dat hij straks koning zal zijn óók voor de mensen die daar niet om gevraagd hebben. Ook voor de ondankbaren en de kortzichtigen. Dát is koninklijk zijn: dat je het goede zoekt voor iedereen. En dat je niet vraagt om loon of erkenning. Een ko …
Dit is 54% van het artikel.

Meer lezen?

24 uur nd.nl voor maar € 2,-

Paywall
PDF Print Stuur door

Dagelijkse nieuwsbrief