Nominaties Bonhoeffer-onderscheiding

Geloof
beeld ap en nd
Bekijk dit artikel in de Digitale Editie

Pater Frans? Angela Merkel? Malala Yousafzai? Wie van hen krijgt de Bonhoeffer-onderscheiding?

In februari verschijnt een glossy over Dietrich Bonhoeffer, de Duitse verzetsstrijder, dubbelspion, ethicus, theoloog, predikant en schrijver, die tot op de de dag van vandaag voor velen een inspirerend en fascinerend christen is. ChristenUnie-leider Gert-Jan Segers is hoofdredacteur van het magazine. Daarin wordt ook de Bonhoeffer-onderscheiding toegekend aan een persoon van deze tijd die mensen inspireert tot Godsvertrouwen, moed en daadkracht.

De redacties van de Bonhoefferglossy, een uitgave van Lente Media en het Nederlands Dagblad hebben voor de onderscheiding drie personen kandidaat gesteld: Pater Frans, Angela Merkel, Malala Yousafzai.

De onderscheiding gaat naar de genomineerde die via een peiling de meeste stemmen krijgt. U kunt uw stem uitbrengen via nd.nl/bonhoeffer

Pater Frans van der Lugt

Er is een overeenkomst tussen Dietrich Bonhoeffer en Frans van der Lugt, de jezuïetenpater die bijna twee jaar geleden door Syrische rebellen werd vermoord. Bonhoeffer besloot in Duitsland te blijven toen de nazi’s christenen gingen vervolgen die zich tegen het bewind van Hitler verzetten.

Bonhoeffer liep ook gevaar gearresteerd te worden. In 1939 week hij uit naar de Verenigde Staten, om te ontkomen aan een oproep voor militaire dienst. Maar hij voelde zich er zo schuldig over, dat hij al gauw naar Duitsland terugkeerde.

Pater Frans van der Lugt bleef in Syrië toen daar een burgeroorlog uitbrak. Hij woonde op landgoed Al Ard (‘het land’) bij de Syrische stad Homs, waar hij onderdak bood aan veertig jonge mensen met een verstandelijke beperking die thuis geen verzorging kregen. Ze werkten in de wijngaard van het landgoed en verbouwden er groente.

Na het uitbreken van de burgeroorlog, in 2011, verhuisde Van der Lugt naar een jezuïetenklooster in een christelijke wijk in Homs. Hij bleef daar, ook al kwam het klooster in de vuurlinie te liggen. Van der Lugt bevond zich in het gebied van de rebellen, enkele honderden meters verder heerste het regeringsleger. De meeste inwoners van de stad ontvluchtten het oorlogsgeweld, alleen zieken, zwakken, ouderen en armlastigen bleven achter. Van de duizenden christenen die vroeger in Homs woonden, waren er nog 28 over.

Zij vonden steun bij pater Van der Lugt, die iedereen hielp, christen en moslim. In januari 2014 was de toestand zeer nijpend geworden. Er was gebrek aan voedsel en medicijnen. De mensen sneden het groen tussen de stoeptegels vandaan om ’s avonds in de soep te doen. Niettemin bleef Van der Lugt in Homs. ‘Ik blijf bij mijn mensen, ik ben de herder van mijn schapen’, zei hij.

Van der Lugt bracht het grootste deel van zijn leven in het Midden-Oosten door. In 1964 vertrok hij na een studie filosofie in Nijmegen naar Beiroet, de hoofdstad van Libanon, waar hij Arabisch ging studeren, om zich dienstbaar te kunnen maken voor de jezuïeten in het Midden-Oosten.

Van der Lugt was rooms-katholiek van huis uit. Hij werd geboren op 10 april 1938 in een voornaam katholiek gezin in Den Haag, waarvan de vader directeur van de Nederlandse Creditbank was. Frans (doopnamen: Franciscus Joseph Wilhelmus) was het tweede kind, er zouden er nog vier volgen, onder wie broer Godfried, die topman van de Postbank en de ING Groep werd en in 2011 moest opstappen als commissaris van de ING wegens ‘een privékwestie met de belastingdienst’.

Frans van der Lugt trad in 1959 toe tot de orde van de jezuïeten. Lange tijd hadden jezuïeten niet zo’n goede naam, omdat ze werden geassocieerd met vergaande bekeringsijver en een twijfelachtige moraal. Jezuïtisch was een synoniem van onoprecht en dubbelhartig. Tegelijk hebben de jezuïeten een lange traditie van zorg aan zieken en behoeftigen. Hun ijver en discipline zijn vermaard, evenals hun kritische zin: het is geen toeval dat paus Franciscus en Huub Oosterhuis tot de orde van de jezuïeten behoren.

Frans van der Lugt werd in 1971 na een theologische studie tot jezuïetenpriester gewijd. Vijf jaar later vertrok hij als gepromoveerd psycholoog naar Syrië, waar hij tot zijn gewelddadige dood in april 2014 zou werken, eerst in Aleppo en Damascus, vanaf 1993 in Homs. Kort na het begin van de burgeroorlog vertelde hij op een Belgische blog, dewereldmorgen.be, over zijn werk in Homs. Op het landgoed Al Ard konden moslims en christenen mediteren, er was een keramiekwerkplaats voor gehandicapte kinderen, uit de wijngaard kwamen jaarlijks vijftigduizend flessen wijn, er waren sportvelden en een motel voor veertig gasten. Elke donderdag en vrijdag ontving Van der Lugt tientallen jongeren uit heel Syrië.

In zijn blog schreef Van der Lugt dat hij weinig van de rebellen verwachtte. Ze vormden geen eenheid, brachten de democratie niet naderbij en gingen wreed en gewelddadig te werk. In Homs was ‘een ware oorlog tussen twee goed gewapende partijen’ aan de gang.

In 2011 verhuisde Van der Lugt naar een jezuïetenklooster in de christelijke wijk Bustan al-Diwan in Homs, waar hij zijn laatste, moeilijke jaren doorbracht om de noodlijdende achterblijvers te helpen. Lange tijd hoorde men niets van hem, tot hij zich in januari 2014 met een videoboodschap tot de wereld richtte. Zijn gelaat was mager, bleek en geel.

Op maandagmorgen 7 april 2014 werd hij door gemaskerde mannen uit zijn woning gehaald. Zij schoten hem twee kogels door het hoofd. Hun namen bleven onbekend, hun motieven duister. De dood van Van der Lugt maakte diepe indruk. Een goede vriend van hem, pater Ziad Hilal, wist waarom: ‘Zijn leven én dood zijn waarlijk een teken van de liefde van God zelf. Pater Frans leefde de liefde werkelijk tot het uiterste.’

Angela Merkel 

Waarschijnlijk heeft Angela Merkel al op jonge leeftijd gehoord van Dietrich Bonhoeffer, omdat haar vader net als Bonhoeffer luthers predikant in Berlijn is geweest.

Haar vader, die in 2011 op 85-jarige leeftijd overleed, heette Horst Kasner. Hij werd geboren in 1926, was lid van de Hitler Jugend en diende in het Duitse leger. In 1945, het jaar waarin Bonhoeffer door de nazi’s om het leven werd gebracht, werd Angela’s vader krijgsgevangen genomen door de geallieerden. Zijn jeugd vertoont veel overeenkomst met die van wijlen prins Claus, die ook in 1926 geboren werd, bij de Hitler Jugend zat en krijgsgevangen genomen werd.

Merkels vader studeerde vervolgens theologie in Heidelberg en Hamburg en werd na z’n afstuderen, en enkele weken na de geboorte van Angela, naar Oost-Duitsland gestuurd. Dat land was een Russische satellietstaat, waarvan veel inwoners het liefst naar het Westen wilden verhuizen. In 1954, het jaar dat dominee Kasner in Oost-Berlijn ging wonen, verlieten 180.000 Oost-Duitsers hun land, vaak via West-Berlijn, dat westers was. Om te voorkomen dat Oost-Duitsland leeg zou lopen, werd er in 1961 een muur, De Muur, om West-Berlijn gebouwd. Angela Merkel was toen zeven jaar. Van jongs af is ze bekend met mensen die elders een beter leven willen beginnen. Op school gold ze als een voorbeeld. Ze blonk uit in de exacte vakken en wegens haar mooie cijfers voor Russisch mocht ze een reis naar Rusland maken, waar ze zich gedroeg zoals zo veel middelbareschoolmeisjes in de jaren zestig: ze kocht er een plaatje van de Beatles, Yellow Submarine. Van puberverzet is weinig tot niets bekend. Het geloof van haar ouders nam ze over. In mei 1970, nog voor haar zestiende verjaardag, werd ze aanvaard als lid van de Evangelisch-Lutherse Kerk, de kerk van haar ouders.

Ze groeide op in een totalitaire staat, waar de ene helft van de onderdanen de andere helft bespioneerde. Er waren wel dissidenten, zoals de zanger Wolf Biermann en de econoom Rudolf Bahro, en van Angela Merkel is bekend dat ze de werken van Bahro toen gelezen heeft, en die van de Russische dissidenten Sacharov en Solzjenitsyn. Ook weigerde ze mee te werken met de veiligheidsdienst, de Stasi, die een dossier van haar aanlegde. Daarin stond dat ze sympathiseerde met de vrije Poolse vakbond Solidariteit van Lech Walesa.

Maar haar verzet ging niet zover, dat ze werd verhoord of vastgezet. Ze studeerde natuurkunde en trouwde met een studiegenoot, Ulrich Merkel, een besluit dat ze, zo zei ze later, te luchtig genomen had. Na vier jaar scheidden ze. Zij kreeg de wasmachine, hij het overige huisraad. Zijn naam bleef ze dragen. Sinds 1998 is ze getrouwd met Joachim Sauer, de vader van haar twee stiefkinderen. Eigen kinderen kreeg ze niet.

Ze promoveerde in de natuurkunde, maar maakte uiteindelijk carrière in de politiek, met dank aan Helmut Kohl, bondskanselier tijdens de val van de Muur in 1989 en de hereniging van beide Duitslanden een jaar later. In 1991 werd ze minister van Vrouwen- en Jeugdzaken in Kohls kabinet, dankzij haar kennis, maar ook omdat ze uit Oost-Duitsland kwam en vrouw was. Ze werd ‘Kohls Mädchen’ genoemd, een bijnaam die gemakkelijk deed vergeten dat ze haar carrière ook aan haar ijver en ambitie te danken had en dat ze zo nodig haar eigen weg ging: in 1999 nam ze nadrukkelijk afstand van Kohl.

In 2005 werd ze bondskanselier, onlangs vierde ze haar tweede lustrum. Tien jaar Merkel zijn bijna geruisloos voorbijgegaan, omdat Merkel niet van ophef houdt en kwesties niet graag op de spits drijft. Ze heeft een wetenschappelijke habitus, waardoor ze problemen analytisch benadert en liever met argumenten dan met sentimenten werkt. Populisme is haar vreemd en volkse gevoelens zal ze nooit bespelen. Het bleek tijdens de vluchtelingencrisis van 2015, toen er meer dan een miljoen vluchtelingen naar Duitsland kwamen en Merkel zei dat Duitsland sterk genoeg is om hen op te vangen. De hereniging van beide Duitslanden was immers ook gelukt? ‘Wir schaffen das’, luidde haar motto.

Zij kreeg veel kritiek, ook uit eigen partij, die haar wees op de overvolle opvangcentra en het gevaar dat er terroristen onder de vluchtelingen schuilen. Merkel gaf niet toe, ze zei ook dat Duitsers niet bang voor moslims moesten zijn en de moed moesten hebben om christenen te zijn. ‘We kunnen toch in dialoog gaan met moslims? We hebben toch – alstublieft – de traditie om ook weer ter kerke te gaan, een beetje Bijbelvast te zijn?’ In haar nieuwjaarstoespraak, uitgesproken op 31 december, riep ze de Duitsers op tot zelfvertrouwen en een vrije, open en menselijke houding tegenover de wereld. Maar toen tientallen Duitse vrouwen die nacht massaal werden aangerand, vermoedelijk ook door Syrische vluchtelingen, noemde ze dat ‘persoonlijk onuitstaanbaar’. Het was een opmerkelijke uitspraak voor een vrouw die haar gevoelsleven van nature niet met politiek vermengt.

Malala Yousafzai

Malala Yousafzai is wereldwijd bekend als het meisje uit Pakistan dat zich inzet voor het recht van meisjes, jongens en vrouwen op onderwijs. Ze werd geboren op 12 juli 1997, dit jaar hoopt ze negentien te worden, en die hoop is omgeven met onzekerheid, want talrijke mannen hebben het op haar leven gemunt.

Die mannen zijn vooral te vinden bij de taliban, een terreurbeweging die meent dat vrouwen in naam van de islam gesluierd en ongeschoold door het leven moeten gaan. De taliban roert zich in Afghanistan, maar ook in het noordwesten van Pakistan, waar Malala Yousafzai haar jeugd doorbracht.

Malala komt uit een onderwijzersfamilie in de Swat-vallei, een gebied met hoge bergen, groene velden en blauwe meren, dat idyllisch zou heten als het niet zo door de taliban belaagd werd. In 2008, toen Malala elf jaar oud was, kregen de taliban de overhand in de Swat-vallei en mochten meisjes niet meer naar school. Malala ervoer wat haar naam betekent: ‘door verdriet overweldigd’.

Verdriet en tegenslag vormen wel de schering maar niet de inslag in Malala’s leven. Malala is moedig, intelligent en verbaal begaafd: ze spreekt en schrijft gemakkelijk. Dat bleek toen haar vader haar meenam naar een persbijeenkomst in Peshawar, waar hij zijn dochter liet vertellen over het optreden van de taliban in de Swat-vallei. ‘Ik heb recht op onderwijs’, zei ze. ‘Hoe durven de taliban dat van me af te nemen!?’ Haar optreden maakte indruk: een zelfbewust en mondig meisje, nog nauwelijks een puber, omschreef haar tegenstanders als een stelletje bekrompen onderdrukkers met een achterlijk wereldbeeld.

Kranten plaatsten een verslag van haar toespraak, tv-stations zonden beelden uit, en die verslagen en beelden werden gezien door journalisten buiten Pakistan. Voor de BBC hield ze een blog bij over het leven van een meisjesscholier in de Swat-vallei, waar televisiekijken niet meer mocht, meisjes van school verdreven werden en vrouwen uit winkels geweerd, omdat de taliban dat wilden. Op de site van The New York Times verscheen een documentaire over Malala en haar strijd voor onderwijs aan meisjes en vrouwen. Ze zei dat ze dokter wilde worden, maar haar vader geloofde dat ze in de politiek moest gaan, omdat ze in staat was de samenleving te veranderen. Hij zei het zonder een zweem van trots of grootspraak en zij geloofde hem. Ze zocht de publiciteit om haar land te redden van de taliban en van geweld en onderdrukking. Malala werd een ster, zonder de allures van een ster te krijgen. Hoe meer ze schitterde, hoe zwarter en duisterder het beeld van de taliban. Voor de taliban was ze antipropaganda die nooit ophield. Wonderlijk, maar tussen haar en een heilige leek geen verschil te zijn.

Op dinsdag 9 oktober 2012 zat ze met andere kinderen in de schoolbus die haar naar huis zou rijden, toen een gemaskerde man de bus binnenkwam en riep: ‘Wie van jullie is Malala? Zeg het, anders schiet ik jullie allemaal dood.’ Hij vuurde drie schoten op haar af, waarvan er een haar raakte, in hoofd, nek en schouder. Na enkele operaties werd ze vervoerd naar een ziekenhuis in Birmingham, waar de artsen waren gespecialiseerd in het behandelen van schotwonden. Op 3 januari, drie maanden en talrijke operaties na de moordaanslag, verliet ze het ziekenhuis. Operaties aan oor en schedel zouden nog volgen, maar ze had het overleefd.

De moordaanslag bleek haar zaak veel goed te doen. De president van Amerika en de secretaris-generaal van de VN spraken er hun afschuw over uit en betuigden steun aan Malala. In Pakistan werd voor het eerst een wet aanvaard waarin het recht op onderwijs is vastgelegd. De taliban waren er niet van onder de indruk en zeiden dat ze nog eens een aanslag op Malala zouden plegen, als ze de eerste overleven zou. Volgens de taliban keert Malala zich tegen de islam en is ze daarom het leven niet waard.

Malala herstelde voorspoedig en zette de strijd voort. Op haar zestiende verjaardag, op 12 juli 2013, hield ze een toespraak voor de Verenigde Naties, waarna de VN de 12e juli uitriepen tot Malala-dag.

Zij reageerde wijs: ‘Malala-dag is niet mijn dag. Het is de dag van elke vrouw, elke jongen en elk meisje die voor hun rechten opkomen.’ Malala was te gast bij koningin Elizabeth, ontmoette president Obama, sprak op Harvard University en ontving de Nobelprijs voor de Vrede.

Ook is er een asteroïde naar haar genoemd en kreeg ze een eredoctoraat. Ze ontving prijzen en onderscheidingen, genoemd naar onder meer moeder Theresa, Simone de Beauvoir, Anna Politkovskaya, Andrei Sacharov, Bill Clinton, Anne Frank en – straks misschien – Dietrich Bonhoeffer. 

Stem hier wie volgens u de Bonhoeffer-onderscheiding mag ontvangen.

 

PDF Print Stuur door