Niemand in de Bijbel noemt Jezus zijn of haar vriend

Bekijk dit artikel in de Digitale Editie

Jezus zei tegen hem: ‘Vriend, ben je daarvoor gekomen?’

Matteüs 26, vers 50

De apostelen worden in de evangeliën door Jezus één keer zijn ‘vrienden’ genoemd (Johannes 15 vers 13 -15). De reden: ‘… omdat Ik alles wat ik van de Vader heb gehoord aan jullie bekendgemaakt heb.’ Zo mochten zij weten – maar er met niemand over spreken – dat Hij de Messias was (Matteus 16, vers 20). Jezus noemt niet twaalf maar elf apostelen zijn vrienden. Hij doet dat tijdens het laatste Pesachmaal. Judas is er dan niet meer bij, hij volg …
Dit is 13% van het artikel.

Meer lezen?

24 uur nd.nl voor maar € 2,-

Of lees via
Paywall
PDF Print Stuur door

Dagelijkse nieuwsbrief