Krimp bedreigt kerken grote stad

Bekijk dit artikel in de Digitale Editie
Naast alle aandacht voor missionaire pioniersplekken moet de landelijke Protestantse Kerk in Nederland (PKN) de vraag onder ogen zien of er straks nog een kerk in de grote stad is en zo ja, hoe deze kleine kerk van betekenis kan zijn.

Den Haag

Dat zegt voorzitter Derk Stegeman van het protestants-kerkelijke Beraad Grote Steden in een vraaggesprek met het Nederlands Dagblad. Volgens hem is de situatie van de kerk in de grote stad ‘zeer urgent’ door de krimp en vergrijzing van de leden. ‘Wij zeggen: synode, u wijst vaak op de toekomstvisie Kerk2025, maar denk ook aan steden waar dan misschien geen kerk meer is.’

In Den Haag lijdt de protestantse gemeente ieder jaar een stevig verlies, dat nu nog door bijzondere baten, bijvoorbeeld uit legaten en de verkoop van gebouwen, wordt verzacht. ‘Als je naar de leeftijdsopbouw kijkt, zie je dat deze situatie eindig is.’

In de kern herkennen protestantse kerken uit de 21 steden die bij het beraad betrokken zijn deze situatie, al zijn er verschillen in vermogensposities en de snelheid waarmee de krimp gaat, zegt Stegeman. Volgens hem kan ook een kleine kerk van betekenis zijn in de grote stad, maar dat is een vraag die nadere bezinning en uitwerking verdient.

Volgens Jenneke Welmers, directeur van het kerkelijk bureau van de Protestantse Kerk Amsterdam, verandert de kerk in de hoofdstad van een instituut naar een platform ‘waarin verschillende vormen mogelijk zijn’. Ze herkent de vragen van Stegeman en laat weten dat daar in Amsterdam bijkans de hele dag over wordt nagedacht. De bezinning is er, ze vraagt zich eerder af of er genoeg capaciteit is om die verandering in goede banen te leiden, ‘te managen’.

meer variatie

De hoofdstad telt nu negentien zogeheten wijkgemeenten, ‘dat zal over tien jaar echt anders zijn’, met veel meer variatie: een enkele complete wijkgemeente, en daaromheen misschien ‘kleine vierplekken’, huiskamergroepen, een leefgroep, bijvoorbeeld rondom een maaltijd, en diaconale projecten.

Het huidige missionaire pionierswerk is daarin behulpzaam om te zien wat werkt en wat niet, zegt ze. Daar is ze niet negatief over. Volgens haar zal de leidende gedachte daarbij zijn: wat heeft deze wijk nodig? Het antwoord daarop kan velerlei zijn.

Voorzitter Stegeman van het Beraad Grote Steden vindt inspiratie in Italië. ‘De waldenzen in Italië kunnen een leerzaam voorbeeld zijn als een vitale kerk, die zich al eeuwen in een minderheidspositie bevindt. De praktisch theoloog Hans Pasveer benoemde ooit vier kenmerken voor de creatieve omgang met die minderheidspositie bij de waldenzen: naast een heldere visie gaat het dan om solidariteit met de meest kwetsbaren, het zich mengen in de samenleving en zoeken naar goede bondgenoten.’

Stegeman signaleert dat het pionierswerk, veelal in de grote steden, weleens voor wrijving zorgt met kerken die aan het overleven zijn. De vragen die deze pioniersplekken aan de landelijke kerk stellen zijn andere dan waarmee de krimpende kerk worstelt. Daarover beraden de kerken zich komende week op hun conferentie van het Beraad Grote Steden.

PDF Print Stuur door

Elke dag onze nieuwsbrief?