Tegen de politiek van de meegaandheid

Wie vandaag opkomt voor christelijke politiek, moet op veel weerstand rekenen. Velen vinden het nauwelijks behoorlijk geloof en politiek zo nauw met elkaar te verbinden. We zijn soms geneigd te denken dat dit iets van de laatste tijd is, maar dat is niet juist.
Historisch bezien is de periode waarin christelijke partijen de Nederlandse politiek domineerden (1918-1972), slechts een intermezzo geweest in een overheersend liberaal-vrijzinnig Nederland. En vaak hadden christen-kiezers er moeite mee hiertegenover hun positie te bepalen.
De grootste christelijke staatsman van de negentiende eeuw, mr. G. Groen van Prinsterer (1801-1876), had met soortgelijke tegenstand te worstelen als zijn geestelijke nazaten in de 21e eeuw. Er werden in die tijd heus wel orthodoxe christenen in de Tweede Kamer verkozen. Groen had ook telkens hoge verwachtingen van hen. Maar keer op keer werd hij teleurgesteld. Inzet van de politieke strijd van Groen van Prinsterer was de positie van het christelijk onderwijs. Aanvankelijk zette hij in op splitsing van de staatsschool in scholen voor protestantse, voor rooms-katholieke en voor joodse leerli …
PDF Print Stuur door

Elke dag onze nieuwsbrief?