Gedenkstenen voor de Duitse catastrofe

Twee Duitse tachtigers leggen rekenschap af van hun oorsprong. De historicus en Hitlerbiograaf Joachim Fest schreef met Ich nicht een monument voor zijn vader; de schrijver Günter Grass produceerde met De rokken van de ui een analyse van zijn vroegere, jongere zelf. Beide geschriften kunnen echter nu al als de nalatenschap van de Duitse twintigste eeuw worden beschouwd. En zo zijn ze ook bedoeld. Samen geven ze bovendien inzicht in twee totaal verschillende levenshoudingen, als antwoord op het vluchtpunt van hun tijd, de Duitse catastrofe van 1933-1945. De een zweeg, de ander deed niet mee.
Met de woorden ego non uit het evangelie van Matteüs probeert de vader van de historicus Joachim Fest, Johannes, zijn kinderen tot mensen met een ruggengraat op te voeden. Het is een ambivalent citaat. Want de discipel Petrus die deze woorden met zoveel verve uitsprak, verloochende Jezus even later toch. Wilde Johannes Fest daarmee de menselijke zwakheid aanduiden? Of is de keuze van dit citaat eveneens een weerslag van vader Fests voorkeur voor de ironie, ,,als middel om het leven draaglijk te houden''? Hij slaagde er evenwel zelf wel in, zijn principes niet te verraden en in de donkere j …
Dit is 5% van het artikel.
Paywall
PDF Print Stuur door

Wil je elke dag onze nieuwsbrief met gratis artikel?