Winst uit domme hoop

Bekijk dit artikel in de Digitale Editie

Anderhalf miljard dollar: genoeg om vijftienhonderd sloebers ineens miljonair te maken, om honderdvijftigduizend kansarmen een fonkelnieuwe auto te geven, of om de zevenhonderd miljoen armsten op aarde (een tiende van de wereldbevolking!) een dagloon uit te keren. Maar wat pas echt tot de verbeelding spreekt, is de optie dat één mens onder dat vermogen verpletterd wordt. Die giftige zinsbegoocheling bracht miljoenen Amerikanen en internetsurfers ertoe, gauw nog even een Powerball-lot te kopen. Om een nanokansje te maken (1 op 292 miljoen) op de jackpot van 1,5 miljard.

Besmeur de kerk maar niet met je smerige speelgeld, schreef de bekende Amerikaanse dominee John Piper donderdag aan alle loterijwinnaars. Een eeuw geleden kon je zo’n tirade afdoen als een obligate zedenpreek voor eigen parochie: christenen deden toch niet aan loterijen. Maar vandaag spreekt dat niet vanzelf, in de VS noch in Nederland. Ooit werden ‘zij die kansspelen beoefenen’ expliciet afgehouden van het avondmaal. Nu denken velen dat die regel ballast is uit het farizese verleden van de kerk: toen je met dobbelstenen zelfs geen Mens-erger-je-niet mocht spelen, het kaartspel van de duivel was, en schaatsen op zondag verboden.

Het taboe op geldvergokken is een parel uit de vaderlandse moraalgeschiedenis, maar veel ridders van de ‘joods-christelijke cultuur’ hoor je er niet meer over.

Terwijl loterijen echt pervers zijn. Een offerfeest voor het noodlot, geritualiseerde onrechtvaardigheid. Meedoen is een bewuste poging om in je eentje rijk te worden van de geldzucht, onnozelheid en wanhoop van heel veel anderen. Want dat is de werkelijkheid ook achter de legale, door de Staat gereguleerde en afgeroomde loterijen die in ons land twee miljard per jaar omzetten. Of je nou een tientje wint of de jackpot van de Staatsloterij: op z’n minst een deel daarvan is bijeengebracht door mensen die hun inleg veel beter konden gebruiken, eigenlijk zelfs niet konden missen. Ze hoopten dat deze blinde gok hen uit een uitzichtloze schuldenkloof zou redden, en verdoven de pijn van het verlies door snel een nieuw lot te kopen.

De eerste uitgave die Nederlanders moeten stopzetten als ze in de schuldsanering belanden, is vaak een abonnement op een loterij. En dat vinden ze vaak het moeilijkst. Want daar gaat hun hoop verloren. Terwijl ze zo veel jaren trouw hun contributie aan het noodlot betaalden, alsof het een oudedagvoorziening was.

Anderhalve kilo ongevraagde lokbrieven bezorgen Nederlandse loterijen per jaar op een gemiddeld adres, berichtte de website Geenstijl deze week. Daar komt de reclame via andere kanalen nog overheen. Maar het ergste zijn al die quasi-nieuwsberichtjes in de media: over lokale sigarenboeren die blij bazuinen dat ze warempel een winnend lot hebben verkocht. En dat er dan nooit eens bij staat hoeveel verliezende loten over diezelfde toonbank gingen, en hoeveel van euro’s en illusies beroofde losers de zaak verlieten zonder zelfs een tastbaar pak shag om het verdriet weg te roken.

Loterijen horen in het rijtje drugs, alcohol en nicotine. Ook zij die de Bijbel niet geloven (‘geldzucht is de wortel van alle kwaad’) zouden een verbod op reclame voor deze illusiehandel moeten steunen.

PDF Print Stuur door

Dagelijkse nieuwsbrief