Trots en schaamte

Slechts wie schaamte kent, kan zich trots permitteren. De schaamteloze onteert zichzelf. Wie geen gêne kan tonen, mag geen bewondering oogsten.

Nederlanders vieren uitbundig hun collectieve trots zodra onze mensen grote sportprestaties leveren. Nationaal komt er veel in beweging als schaatsers, hockeydames of voetballers in oranje op een erepodium staan. Ministers en zelfs leden van het koningshuis zijn bereid om de euforie van het volk te verbeelden en vertolken. En daar komen dan de burgemeesters nog achteraan; chauvinisme smeedt dorps- en stadsgemeenschappen samen zodra een sporter of club uit onze plaats iets groots heeft verricht. Maar wanneer hebben Nederlanders zich voor het laatst in nationale gêne gewenteld? Vorige wee …
PDF Print Stuur door

Elke dag onze nieuwsbrief?