Kleurige vlaggen voor de catastrofe

Commentaar
Het aftellen nadert zijn einde, vrijdag beginnen de Olympische Spelen in Peking. In een land waar één (communistische) partij aan de macht is. Waar volken als de Oeigoeren en Tibetanen worden onderdrukt en de vrijheid van meningsuiting ver te zoeken is. Er zijn parallellen in de geschiedenis. Bijvoorbeeld de Spelen van 1936. Wie durfde destijds de vinger op de zere plek te leggen?
Helden van nu zijn in onze ogen dissidenten als Hu Jia en Lu Gengsong, voor wie gevangenis of werkkamp dreigt. Voorzitter Jacques Rogge van het Internationaal Olympisch Comité zegt dat hij over deze zaken geen uitspraak doet en van een boycot wil hij niet weten. Was voorzitter Avery Brundage in 1936 ook niet die mening toegedaan, ondanks de racistische politiek in Duitsland? En was het volk van de Joden toen niet de zondebok? Huize Doorn was destijds het onderkomen van de gevluchte Duitse keizer Wilhelm. Hij moet zich met zijn beperkte bewegingsvrijheid min of meer een gevangene hebben gev …
Dit is 7% van het artikel.

Wil je verder lezen?

24 uur nd.nl voor maar € 2,-

Paywall
PDF Print Stuur door

Wil je elke dag onze nieuwsbrief met gratis artikel?