Treingesprek

Bekijk dit artikel in de Digitale Editie

We vertrekken uit station Haarlem. Tegenover mij is een echtpaar gaan zitten dat vermoedelijk de zeventig levensjaren ruimschoots is gepasseerd.

Zij: ‘Hé, we rijden al!’

Hij: ‘Ja, we rijden al!’

Zij: ‘Dat is óók snel!’

Hij: ‘Ja, dat is zeker snel!’

Zij: ‘We waren nog maar net ingestapt!’

Hij: ‘Ja, we zitten nog maar net!’

Zij: ‘Als we langzamer hadden gelopen, hadden we er niet in gezeten.’

Hij: ‘Nee, dan hadden we de trein gemist.’

Zij: ‘Maar hij is dus wél behoorlijk op tijd!’

Hij: ‘Ja, hij is op tijd … De treinen rijden best op tijd.’

Zij: ‘Hé, we remmen alweer af, zou …
PDF Print Stuur door

Elke dag onze nieuwsbrief?