Laat de jihadisten maar komen: we verwelkomen ze met knuffelberen

Bekijk dit artikel in de Digitale Editie

Onze kinderen hebben meegedaan aan de actie Bag to the future, waarbij rugzakjes met speelgoed worden ingezameld voor vluchtelingenkinderen. Ze namen hun taak zeer serieus. Sorteerden nauwgezet maar doortastend speelgoed. Tekenden met de tongpunt tussen de lippen geklemd kleurige kaartjes. Schreven in hun beste lagereschoolengels: ‘Welcome in Europe’, ‘Peace please’.

Ik weet het, je hoort veel mensen zeggen dat vluchtelingen veel meer hebben aan geld en voedsel via professionele hulporganisaties dan aan nog meer mottige knuffelberen via goedbedoelde burgerinitiatieven. Ik vermoed echter dat vluchtelingen nog altijd meer hebben aan oude knuffels dan aan de snibbige meninkjes van pathologische zuurpruimen. Zalig de onnozelaar, die monter een emmer en dweil pakt wanneer de dijk doorbreekt. Hij heeft het toch altijd beter begrepen dan de tobber die vanaf de nok van zijn dak cynische tweets de wereld in slingert.

fluitend helpen

‘We moeten niet naïef zijn.’ Hoe vaak hebben we dat zinnetje nu al gehoord in reactie op de vluchtelingenproblematiek? Ik kijk naar mijn kinderen, en weet zeker dat ze naïef zijn. Mijn oudste dochter hoor ik iets zeggen over kindjes die zelf niet genoeg geld hebben om speelgoed te kopen. Nee, ik heb niet de illusie dat ze nog maar het minste besef hebben van alle ellende aan de buitengrenzen van Europa. Toch, ze helpen onbekommerd, fluitend bijna, terwijl de politici tot diep in de nacht doorvergaderen, de opinianten hun pennenduellen uitvechten, en de boze burgers dubieuze berichten delen op Facebook.

Noem het maar onnozel; ik hoop mijn kinderen met zo’n inzamelactie simpelweg iets te leren over vrijgevigheid en gastvrijheid. Ze hebben mij ook iets geleerd: we moeten wél naïef zijn. Volhardende, liefdevolle naïviteit. Een betere levenshouding is niet denkbaar.

Toen ik de kinderen zo druk in de weer zag met hun rugzakjes, moest ik gniffelen om de vele berichten over jihadisten die zich tussen de vluchtelingenstroom zouden bevinden. Ziet u het voor u: een heethoofdige ISIS-strijder die een roze meisjesrugzak uitpakt, de tekening met hartjes en harkpoppetjes verbrandt, het hoofd van een barbiepop rukt, ‘dood aan de ongelovigen’ roept?

Misschien vindt u dat ik het gevaar bagatelliseer. Ik geef u groot gelijk. Ik zal het nog sterker vertellen: we kunnen dat gevaar niet genoeg bagatelliseren. Niet alleen omdat het zo overduidelijk grootspraak is van ISIS om ons op de kast te jagen, maar bovenal omdat ik niet zo wil leven; in angst en wantrouwen voor elke vreemdeling, een bommenvest vermoedend onder elke gehavende winterjas.

Ongetwijfeld zullen er onder de vluchtelingen mensen met slechte bedoelingen zijn, maar so what? Zijn we vergeten wat ons voorgezegd en voorgeleefd is, door niet de minste, dat we onze vijanden moeten liefhebben, onze andere wang moeten toekeren, zelfs onze onderbroek moeten afstaan als het erop aankomt? Of juichen we de man die dat zei alleen maar toe, als hij andermans vooringenomenheden of de machten buiten en boven ons op de korrel neemt? Kijken we beschaamd de andere kant op zodra het de vooringenomenheden betreft die onszelf in hun macht houden? Ik lees commentaren op internet van brave christenen, die doodleuk zeggen ‘dat er grenzen zijn aan de christelijke naastenliefde’. Nee! Die waren er nu net niet, dat maakt het christendom zo raadselachtig, radicaal, stuitend voor velen.

Als een vluchteling jouw belastinggeld komt opsnoepen, weiger hem dan ook je pensioentje niet. Dát is de praktische consequentie van ons geloof nu. Horen we het die ene man niet zeggen: ‘Ik was een vluchteling, en jullie hebben mij met prikkeldraad en traangas geweerd.’

gelegenheidsvromen

Al die gelegenheidsvromen, die nu opeens krijsen dat islamitische vluchtelingen ‘de christelijke waarden van Europa’ bedreigen, zijn huichelaars die van die christelijke waarden bar weinig begrepen hebben. Want dan zouden ze weten dat du moment dat ze zoiets zeggen, ze zélf de christelijke waarden hebben opgegeven. Het komt er in situaties als deze op aan, te laten zien wat het bijvoeglijk naamwoord ‘christelijk’ precies inhoudt. Zelfs als velen ons onnozelaars zullen noemen, naïef. Laat de jihadisten maar komen. Wij zullen ze met kindertekeningen en knuffelberen welkom heten.

PDF Print Stuur door

Elke dag onze nieuwsbrief?