Geregeld gedicht: De mens is voor een tijd een plaats van God

Bekijk dit artikel in de Digitale Editie

Dichtregels zijn de pubers van de taal. Vaak besluiten ze eigenwijs uit huis te gaan, een eigen leven te leiden. Soms gooien ze de deur zo hard achter zich dicht dat iedereen de regel kent, en niemand nog het taalgezin van herkomst.

Een nieuwe lente en een nieuw ­geluid, domweg gelukkig in de Dapperstraat, Ik ging naar Bommel om de brug te zien, Denkend aan Holland ... Je kunt ze lezen zoals je gefascineerd naar pubers kunt kijken: wat zijn ze mooi! Wat zijn ze zelfbewust! Wat zijn ze kwetsbaar ...

De beroemde regel waarmee ­Gerrit Achterbergs gedicht Deïsme opent, werd in 20 …
PDF Print Stuur door

Elke dag onze nieuwsbrief?