Eend

Ik heb een eend gered. Lot komt buiten adem thuis.

Dat zal wel, zegt Lex ongelovig. Laat Lot nou eerst eens uitpraten, zucht mama. Fenna en Guus waren er zelf bij. Lot vertelt dat in het slootje achter het huis een eend vastzat in het moeras. Lex lacht weer. Een moeras achter ons huis? Je snapt best dat Lot dat vieze slootje hierachter bedoelt, zegt mama. Was het een mannetjeseend?, vraagt ze aan Lot. Lot haalt haar schouders op. Het was een zwarte, met zon wit plekje boven zijn snavel. Ha, ha. Dat is geen eend, maar een waterhoen. Lex ligt dubbel van het lachen. Maar ik heb hem wel gered, zegt Lot. Hoe dan?, vra …
PDF Print Stuur door

Elke dag onze nieuwsbrief?