‘Na het zoveelste telefoontje van ISIS brak ik mijn simkaart doormidden’

Hulporganisatie Dorcas deelt geld uit aan vluchtelinggezinnen in de stad Zakho, in Noord-Irak. Buitenland
Hulporganisatie Dorcas deelt geld uit aan vluchtelinggezinnen in de stad Zakho, in Noord-Irak. | beeld nd nd.nl/hoopvoor
Bekijk dit artikel in de Digitale Editie

Wat gebeurt er met de minderheden in Irak als ISIS verslagen is? Christenen zijn niet optimistisch. ‘Wij zijn klaar in Irak.’

Duhok

Het probleem was niet dat Raed niet gewend was aan geweld. Hij bezat een van de vijf drankwinkels in Mosul, en al vóór ISIS had hij te maken met aanslagen door extremistische moslims, voor wie drank verboden is. ‘Ik ben sinds 2011 vier keer afgeperst, mijn broer is in zijn rug geschoten en er is twee keer brand gesticht.’ Toen ISIS in 2013 echter een bom voor zijn winkel legde, wist Raed, een christen, dat het tijd was om te vluchten.

Nu woont hij met zijn vrouw en drie kinderen in een appartement in Duhok, een stad zo’n vijftig kilometer ten noorden van Mosul, dat nu een belangrijke stad in het ISIS-kalifaat is. Zijn baan bij hulporganisatie Dorcas zorgt ervoor dat hij kan overleven. Hij kijkt met weemoed terug. ‘Als ISIS verslagen wordt, ga ik misschien wel terug. Ik heb winkels, huizen en al mijn spaargeld in die stad. Maar ik laat mijn gezin wel achter in Duhok.’

Met zijn wens om terug te keren, is Raed een uitzondering onder de christenen in Noord-Irak. Duraid Tobiya Zoma, tot de inval van ISIS de politiek vertegenwoordiger van 150.000 christenen in Mosul, ziet drie groepen in zijn achterban: ‘Mensen die direct naar het buitenland zijn gevlucht, twijfelaars en mensen die het liefst willen blijven – die vaak nog familie of bezittingen in de stad hebben.’ De eerste twee groepen zijn aanzienlijk groter. Volgens Zoma vertrekken er uit Erbil, de hoofdstad van Koerdistan, ‘tien tot twintig gezinnen per week’ naar het buitenland.

De twijfelaars zijn blij met de gevechten tegen ISIS, zoals nu rond Mosul, maar kijken ook vol argwaan naar de tijden die aanbreken als de terreurorganisatie van de kaart geveegd is. Want hoe zullen de verschillende etnische groepen zich gedragen zonder hun gezamenlijke vijand? Het is een publiek geheim dat de Koerden dan een zelfstandig Koerdistan willen stichten. De yezidi’s willen ook een eigen gebied, rond hun berg Sinjar. Uiteraard voelt de centrale regering in Bagdad bijzonder weinig voor beide plannen. En dan zijn er nog de sjiitisch-islamitische milities, die nu al geregeld het Koerdische leger aanvallen.

‘Irak moet zich voorbereiden op de tijd zonder ISIS’, zei deze week ook Kate Gilmore, de Hoge Vertegenwoordiger voor de Mensenrechten namens de VN, na een bezoek aan het land. ‘De politieke dialoog die alle gemeenschappen in Irak samenbrengt, inclusief alle minderheden, is schrikbarend afwezig. Irak heeft een groot geheugen, maar weinig visie.’

niet klagen

In de tussentijd vinden vluchtelingen veiligheid in Koerdistan. ‘Ik wil zeker niet klagen, we hebben veel aan de Koerden te danken’, zeggen veel mensen direct, als het over hun aarzelingen over de toekomst gaat. Toch is de rust in het gebied kunstmatig. Sinds enkele weken moeten de imams in Duhok bijvoorbeeld hun preken voorleggen aan de Koerdische geheime dienst. Passages die ook maar iets te positief – of, beter: niet negatief genoeg – over ISIS zijn, worden aangepast. Onlangs waagde een imam het, in de moskee iets anders te zeggen dan in zijn ingeleverde preek stond. De man is verdwenen, en niemand weet waar hij nu is.

Een van de redenen voor de forse controle is het feit dat Mosul niet ver weg is. De ISIS-stad ligt, bij wijze van spreken, ‘gewoon’ aan de andere kant van de berg – overigens een populaire picknickplaats met een fabelachtig uitzicht over Duhok en het bezette gebied rond Mosul. Dat maakt ook dat christenen uit Mosul hier iets meer met ‘thuis’ bezig lijken te zijn dan de mensen in bijvoorbeeld Erbil, die wat verder weg wonen.

Zo herkende Nawar, een andere vluchteling die voor Dorcas werkt, zijn favoriete straat van Mosul op videobeelden van de bombardementen, die door het Amerikaanse leger op Youtube waren gezet. ‘Daar werkte ik, en ging ik uit eten. Ik ben blij met de bombardementen, maar ik voel verdriet voor mijn stad.’ Hij belt af en toe met ‘vier of vijf’ vrienden in Mosul. ‘Maar in die gesprekken kan ik niet doorvragen, dat is gevaarlijk voor hen. Wel weet ik dat ze weinig buiten komen, en leven van hun spaargeld.’

De onderdrukking in de stad is groot, vertelt zijn collega Raed. ‘Een vriend van me zat een maand in de gevangenis omdat hij onze tv en meubels bewaard had.’

De vraag hoe het nu verder moet met de christenen in Irak, is voor veel mensen een moeilijke. Velen halen hun schouders op, ze weten het écht niet.

Het onderwerp is bovendien omstreden. Zo wil een voorganger in de stad niet met journalisten praten, omdat die ‘toch alleen maar schrijven dat christenen in Irak moeten blijven’. Hij heeft duidelijk een andere mening. Volgens een andere priester in Duhok, Phillip, is de wil om naar het buitenland te vertrekken niet meer zo groot als een jaar geleden. ‘Christenen accepteren langzaam de werkelijkheid dat dit vanaf nu hun leven is. Maar diep van binnen wil een groot deel van hen weg uit Irak, ze zien hier geen toekomst.’

Het meest duidelijke antwoord komt van Duraid Tobiya Zoma, de christen-politicus uit Mosul. ‘Een eigen gebied voor christenen in Irak is een optie. Dat zou er kunnen komen op de vlakte van Nineve, een regio die vanouds al christelijk is. En omdat de christenen niet genoeg eigen soldaten hebben voor hun beveiliging, moet er een internationale troepenmacht komen.’

Ook hij ‘wil absoluut niet klagen’, maar een eigen grondgebied hoeven minderheden volgens hem niet van de Koerden te verwachten. ‘Als het Koerdische leger een dorp bevrijdt, wordt dat in de praktijk “automatisch” Koerdistan. Als er een veilig gebied voor christenen is, zullen ook mensen uit het buitenland terugkomen.’

Op straat klinken vluchtelingen minder overtuigd. Blijven wonen in een regio waar hun eigen vrienden en buren opeens sympathie hadden voor ISIS, zoals hun overkwam in Mosul? ‘Ik weet het niet’, zegt Nawar. ‘Het leger heeft lijsten met 45.000 namen van mensen die sympathiseren met ISIS. Zij zullen ongetwijfeld worden uitgeschakeld, maar toch.’

Veel tijd om na te denken over hun toekomst hebben christenen niet, ze zijn veel te druk met overleven. ‘De grote meerderheid van ons spreekt geen Koerdisch en kan dus heel moeilijk aan een baan komen’, zegt Raed. ‘Het is dat ik voor een hulporganisatie werk, anders zou ik niet weten wat ik hier zou kunnen.’

bodyguard

Die onrust geldt al helemaal voor hun collega Karam, een voormalig bodyguard van ministers in Bagdad. Om die reden zoekt ISIS hem al een paar jaar, vertelt hij. ‘Tot november kreeg ik nog telefoontjes dat ze me zouden halen. Toen heb ik mijn simkaart doormidden gebroken. Sindsdien is het stil.’

Toch betekent het niet dat de dreiging voorbij is. Tijdens hulpacties van Dorcas, zoals de distributie van hulpgeld voor gezinnen, roept de imposant brede Karam de namen om van mensen die aan de beurt zijn, en is daarmee erg zichtbaar. ‘Oh, ik ben vanmiddag herkend door een man in een geel shirt’, zegt hij. ‘Maar ik ben niet bang, ze weten toch precies waar ik ben. Toen ik in Erbil was, kreeg ik telefoontjes dat ze me daar zouden komen halen.’

Toch is ‘niet bang zijn’ niet hetzelfde als je veilig voelen, zegt Karam. ‘Dat gevoel zullen we hier niet meer krijgen.’ Van een politieke oplossing moet hij weinig hebben. ‘In Mosul waren de kerkelijke en politieke leiders de eersten die vluchtten. Wie over zo’n veilig gebied praat, wil president worden of een andere hoge functie krijgen. Nee, dat is niet voor ons. We zijn klaar in Irak.’ <

Bijlagen

Fotoserie, 5 foto's
PDF Print Stuur door

Dagelijkse nieuwsbrief