Christen-zijn onder de rookpluimen van Mosul

Oogproblemen drijven deze oude vrouw tot wanhoop. Ze wordt getroost door haar dochter. Buitenland
Oogproblemen drijven deze oude vrouw tot wanhoop. Ze wordt getroost door haar dochter. | beeld Sjoerd Mouissiend.nl/hoopvoor
Bekijk dit artikel in de Digitale Editie

‘Christenen?’ De Koerdische soldaat bij het checkpoint wijst op het kruisje dat aan de autospiegel bungelt. Hij aarzelt. ‘Zet de auto maar even aan de kant.’ Na wat telefoontjes laat een dorpsbewoner de soldaten weten dat we oké zijn. Welkom in Alqosh, een christelijk dorp aan de rand van het ISIS-kalifaat.

Aan het eind van de rechte weg ligt het dorpje met de eeuwenoude huisjes er vredig bij in de ochtendzon. Links en rechts wuift de groengele tarwe op de velden, in de nauwe straatjes is het stil. Op het centrale plein drinken wat mannen thee. De wind ruist en de vogels fluiten, alsof er tien kilometer verderop geen oorlog woedt.

Wie het dorp uit rijdt via de lange rechte weg bij het checkpoint, staat na zo’n dertig kilometer in het centrum van Mosul. ISIS heeft de grote Iraakse stad sinds 2014 stevig in handen, en voert er een gruwelijk bewind.

De stad wordt onophoudelijk gebombardeerd door onder andere de Verenigde Staten en Nederland. Aan de horizon, daar waar de stad ongeveer moet liggen, is een grote kolom zwarte rook te zien.

‘Ja, we horen het geraas van de vliegtuigen’, zegt Walid. ‘We bidden voor de piloten.’ Het gezin van Walid is een van de zeshonderd die na de inname van Mosul onderdak vonden in Alqosh. Door het aantal vluchtelingen is de bevolking er nagenoeg verdubbeld van 800 naar 1400 gezinnen.

lage olieprijs

Walid vond ‘zijn’ huis via een neef, en deelt het nu met vier andere gezinnen. Op de binnenplaats hangt wasgoed, boven de voordeur prijkt een doek met het laatste avondmaal.

‘Toen we net gevlucht waren, had ik ten minste nog een baantje’, zegt Walid. ‘Ik werkte voor drie dollar per nacht in een hotel, van elf uur ’s avonds tot vier uur ’s ochtends.’ Maar toen de economie inzakte door de lage olieprijs, was dat voorbij. Met wat voedselhulp kunnen ze nu tenauwernood het hoofd boven water houden. Het liefst zou het gezin naar familie in Canada vertrekken, maar ja, het geld is er nu eenmaal niet. Walid glimlacht er maar wat bij. Hoewel hun nood hoog is, voelen christenen zich veilig in Alqosh. De reden is eenvoudig: er zijn geen moslims. Moslims mogen er geen huizen of land kopen, en ze worden teruggestuurd bij de checkpoints rond het dorp. Maar daar blijft het niet bij.

Al na een paar meter door het dorp slenteren komt een man achterop gelopen. ‘Hi guys! Waar komen jullie vandaan en wat doen jullie hier?’, vraagt hij vriendelijk, maar in verdacht goed Engels. Hij neemt na wat aarzelen genoegen met het antwoord dat we gevluchte gezinnen willen spreken. ‘Oké. Prettige dag verder.’ En weg is hij, even snel als hij opdook.

Afgezien van deze ‘toevallige’ ontmoeting gaat het leven in het eeuwenoude dorp zo veel mogelijk zijn gewone gang. ISIS of niet, de 74-jarige timmerman Ghanim zit nog steeds tegen de paal die zijn rug al zestig jaar steunt. En even verderop bevindt zich de ingestorte synagoge waar volgens de overlevering de oudtstamentische profeet Nahum begraven ligt.

‘Kijk.’ Eenmaal binnen wijst de man met de sleutel van het gebouw op zijn nieuwe mp3-speler. ‘Het Oude Testament, voorgelezen in het Arabisch. Wat een uitkomst. Ik kan niet meer goed lezen, maar nu kan ik weer af en toe de bergen in, om naar de Bijbel te luisteren. Heerlijk.’ Toch is het leven van veel christenen in Alqosh verre van idyllisch. Talloze gezinnen bivakkeren in het lokale schoolgebouw, dat uitpuilt van de mensen. Zo ook het echtpaar Khalid en Janan, die er een klaslokaal bemachtigden nadat ze een tijdje in een kerkzaal woonden. ‘Hier heb je tenminste privacy.’

In Mosul hebben ze niets meer. ‘Alles is gestolen, tot de elektriciteitsdraden in de muren aan toe’, weet Khalid. ‘Ik kon alleen de televisie en wat andere spullen meenemen. De rest is weg. Alleen de muren staan nog overeind.’

Janan loopt plotseling naar de deur. Daar is een vrouw opgedoken, die haar discreet iets toestopt. ‘Zij komt af en toe langs, en geeft ieder gezin 25.000 dinar (zo’n 18 euro, red.). Dat is mooi, want verder is er weinig.’

Het gezin is dankbaar, zegt Khalid, maar ook doodmoe. ‘Het vluchteling-zijn breekt ons op. We zijn bang voor onze dochters, kijk naar wat er met de yezidi’s gebeurde. We zijn bang voor ziektes.’ Veel yezidi-vrouwen worden door ISIS verhandeld als seksslaven, en vorig jaar brak er in Irak cholera uit.

oogoperatie

Even later, als ik een foto maak van een statige oude vrouw, wordt me duidelijk dat zelfs de school geen veilige plek is. ‘Die is gek, haar man zit onze spelende kinderen altijd achterna met een mes’, fluistert iemand. ‘Zij kunnen het geluid niet hebben. Trauma.’ Buurvrouw Ekhlas, die naast de school woont, maakt zich zorgen om haar familie. ‘Mijn broer is ontvoerd door ISIS, en we hebben niets meer van hem gehoord. Hij is gehandicapt, en kon niet vluchten. Zijn naam is Talal. U spreekt veel mensen. Kunt u naar hem uitkijken, of navraag doen?’

Een andere vrouw wil graag dat we in haar kamer langskomen. In het donker zit op de grond haar moeder, met wie ze uit Mosul vluchtte. Het licht van buiten doet pijn aan de ogen van de oude vrouw. Dokters raadden haar een oogoperatie van duizend dollar aan, maar dat bedrag kunnen beide vrouwen nooit ophoesten. Het drijft de oude vrouw tot wanhoop. ‘Nu kunnen wij beiden niets meer.’ Ze huilt.

gratis wonen

Hoog boven Alqosh schittert Rabban Hormizd, een majestueus klooster uit het jaar 640, dat is uitgehouwen in de berg achter het dorp. Pater Francis is druk met het voorbereiden van de kapel voor de zondagse mis. Vanaf het terras kijkt de goedlachse en kwieke zeventiger recht op het front met ISIS.

Als de gevechten in en rond Mosul heviger worden, zullen naar schatting 1,2 miljoen vluchtelingen – voornamelijk moslims – in de richting van Alqosh vluchten. Is het denkbaar dat hij die mensen zal helpen? Dat is dan toch wat je als christen zou doen?

‘Nee, nee, nee’, antwoordt Francis. ‘Geen sprake van. Hoe zie jij dat voor je? Alqosh is een christelijk dorp, en wij hebben onze handen vol aan de christelijke gezinnen die in nood bij ons aankloppen. De school waar jullie waren, is van ons, we laten iedereen daar gratis wonen. Bovendien zijn de veiligheidsrisico’s veel te groot.’ ISIS-aanhangers zullen de vluchtelingenstroom ongetwijfeld gebruiken om ongezien de stad uit te komen.

‘Diep in ons hart willen we weer gewoon onbekommerd christen kunnen zijn’, zeggen Khalid en Janan in de school. ‘We bidden steeds voor een oplossing, maar we willen nu eindelijk eens antwoord krijgen.’

De volgende ochtend glundert Yousif, tolk en medewerker van hulporganisatie Dorcas, van oor tot oor. ‘Ik heb de oude vrouw met de oogproblemen genoemd in onze vergadering. Er is budget. Die operatie gaat er komen. Gelukkig gingen we daar even naar binnen.’ ◆

Bijlagen

Fotoserie, 8 foto's
PDF Print Stuur door

Wil je elke dag onze nieuwsbrief met gratis artikel?