Non-fictie: Ik hou niet van wollig tranenproza

Starinks moeder Elinor Cibis (zittend, tweede van rechts) in 1938 als lid van de nationaalsocialistische Bund Deutscher Mädel |beeld uit besproken boek Boeken
Starinks moeder Elinor Cibis (zittend, tweede van rechts) in 1938 als lid van de nationaalsocialistische Bund Deutscher Mädel |beeld uit besproken boek

Laura Starink (1954) reconstrueerde wat de oorlog betekende voor een gewoon gezin in een uithoek van het Duitse rijk: haar grootouders en hun zes kinderen in het grensgebied Silezië. Voor mijn familie begon de oorlog pas in 1945.

Mijn moeder is geboren in Silezië. Dat klinkt romantischer en onschuldiger dan: mijn moeder was Duits. Ze was klein, had bijna zwarte, een tikje scheefstaande ogen, brede jukbeenderen, een grote mond en kort donker haar met pony toen ze grijs werd verfde ze het roodbruin. Ze had een mooie naam: Eleonora Christina Maria Cibis; een Slavische achternaam, zoals zoveel Duitsers uit de grensstreek met Polen en Tsjecho-Slowakije. Thuis noemden ze haar Elinor. Praten over de oorlog deed Elinor Cibis (1924-2008) liever niet: Dat begrijpen jullie toch niet. Na de oorlog was de grote wraak gekome …
PDF Print Stuur door

Elke dag onze nieuwsbrief?