God als schaakgrootmeester

Het vierde deel uit de dogmatische serie die Ouweneel in rap tempo schrijft, is gewijd aan een controversieel onderwerp: het plan of de raad van God (waarvan de leer van de uitverkiezing een onderdeel is). De Schrift spreekt behoedzaam over Gods raad, maar de theologische speculatie heeft zich maar al te gretig beziggehouden met de vragen die zich hier voordoen.

Ouweneel probeert in dit boek een weg te vinden tussen enerzijds het (hyper-)calvinisme dat hij als determinisme kwalificeert, en anderzijds het arminianisme en open theïsme. Deze weg tekent zich af waar hij onderscheid maakt tussen enerzijds 'de raad van God', zijn eeuwig plan dat vaststaat en naar zijn wil wordt gerealiseerd, en anderzijds 'de wegen van God', zijn gang door de heilsgeschiedenis waarbij God dynamisch reageert op het vrije handelen van de mensen. Gods raad is uitsluitend van hemzelf, van zijn soevereine wil afhankelijk, in Gods wegen echter is de wilsvrijheid en verantwoor …
PDF Print Stuur door

Elke dag onze nieuwsbrief?