Politie maakt einde aan demonstratie Armenië

(Novum/AP) - De politie in de Armeense hoofdstad Jerevan heeft dinsdag met geweld een einde gemaakt aan een demonstratie. Zeker tweehonderd mensen werden opgepakt. Rond de vijfduizend betogers blokkeerden een doorgaande weg in de stad uit protest tegen een stijging van de elektriciteitsprijzen met 17 tot 22 procent.

De betogers trokken maandag naar het presidentiële paleis in Jerevan, maar werden tegengehouden door de oproerpolitie, die werd ondersteund door waterkanonnen. De betogers gingen vervolgens op de weg zitten. Ze blokkeerden het verkeer en weigerden te vertrekken. Een aanbod om vertegenwoordigers aan te wijzen die hun eisen konden overbrengen aan president Serge Sarkisian werd door de betogers afgewezen. Ze eisten dat de president zelf naar de demonstratie toe zou komen.

De politie had de demonstranten meermaals verzocht te vertrekken, maar enkele honderden brachten de nacht op straat door. Uiteindelijk greep de oproerpolitie dinsdagochtend in met waterkanonnen. Sommige betogers verzetten zich en gooiden stenen naar de agenten. De agenten gebruikten vervolgens de wapenstok. Volgens de Armeense politie werden 237 mensen gearresteerd. Zeven betogers en elf agenten raakten gewond.

Het oppositionele Armeense Nationale Congres liet dinsdag in het parlement weten tegen het opbreken van de demonstratie te zijn en eist dat alle mensen die zijn opgepakt worden vrijgelaten. Ook Raffi Hovannisian, de leider van de oppositiepartij Erfenis keurde het ingrijpen van de politie af. Hij noemde het een 'nationale schande'. Sarkisian zelf heeft vooralsnog niet gereageerd.

De betoging en het harde politieoptreden is de grootste onrust in jaren in Armenië. Er zijn grote zorgen over de politieke stabiliteit in de verarmde voormalige Sovjet-republiek. De economie van het land ligt in puin, omdat de grenzen met buurlanden Turkije en Azerbeidzjan dicht zijn vanwege het conflict over de regio Nagorno-Karabach.

PDF Print Stuur door

Elke dag onze nieuwsbrief?