Luister naar

Straatarts Michelle van Tongerloo: ‘Er zal een omslag moeten komen naar meer matigheid, maar hoe?’

Interview
‘Overwin het kwade door het goede’ luidt de slogan van de Pauluskerk in Rotterdam. Het is een van de werkplekken van straatarts Michelle van Tongerloo, die als kind van haar opa een soortgelijke boodschap meekreeg. Dagelijks zet ze zich met hart en ziel in voor patiënten die buiten de boot dreigen te vallen.
Margaretha Coornstra
vrijdag 12 augustus 2022 om 16:00
Michelle Aimée van Tongerloo: 'In achterstandswijken voel ik me het meest op mijn gemak.'
Michelle Aimée van Tongerloo: 'In achterstandswijken voel ik me het meest op mijn gemak.' beeld Folkert Koelewijn

rechtvaardigheid

‘Ik ben in twee verschillende werelden opgegroeid. Mijn moeder en ik woonden jarenlang in een achterstandswijk, mijn vader in een van de chicste straten van de stad. Mijn ouders waren het over veel dingen oneens, wat met heftige strijd en emoties gepaard ging. Zoals bekend is dat voor een kind niet prettig. 

Bovendien was ik veel alleen; ik heb wel een halfzus, maar die groeide op bij mijn vader. Die achterstandswijk vond ik trouwens prima, hoor. Ik woon en werk nog steeds in achterstandswijken, daar voel ik me het meest op m’n gemak. Ik spreek de taal beter en denk dat de mensen er ook eerlijker met elkaar omgaan.

Maar door die twee werelden zag ik al vroeg het effect van kansenongelijkheid. In mijn klas zaten kinderen uit voormalig Joegoslavië die weleens een dt-fout maakten en dan automatisch een mavo-advies kregen. Zelf kreeg ik een mavo/havo-advies. Bij mijn halfzus in de wijk was een jongen die pas mocht komen avondeten als hij zijn Latijnse rijtjes kon opdreunen. Dat is ook idioot, elk exces is onveilig voor kinderen, maar ze leiden wél tot een verschil in toekomst! 

Als huisarts ben ik steeds alert op hoe ouders met elkaar omgaan en hoe dat inwerkt op de kinderen. Ik weet ook dat armoede bijna altijd aan de basis ligt van veel andere problemen. Daarom geef ik patiënten soms gewoon geld, want dat komt uiteindelijk hun kinderen ten goede. Vorige maand heb ik nog 1200 euro gegeven aan iemand die de huur niet meer kon betalen. Ja hoor, dat mag je opschrijven. Ik ben niet zo bang dat mensen er misbruik van maken.’

hoop

‘Momenteel word ik steeds wanhopiger wat de zorg betreft en hoe de politiek ermee omgaat. De verzorgingsstaat is de afgelopen tien jaar afgebroken, met een enorme focus op economische groei. Ik hoop zo dat er een andere bestuurscultuur komt, waarin het meer over waarden gaat en minder over winst. Ik ben bang dat het anders de verkeerde kant opgaat met Nederland en dat mijn kinderen straks nog meer problemen zien dan wij nu.

Er kunnen wel andere keuzes gemaakt worden, bijvoorbeeld door vermogen anders te belasten, maar dan moet er een andere politieke wind gaan waaien. Ik betrap mezelf erop dat ik met scepsis kijk naar de ontwikkelingen rondom de toeslagenaffaire en de stikstofcrisis. 

Lees verder onder de foto.


Michelle Aimée van Tongerloo: ‘In achterstandswijken voel ik me het meest op mijn gemak.’ - beeld Folkert Koelewijn

Ik zie hoe er steeds voor kortetermijnoplossingen wordt gekozen. Zoals de oproep om de norm van verpleeghuispersoneel los te laten, iets wat dan wordt verkocht als ‘doorontwikkeling’ terwijl het om bezuiniging gaat. Dat maakt me cynisch en dat wíl ik juist niet zijn! Maar ik zie zelf de uitwassen in mijn spreekkamer; ik werk immers met de meest kwetsbaren.’

matigheid

‘Persoonlijk heb ik niet veel nodig. Ik vind mijn werk leuk, mijn kinderen fantastisch en qua vrije tijd heb ik genoeg aan een goed boek, en soms een NPO-docu of een Netflixserie. Ons huis ziet er qua interieur niet erg boeiend uit, dat vinden we niet zo belangrijk. Maar als mijn kinderen een mooi rapport hebben, ga ik met ze naar de winkel om iets leuks te kopen; dat dan weer wel.

Helaas is onze tijdgeest super-individualistisch. We worden opgejut om het beste uit onszelf te halen en verwachten ook het beste van anderen. Wie niet meedoet in die ratrace, verdient minder, geniet minder aanzien, kan veel dingen niet kopen en maakt ook al gauw schulden. Terwijl we via de media 24/7 worden verleid tot het doen van meer aankopen … 

En dan vinden we het raar dat mensen ontevreden worden en burn-out raken. Als artsen klagen we dat mensen voor simpele dingen naar de huisartsenpost komen, maar ja: overdag moeten die mensen werken, dus het spreekuur past niet in hun agenda!

Ik vind het verdrietig dat we zo tegen de grenzen van ons kunnen aanlopen. Eigenlijk denk ik dat de boze boeren en de rijen op Schiphol nog maar het begin zijn, vanwege die voortdurende wens van méér productie, terwijl we de capaciteit en de kracht niet meer hebben. 

Er zal een omslag moeten komen naar meer matigheid, maar hoe? Pas nog las ik in een interview met psychiater Jim van Os dat het zielig is dat wij westerlingen niet meer met een spirituele dimensie opgroeien. Daar ben ik het roerend mee eens. Individualisme en materialisme leiden tot bittere geestelijke armoede.’

geloof

‘Ik ben niet religieus opgevoed en ook niet op enig moment in mijn leven gelovig geworden. Maar door mijn werk heeft religie voor mij wel betekenis gekregen: als iets wat mensen van oudsher verbindt en dat waarden in zich meedraagt die onze maatschappij nodig heeft. 

In de Pauluskerk komen mensen die geen reguliere zorg krijgen, omdat ze geen verzekering hebben of niet gedocumenteerd zijn. Sommigen maken daar oneigenlijk gebruik van: ze laten een ziek familielid overkomen en doen alsof die hier al lang is. Daar heb ik wakker van gelegen. Enerzijds vond ik het niet eerlijk, anderzijds: die mensen waren onmiskenbaar ziek. 

Ten slotte ben ik met de toenmalige dominee van de Pauluskerk gaan praten. Die zei: ‘Waarom maak je je zo druk over dat paspoort? God heeft iedereen al een identiteit gegeven. Als er iemand voor je staat die hulp nodig heeft, dan geef je die.’ Nou, zó zie ik het nog steeds niet, maar hij opende wel mijn ogen voor het perspectief van barmhartigheid tegenover alle regels en protocollen.

‘In het contact met patiënten ben ik persoonlijker geworden.’

In 2020 en 2021 heb ik op Sint Eustatius gewerkt. Een heel religieus eiland met zo’n 3000 inwoners, waar spiritualiteit en gemeenschapszin op de voorgrond staan en het individu deel uitmaakt van een groter geheel. Ik zag welk verschil dat maakte voor de kwaliteit van leven. Mensen zijn veel meer verbonden met elkaar.

Het is er rustig: geen snelwegen, geen files, geen bioscopen, geen reclameborden langs de weg. Iedereen kent iedereen en maakt een praatje. Alles is warmer, menselijker. Er zijn ook problemen hoor, ik wil het niet ophemelen. Maar ik ontdekte daar hoe je óók met elkaar kunt omgaan, en hoever dat afstaat van hoe wij als Europese Nederlanders met elkaar omgaan.’

dapperheid

‘Op Sint Eustatius ben ik voor het eerst heel bang geweest. De corona kwam en er is daar geen ziekenhuis, alleen een soort huisartsenpost-plus. De eilanden om ons heen sloten hun grenzen; we konden alleen nog met de grootste moeite patiënten uitzenden, maar er werden ook mensen geweigerd, zoals een patiënt met een hersenbloeding. Toen ook twee huisartsen ons eiland verlieten, bleef ik over met één collega. 

Dat was heel eng, want we hadden niks: geen intubatiemogelijkheden, geen beademing – amper wat zuurstof – en geen isolatieruimte. Ik was doodsbang dat er een uitbraak zou komen, dat ik mensen bij bosjes zou zien sterven en niks kon doen. Toen kwam er ook nog een expat, die zei: ‘Jij moet hier weg, want als je niet kunt helpen gaan de mensen zich tegen jou keren en misschien wel jullie huis in de fik steken!’ 

Twee uur later hoorde ik dat de eerste besmette mensen op het eiland waren. Ik zat huilend in het ziekenhuis en riep tegen de verpleging: ‘Ik kán dit niet!’ Maar één verpleegkundige, een erg lieve man, zei: ‘Michelle, als jij nu gaat, hebben we niemand meer. Dat weet je toch?’ Ik word weer emotioneel als ik eraan denk. Je kent bijna iedereen, dus alles wordt persoonlijk. 

Zo werd er iemand doodziek binnengedragen die een grote rol speelde in het leven van mijn dochter … Ja, ik ben gebleven. Want ik was gaan geven om die mensen. Maar dit was het allerheftigste wat ik ooit heb meegemaakt.’

liefde

‘In Nederland was ik opgeleid met professionele distantie: werk en privé gescheiden houden. Maar op Sint Eustatius lukte dat gewoon niet. Ten eerste was mijn telefoonnummer al door alle artsen voor mij gebruikt, dus iedereen kende dat. 

Ten tweede weet iedereen waar je woont. Ten derde was het ziekenhuispersoneel vaak familie van de patiënten. Eerst schrok ik hiervan: dit kón toch niet? Maar na een halfjaar begon ik te ontspannen en zag de voordelen. Zoals professionele nabijheid, iets wat superbelangrijk is en wat je misschien onder caritas, naastenliefde, kunt scharen. 

In het contact met patiënten ben ik persoonlijker geworden, durf meer van mezelf te laten zien. Op Sint Eustatius had ik gemerkt dat mensen daar eigenlijk nooit misbruik van maken en dat het een betere behandelrelatie oplevert. Uiteindelijk is het toch dat persoonlijke contact waardoor je als professional snapt wat je moet doen. Zodra je je patiënt benadert als een beslisboom met exclusiecriteria, zie je niet meer de mens erachter. En dat levert geen echt goede zorg op.’

wijsheid

‘Mijn opa heeft een positieve invloed op me gehad. In juli zou hij honderd worden, maar drie weken daarvoor overleed hij. Hij heeft me laten zien wat wilskracht kan doen en hoe je negatieve ervaringen kunt omzetten in iets positiefs. In zijn jeugd brak de Tweede Wereldoorlog uit, het huis werd gebombardeerd, hij werd naar buiten geslingerd en brak beide benen, zijn vader stierf en zo werd mijn opa opeens kostwinner. Hij ging ook bij het verzet. In de avonduren studeerde hij voor ingenieur, overdag schreef hij voor een verzetskrant.

Mijn opa heeft altijd superhard gewerkt en nooit geklaagd. Hij zei: ‘Michelle, ik heb in de oorlog zoveel ellende meegemaakt, dat ik daarna dacht: het kan alleen maar beter worden.’ Sindsdien richtte hij zich op hoe goed we het eigenlijk hebben en hoe mooi het leven kan zijn. Hij was een stand-up guy, die mijn oma altijd op handen heeft gedragen. Een voorbeeld van hoe je volgens mij in het leven moet staan: doorzetten en akelige ervaringen omzetten in iets moois, iets krachtigs.

Ik zei al dat dat ik geen gemakkelijke jeugd had. Ik realiseer me dat ik daar anders uit had kunnen komen, maar ik ben juist sterker geworden. Waarschijnlijk kan ik daardoor nu extra intens genieten van mijn fijne gezin, mijn kinderen, de liefde die we voor elkaar hebben. 

Ondanks alle drukte – mijn praktijk, het schrijven, het spreken – houd ik altijd bewust tijd vrij om bij mijn gezin te zijn. Want dat is wat mijn opa me leerde: laat je niet meeslepen door de waan van de dag, maar focus op de mooie dingen en op wat écht belangrijk is. Die wijsheid neem ik met me mee.’ ◀

huisarts, spreker en publicist

Michelle van Tongerloo (Rotterdam, 1983) studeerde fotografie aan de Academie St. Joost in Breda en geneeskunde aan de Radboud Universiteit in Nijmegen. Vanaf 2015 werkt ze als straatarts in Rotterdam en omgeving. Sinds 2017 is ze verbonden aan de Rotterdamse Pauluskerk en de Nico Adriaans Stichting, als huisarts voor mensen die dakloos, ongedocumenteerd en/of onverzekerd zijn.

Ook werkt ze als ‘gewone’ huisarts in Rotterdam-Zuid. Daarnaast is ze actief als spreker en publicist; zo schrijft ze regelmatig voor De Correspondent.

Michelle van Tongerloo is getrouwd en heeft twee kinderen.

Mail de redactie
Mail de redactie
Heeft u een tip over dit onderwerp, ziet u een spelfout of feitelijke onjuistheid? We stellen het zeer op prijs als u ons daarover een bericht stuurt.
Afbeelding

Predikant en vogelaar Jaap Oosterhuis: ‘Voorgaan is een wekelijkse oefening in wijsheid’

Jaap Oosterhuis uit Hasselt is predikant en vogelaar. Hij is diep onder de indruk van de natuur. Ook worstelt hij met zijn ecologische voetafdruk. Toch wil hij zich niet als groene dominee profileren.

Afbeelding

Straatarts Michelle van Tongerloo: ‘Er zal een omslag moeten komen naar meer matigheid, maar hoe?’

Michelle van Tongerloo helpt mensen die dakloos of onverzekerd zijn. ‘Ik geef patiënten soms gewoon geld, want dat komt uiteindelijk hun kinderen ten goede.’ Ze zet zich in voor patiënten die buiten de boot dreigen te vallen

Afbeelding

Zanger Lucas Kramer: ‘God is er ook buiten de kerkmuren’

Zanger Lucas Kramer (49) denkt na het lezen van De weg van de Vader van muziekartiest Michael W. Smith deze zomer nog vaker aan zijn eigen vader. ‘Ik zou meer op mijn vader willen lijken; hij is mijn voorbeeld.’

Afbeelding

Opiniemaker Ginny Mooy: ‘Ik vond het ontregelende van de lockdowns juist heerlijk’

Ze zal het zelf niet van de daken roepen, maar het werk van antropologe en opiniemaker Ginny Mooy met ex-kindsoldaten in West-Afrika leidde tot forse veranderingen in de begeleiding en hulp voor deze groep.

Afbeelding

Mina Morkoç (24) is student én raadslid in Rotterdam: ‘Stil blijven zitten en afwachten, is geen optie’

Mina Morkoç (24) is namens GroenLinks de enige student in de gemeenteraad van Rotterdam.Ze heeft de ambitie om de stad met de meest vervuilende haven van Europa te verduurzamen.

Afbeelding

Stedelijk econoom Eveline van Leeuwen: ‘Van steeds meer spullen kopen worden we niet gelukkiger’

Eveline van Leeuwen maakt zich zorgen over de overconsumptie. Onze jacht naar meer put de aarde uit. De stedelijk econoom wil de wereld beter maken en is steeds op zoek naar duurzame oplossingen. Ze wandelt veel, om naar de vogels te luisteren en met God te praten.