Luister naar

‘Mijn levenservaringen helpen me met mededogen te kijken naar slachtoffers én verdachten’

Achtergrond
Officier van justitie Gabriëlle Hoppenbrouwers schreef een boek over haar werk én privéleven, dat donderdag verschijnt: Familiezaken. Ze heeft sterke voorkeur voor zaken met onschuldige slachtoffers. ‘Dat komt misschien doordat ik tijdens mijn jeugd een bepaalde geborgenheid heb gemist.’
Eymeke Verhoeven
donderdag 25 maart 2021 om 03:00 aangepast 06:31
Gabriëlle Hoppenbrouwers
Gabriëlle Hoppenbrouwers beeld aagje studio

Amsterdam

Van de rol van een rechter of advocaat hebben de meeste mensen wel een idee. Maar wat doet een officier van justitie nou eigenlijk precies? ‘Ik moet het vaak uitleggen’, knikt Gabriëlle Hoppenbrouwers. ‘Ik vervolg namens de staat mensen die strafbare feiten hebben gepleegd. Zoals de verdachte wordt verdedigd door een advocaat, zo ben ik de advocaat van de staat.’

‘In rechtszaal zie je invloed ouders op kind.’

Op haar blog gabhop.nl deelt Hoppenbrouwers wat ze meemaakt, in de rechtszaal maar ook privé. De blogs vielen op bij uitgever Thomas Rap, die haar benaderde voor het schrijven van het boek dat donderdag verschijnt. Elk van de hoofdstukken draagt, zowel op de blog als in Familiezaken, de naam van een lied. Terwijl Hoppenbrouwers een roestvrijstalen theepot op haar keukentafel zet, klinkt ‘You can go your own way’ uit de speakers. Op deze plek heeft ze liters thee gedronken met haar broer Piet Hein, die in 2019 overleed aan kanker. Zijn ziekteverloop vormt de rode draad van Familiezaken. ‘Sinds mijn veertiende ga ik niet meer naar de kerk, maar ik weet zeker dat Piet Hein nog ergens is - dat hij met me meekijkt. Ik denk dat hij trots op me is, om dit boek. Maar misschien zou hij ook zeggen: had je dit nou moeten doen, zo over onze familie schrijven?’

U beschrijft het gezin waaruit u komt als ‘los zand’, en bent open over exen en uw zoon. Waarom koos u ervoor zo veel van uw privéleven te delen?

‘Omdat ik de mens achter de officier wil laten zien. Het schrijfproces werkte overigens ook therapeutisch voor me. Als je dingen op papier zet, worden ze helderder. Door het schrijven van het boek en het overlijden van mijn broer - met wie ik een speciale band had - keek ik nog eens kritisch naar mijn leven. Het deed me beseffen hoe vergankelijk veel dingen zijn. En dat je dus tijdig keuzes moet maken als je een andere kant op wilt. Dat leidde ertoe dat ik niet langer samen ben met de man die ik in het boek nog mijn lief noem. We hadden een relatie met hoge toppen en diepe dalen. Ik had behoefte aan meer stabiliteit. Voor de details die te privé zijn, heb ik dagboeken liggen. Maar ik geloof ook in de kracht van het tonen van je kwetsbaarheid. Ik hoop dat Familiezaken bijdraagt aan een beter beeld van mijn functie, én van de mens daarachter.’

Waarom bent u officier van justitie geworden?

‘Nadat ik mijn propedeuse journalistiek had gehaald, besefte ik tijdens een opleiding communicatie dat ik helemaal niet gelukkig zou worden van het in de markt zetten van bijvoorbeeld waspoeder. Mijn oudste broer was advocaat. Ik zag dat mijn vader daar met een zekere eerbied naar keek. Op zoek naar erkenning besloot ik ook rechten te gaan studeren. Ik was van plan strafrechtadvocaat te worden, maar door mijn laatste stage realiseerde ik me opeens dat het tegen mijn natuur in ging daders te verdedigen. Dat ik officier van justitie ben geworden, heeft mijn vader niet meer meegemaakt. Hij overleed nog tijdens het eerste jaar van mijn rechtenstudie; ook aan kanker.’

Die behoefte aan erkenning hangt samen met uw voorkeur voor zaken met onschuldige slachtoffers, schrijft u.

‘Ik heb een goede jeugd gehad. Mijn moeder kon heerlijk koken en we kwamen niets tekort, maar ze had in mijn beleving niet zo veel oog voor hoe het emotioneel met ons ging. Mijn twee broers en twee zussen kunnen dat anders hebben beleefd, maar ik ervoer niet altijd de veiligheid, geborgenheid en erkenning waar ik behoefte aan heb.

Dat is mijn moeder overigens niet kwalijk te nemen; ze kreeg zelf weinig affectie in haar jeugd. Inmiddels is ze 89. We spreken elkaar wekelijks; ik regel haar financiën. Ik weet niet wat ze van mijn boek zal vinden; ze moet het nog lezen … Een belangrijk aspect van veiligheid en geborgenheid is voor mij gezien en erkend worden. Dat ik dat vroeger heb gemist, stimuleert mij extra iets van dat gevoel terug te brengen bij onschuldige slachtoffers. Mensen die ongevraagd een inbraak, verkrachting of een overval moesten meemaken.

Als het gaat om zedendelicten heb ik moeite met zaken waarbij volwassen mannen een relatie met een jong kind hebben, waarvan ze beweren dat die gelijkwaardig is. Ook verkeerszaken zijn heftig, en soms juridisch ingewikkeld. Omdat de verdachten het leed niet opzettelijk veroorzaakten.’

Uw werk en privéleven beïnvloeden elkaar in sterke mate. Klopt het dat u dat positief duidt?

‘Zeker. Mijn levenservaringen helpen me met mededogen te kijken naar slachtoffers én verdachten. Tijdens een van mijn eerste zittingen voelde ik me als dertiger nog zo’n onervaren meisje toen ik kerels van vijftig voorhield dat ze niet met alcohol achter het stuur moesten kruipen … Ik dacht: wat sta ik hier te doen? Door eruit te stappen en eerst een paar jaar journalistiek werk te doen, maar ook door moeder te worden en een scheiding mee te maken, neem ik nu bagage mee die me tot een betere officier van justitie maakt. Een kind maakt je verantwoordelijker, maar ook kwetsbaarder, en daardoor milder. In het begin van mijn justitiële loopbaan was ik erg bezig met vaardigheden opdoen en de wet leren toepassen. Nu durf ik binnen de bandbreedte van strafrichtlijnen te zoeken wat past bij de zaak en maatwerk te leveren.’

Met mildheid naar verdachten kijken, staat haaks op de roep om zwaarder straffen die vaak klinkt.

‘Mensen schreeuwen om strenger straffen als ze alleen de informatie over de misdaad hebben. Hoe meer details je geeft over de verdachte, hoe milder ze oordelen. Dat een man zijn ex-vrouw slaat, vinden we belachelijk. Maar als zij zijn kinderen al een halfjaar bij hem weghoudt en hem tot wanhoop drijft, is het al gemakkelijk iets van begrip te voelen. Waar twee vechten, hebben twee schuld. We willen dat daders niet meer terugvallen in de criminaliteit.

Het is bewezen dat goede begeleiding en een taakstraf daar vaak beter aan bijdragen dan iemand opsluiten. Er zijn natuurlijk gevallen waarbij het belang van de verdachte ondergeschikt is en het beveiligen van de maatschappij vooropstaat. Denk bijvoorbeeld aan de zaak van Anne Faber. Maar zolang er een kans is iemands leven te beteren, vind ik dat we die moeten grijpen.

Die roep om zwaardere straffen klinkt omdat mensen zich onveilig voelen. Vroeger las je ‘s ochtends de krant en keek je ‘s avonds het journaal, nu zie je non-stop alle ellende op je scherm voorbijkomen. Ik denk dat de wereld daardoor onveiliger lijkt dan hij is.’

Uw boek bevat allerlei levenslessen, die soms stellig klinken. Het zwijgrecht van verdachten draagt u geen warm hart toe, je autogordel niet omdoen noemt u egoïstisch en over het gedrag van ouders na een scheiding bent u ook duidelijk.

‘Zolang je ex niet gewelddadig is, ontucht pleegt of een alcoholprobleem heeft, moet je elkaar ondersteunen in de omgang met je kind. Ook als hij of zij andere opvoedkundige keuzes maakt dan jij zou doen. Dat de nieuwe partner van mijn ex andere dingen bijbrengt aan mijn zoon dan ik, vind ik alleen maar mooi. Natuurlijk moet je na de scheiding vaak je positie hervinden en kan er onenigheid zijn, maar er moet een moment komen dat je samen zegt: wij zijn hier voor onze kinderen.

Dat ik hier zo stellig over ben, komt doordat ik in de rechtszaal zie hoeveel invloed ouders hebben. Als een jeugdige verdachte blijft ontkennen, wijs ik soms naar achter in de zaal: op zijn huilende moeder. Dat helpt soms de drempel over om te bekennen. Dapper vind ik het als iemand zich dan toch kwetsbaar op durft te stellen en de waarheid deelt.’ <

Mail de redactie
Mail de redactie
Heeft u een tip over dit onderwerp, ziet u een spelfout of feitelijke onjuistheid? We stellen het zeer op prijs als u ons daarover een bericht stuurt.
Afbeelding

Het 'Kasteeltje van Nieuwendijk' staat te koop: 'Van een afstand zag het er mooi uit'

Op huizenverkoopsites speuren we naar de meest excentrieke panden. Vandaag: Het ‘Kasteeltje van Nieuwendijk’ staat te koop. Een landhuis met de luxe van een verwarmd zwembad, een grote overdekte veranda en een tuin die grenst aan de Brabantse Biesbosch.

Afbeelding

Corry Frieling (81) had weinig met geloof, tot die ene dag: 'Vanuit de duisternis kwam ik in het licht'

Corry Frieling (81) uit Veenwouden groeide als enig kind op in een communistische omgeving. Met het geloof deed ze niet veel. Totdat haar vriendin zich bekeert. 'Ik zag een stralende vrouw, die al haar hoop en vertrouwen op God had gesteld.

Afbeelding

Worden wie je bent is een verkeerde gedachte. 'Zoals je nu bent, ben je bedoeld'

Je hoeft nog maar een paar dingen aan jezelf te veranderen, en dan zul je geliefd zijn. Schrijver en trainer Gabrielle Dik heeft een aversie tegen deze uitspraak en schreef het boek Je bent het al! – stop met worden.

Afbeelding

'Appaire' verkozen tot Woord van de Week. ND-columnist Cocky Drost: 'Ik gebruik dit woord al jaren'

Het woord appaire - geen echte affaire, maar wel één per app - is door het Instituut voor de Nederlandse taal verkozen tot Woord van de Week. ND-Columnist Cocky Drost bedacht het woord: ‘Het begint altijd onschuldig.’

Afbeelding

Amin en Esther zijn dankbaar voor hun sociale huurwoning: 'Dit huis is een teken van Gods trouw'

Amin en Esther wonen met hun kinderen in een flat van tachtig vierkante meter. Amin ontvluchtte Iran toen hij christen werd. 'Onze wens is dat we een rustig leven kunnen leiden. Of dat nu in Iran is of in Nederland.'

Afbeelding

Tegen vrienden zei Celine voor haar eerste chemokuur: 'Wens me maar plezier'

Celine werd als baby behandeld aan tumoren in beide ogen, waarna ze blind werd. Op zestienjarige leeftijd kreeg ze de diagnose bottumor in het bekken. ‘Ik heb in mijn leven meer geluk gehad dan pech.’