Luister naar

Kan de kerk met minder waarheid toe?

Nieuws
Kun je kerk zijn op basis van alleen een kernbelijdenis van het christelijk geloof? De ene theoloog acht dat mogelijk, de ander nauwelijks. 'Het vraagt fijngevoeligheid en wijsheid om vast te stellen of sommige vragen ertoe doen of niet.' Is het mogelijk kerk te zijn op basis van ‘slechts’ enkele kernwaarheden van het geloof, zoals vastgelegd in de apostolische geloofsbelijdenis, de geloofsbelijdenis van Nicea of een ander richtinggevend document? De vraag komt op in een tijd dat christenen naar elkaar toe gedreven worden, nu hun geloof in Nederland minder aanhang krijgt. Verschillen vallen sneller weg als het geloof zelf ter discussie komt te staan. Je ziet dan ook bij een deel van de christenen de interesse wegebben voor bekende discussies waar anderen zich juist wel druk om maken: de positie van Israël, de gaven van de Geest, homoseksuele relaties en de vraag of de Bijbel ruimte biedt voor vrouwelijke ambtsdragers. Kun je als kerk uit de voeten met een ‘grondwet’ waarin de hoofdzaken van het geloof zijn verwoord? ‘Nee, dat lijkt me niet mogelijk; je moet als kerk beslissingen nemen die niet in zo’n ‘grondwet’ staan, bijvoorbeeld over de bestuurlijke inrichting. En verder: wie bepaalt wat tot de kernzaken behoort? Er zijn orthodoxe christenen die vinden dat de visie op de vrouw in het ambt daarbij hoort. Anderen bestrijden dat juist. In mijn eigen Protestantse Kerk worden dit soort dilemma’s, bijvoorbeeld rond kinder- of volwassenendoop, overgelaten aan ouders en gemeenten. De negatieve keerzijde: als kerk krijg je een minder scherp theologisch profiel. Het positieve: je leert elkaar vast te houden ondanks onvermijdelijke verschillen van inzicht. Vrijgemaakt-gereformeerden moeten ontdekken dat dat mogelijk is: elkaar vasthouden en zoeken, zoals Christus ons gezocht heeft. Zo wijst de Gereformeerde Bond waaruit ik kom vrouwelijke ambtsdragers officieel af, maar hij piekert er niet over om die reden te breken met de Protestantse Kerk. Een geprononceerd standpunt kan samengaan met katholiciteitsbesef: je behoort tenslotte tot dezelfde kerk.’ ‘Of je kerk kunt zijn op basis van een kernbelijdenis hangt af van de geestelijke beweging die je ziet: is het een uiting van groeien in Christus, of van relativering of ongeloof? In Efeziërs 4 staat dat we samen moeten toegroeien naar Christus die het hoofd van de kerk is. Daar gaat het om. Als je zo groeit in geestelijke eenheid kan er een moment komen waarop mensen hun standpunt opgeven of ruimte ervaren van elkaar te verschillen. Dat is wat anders dan: nu nemen we het niet meer zo nauw, laten we daarom niet meer moeilijk doen. De Gereformeerde Kerken vrijgemaakt vonden van oudsher eenheid in eenvormige gebruiken en breed gedeelde overtuigingen. Die zijn aan het verdwijnen of veranderen, waardoor het risico van afbrokkelijking bestaat. Je kunt elkaar kwijtraken. Het is voor onze kerk een uitdaging te herontdekken wat het betekent om één in Christus te zijn.’ ‘Ik zou zo’n belijdenis op hoofdpunten, mits helder over de kern van het geloof, fantastisch vinden. Zij komt tegemoet aan mijn verlangen naar eenheid. Toch is zo’n document te idealistisch, denk ik, want je hebt te maken met afgeleide waarheden. Een basisbelijdenis spreekt zich niet snel uit over bijvoorbeeld de vrouw in het ambt. Vanuit de gedachte dat we ons samen onderwerpen aan het Woord, door God geopenbaard, raakt zo’n kwestie voor velen de kern van het geloof. In de geschiedenis van de kerk zie je een pendelbeweging: bij onzekerheid en discussies over kwesties ontstaat er behoefte aan duidelijke uitspraken. Op den duur wordt een veelheid aan regels als beknellend ervaren. Een voorbeeld is het boek van Gijsbert van den Brink over evolutie en christelijk geloof. Vanuit reformatorische scholen klonk meteen de roep een duidelijk standpunt in te nemen. Bij de vrijgemaakten slaat de pendel de andere kant op: ze willen back to the basics.’ ‘Grappig dat je de geloofsbelijdenis van Nicea noemt. Toen onze huisgemeente ontstond, tien jaar geleden, besloten we ons te committeren aan deze historische tekst. Tegenover gasten konden we zeggen: dit zijn wij en dit geloven wij. Daarnaast wilden we ons als gemeente verbinden met de kerk van alle tijden en plaatsen. Een valkuil is dat je als huisgemeente een soort sekte wordt, waarin een charismatisch leider het voor het zeggen heeft. Een huiskerkje als het onze, met vijftig mensen, kan functioneren met een basisbelijdenis. Als er conflicten of meningsverschillen zijn, weet je elkaar te vinden. Je wordt gedwongen met elkaar te praten, waardoor kwesties minder snel escaleren. Bij een grote kerkgemeenschap ligt dat anders, dan moet je vanwege de schaal dingen op papier zetten. Zo werkt dat nu eenmaal in grotere organisaties.’ ‘Mensen die willen participeren in de kerk moet je het minimale vragen wat betreft geloof: geloof in de Vader, de Zoon en de Heilige Geest, zoals in het doopformulier staat, is voldoende. Daarmee ben je er niet. Je zult vervolgens met elkaar moeten afspreken hoe je als gelovige leeft, in toewijding aan Christus. Een kernconfessie onderschrijven en verder elkaar vrijlaten, dat vind ik armzalig. Als je elkaar niet meer te zeggen hebt dan dat ... Samen moet je op zoek gaan naar het mysterie van Jezus. Maar het geloof is niet vast te leggen in een confessie of kerkorde. Dat zijn tijdgebonden documenten die ervoor zorgen dat de kerk niet kan veranderen en geen antwoorden weet te geven op de vragen van onze tijd.’ ‘Ik geloof dat de christelijke gemeente wordt gevormd aan de voet van het kruis. De verzoening met God en met elkaar is een basisprincipe van de christelijke gemeenschap. Als wij daaruit leven, is elk ander verschil tussen gelovigen te bespreken. In De Wegwijzer, die nu zeshonderd leden telt, komen mensen van vijfendertig verschillende nationaliteiten samen. Je kunt de eenheid alleen bewaren als je focust op de verzoening aan het kruis. Als dat niet gebeurt, ontstaat er verwijdering. Natuurlijk nemen wij als gemeente bepaalde standpunten in. Zo kiezen wij ervoor geen vrouwen aan te stellen in een ambt. Omdat wij ons concentreren op onze missie, wordt deze discussie niet op scherp gezet. Het verschil is het kruis, waar je straks met elkaar de eeuwigheid doorbrengt. In het licht daarvan moeten christenen hun onderlinge verschillen kunnen relativeren.’ ‘In de loop van twintig eeuwen kerkgeschiedenis, met name in de vroege kerk, zijn er waarheden komen bovendrijven. De Geest heeft de kerk in waarheid geleid. Zo is er duidelijkheid ontstaan over wie God is en wat we geloven. Dat is vastgelegd in onder meer de geloofsbelijdenis van Nicea. Een kerk kan niet bestaan zonder zo’n grondslag. Daar staat of valt de kerk mee. In elke tijd zijn er echter thema’s, zoals de vraag of vrouwen in het ambt mogen, waarvan niet duidelijk is of ze tot de basis van het geloof behoren. Het vraagt fijngevoeligheid en wijsheid om vast te stellen of ze ertoe doen of niet. De kerk kan geen machtswoord spreken. Je zult met elkaar in gesprek moeten treden. Als je dat niet doet, beland je met je eigen waarheden in een hoekje van de kerk. Ik zie niet hoe je daar dan uit zou moeten komen.’ ?
Gerald Bruins
zaterdag 30 december 2017 om 03:00
Kan de kerk met minder waarheid toe?
Kan de kerk met minder waarheid toe? Jeroen Jumelet

Gijsbert van den Brink, VU-hoogleraar en theoloog (Protestantse Kerk)

Hans Burger, hoogleraar systematische theologie in Kampen (vrijgemaakt-gereformeerd)

William den Boer, kerkhistoricus (christelijk-gereformeerd)

Reinier Sonneveld, theoloog en stichter van een huisgemeente

Martijn Horsman, missionair pionier, oud-voorganger Stroom Amsterdam

André Meulmeester, voorganger christelijke gemeente De Wegwijzer in Almere

Arjan Plaisier, missionair pionier in Apeldoorn, oprichter Nationaal Christelijk Forum

welk waarheidstype ben jij?

Dick Schinkelshoek

Wat als je het niet eens wordt met elkaar? Ben je dan direct uitgepraat? Het kan helpen te weten welke ‘waarheidsopvatting’ je hebt. Een lesje filosofie.

Geef antwoord op onderstaande vraag:

Wie is de beste voetballer ter wereld?

a. Cristiano Ronaldo. Zonder twijfel. Dit jaar is de Portugese prof alwéér door wereldvoetbalbond FIFA uitgeroepen tot voetballer van het jaar. En dat voor de vijfde keer.

b. Ronaldo. Of Messi. Of misschien Neymar. Er bestaat ongetwijfeld een beste voetballer ter wereld. Maar precies vaststellen wie dat is en hoe je dat meet – dat is lastiger. Wat we wél zeker weten, is dat 99 procent van de voetballers níét de beste is.

c. De beste voetballer? Het ligt er maar aan in welke context je die vraag stelt. Kun je bijvoorbeeld het Braziliaanse voetbal wel vergelijken met de Europese competities? In de ene cultuur kan een voetballer de beste zijn, in een andere niet.

d. De een vindt Ronaldo de beste, de ander Messi, een derde z’n eigen zoontje dat bij de F’jes speelt. Dat is allemaal prima.

 

Is uw antwoord ‘a’? Gefeliciteerd, u bent wellicht een objectivist. Er kan maar één antwoord goed zijn, er is maar één objectieve waarheid. Die waarheid kun je te weten komen. Bijvoorbeeld door de Bijbel te lezen. Of door je verstand te gebruiken. Discussies dienen om mensen van deze ene waarheid te overtuigen. Uiteindelijk moeten alle neuzen dezelfde kant op staan.

Zegt u ‘b’? Vermoedelijk bent u dan een ‘waardenpluralist’. U erkent dat er één waarheid is. Maar die is vaak zo complex dat wij, beperkte mensen, die niet zomaar kennen. Dat betekent niet dat alle meningen oké zijn. Van de meeste antwoorden is namelijk duidelijk dat die in elk geval níét juist zijn (zoals van de meeste voetballers duidelijk is dat zij in elk geval níét de beste zijn). Misschien komen we door te discussiëren een beetje dichter bij de waarheid, maar helemaal eens worden we het nooit met elkaar. Dat is wellicht ook niet zo erg.

Is ‘c’ uw antwoord? Dan kunnen we u een ‘systeempluralist’ noemen: in de ene context, de ene cultuur, moet je het ene antwoord geven en in een heel andere cultuur, tegenover andere mensen, een heel ander antwoord. Uw visie verschilt van die van de relativist omdat er binnen de verschillende culturen wel degelijk een duidelijk antwoord mogelijk is.

Dan ‘d’. U bent een rasechte relativist. Er is geen objectieve waarheid; we kunnen die in elk geval niet te weten komen. Dus iedereen moet voor zichzelf zoeken wat voor hem zelf het juiste antwoord is.

Als je de gedachte loslaat dat er één objectieve waarheid is, die we allemaal kunnen kennen – kom je dan direct terecht in het relativisme van ‘je mag het allemaal zelf weten’? Met bovenstaande vierdeling heeft de Amerikaanse filosofe Susan Wolf in de jaren negentig betoogd dat dat niet hoeft. Moet je vaststellen dat het met dé waarheid niet zo simpel ligt, en dat (in bijvoorbeeld kerkelijke gemeenten) verschillen van mening onvermijdelijk zijn? Dan heeft het waarschijnlijk nog steeds zin om met elkaar over ‘de waarheid’ te blijven praten, stelt Wolf. Al is het maar om vast te stellen welk antwoord in jouw concrete geval (in de kerk, de maatschappij of …) het beste is, of welke kant het in elk geval níét op moet.

Mail de redactie
Mail de redactie
Heeft u een tip over dit onderwerp, ziet u een spelfout of feitelijke onjuistheid? We stellen het zeer op prijs als u ons daarover een bericht stuurt.
Afbeelding

Evangelische leiders uit Europa ontmoeten elkaar op congres. ‘Het wordt spannend als het gaat over homoseksualiteit’

Hoe gaan evangelicale christenen in Europa om met vluchtelingen, klimaat, de oorlog in Oekraïne en polarisatie? Rondom die vraag ontmoeten 280 evangelische leiders elkaar deze week in Sarajevo.

Afbeelding

Youp van ‘t Hek wordt soms bloednerveus van christenen. ‘Het is een gok om wel of niet in de hemel te geloven’

‘Waartoe zijn we op aarde? Wij zijn op aarde om God te dienen en om hier en in het hiernamaals gelukkig te zijn. Goed geschreven hoor, maar of er echt een hiernamaals is, weet je pas als je dood bent.’

Afbeelding

Hulpfonds voor mensen met geldnood: ‘Ouderlingen gevraagd alert te zijn op armoede’

Kerken in Ede proberen mensen met financiële zorgen te helpen, onder meer door een ‘energiefonds’ op te richten. Intussen wordt ook nagedacht over klusteams die minima helpen hun huis te isoleren.

Afbeelding

Dierendag: als er paarden langskomen in de Bijbel, is er eigenlijk altijd ellende

De Bijbel praat ‘ontzettend negatief’ over paarden. Maar waarom eigenlijk? Voor Dierendag zocht theoloog en ND-redacteur Dick Schinkelshoek dit uit. ‘Een paard is macht, een paard is: denken dat je wat bent.’

Afbeelding

Evangelisch Nederland over InSalvation-ophef: ‘Er zijn alleen maar verliezers’

De ophef rondom de christelijke band InSalvation maakt veel los. Toch benadrukken kopstukken uit evangelische kringen tegen het Nederlands Dagblad dat er in de kerk verschillend gedacht mag worden over seksualiteit.

Afbeelding

Johan Graafland over dieren en de kerk. ‘In Genesis 1 stond vlees niet op het menu van de mens’

In de samenleving is volop aandacht voor dierenwelzijn, de milieuproblematiek en duurzaamheid. Daarom zou het er in de kerk ook over moeten gaan, vindt econoom, ethicus en theoloog Johan Graafland.