Luister naar

Hoe een kerkelijke visie de aandacht van justitie trok

Nieuws
De Nashvilleverklaring, waarin orthodox-christelijke ondertekenaars zich keren tegen homorelaties, ontplofte maandag in het gezicht van de opstellers. Hoe een provisorisch werkgroepje van bezorgde predikanten de aandacht van Justitie trok.
Hilbert Meijer Gerhard Wilts
maandag 7 januari 2019 om 22:09
Een regenboogvlag hangt maandag uit bij de Oranjekerk in Amsterdam als statement tegen de Nashvilleverklaring.
Een regenboogvlag hangt maandag uit bij de Oranjekerk in Amsterdam als statement tegen de Nashvilleverklaring. anp / Jeroen Jumelet

Amersfoort

Het is donderdagavond 13 december als de hersteld-hervormde dominee Piet de Vries achter zijn computer kruipt. ‘Beste vrienden’, mailt hij naar een aantal dominees in zijn adresboek. ‘Een vraag of jullie het Nashville Statement willen ondertekenen.’ De Vries stuurt een lijst mee van orthodox-gereformeerden die al getekend hebben. Het is nog niet de definitieve tekst, schrijft hij erbij. Vooral op het punt van pastoraat moet nog nader worden ingegaan. Het is de bedoeling dat de definitieve tekst met lijst van ondertekenaars ergens in 2019 gepresenteerd wordt op een studiedag. Zover komt het niet.

2019 is nog maar net begonnen, of de verklaring is een landelijke kwestie die veel verontwaardiging losmaakt. Nadat de NOS de verklaring zondag oppikte, distantieert minister Ingrid van ­Engelshoven (Emancipatie) zich maandag van de tekst (‘stappen terug in de tijd’) en besluit het Openbaar Ministerie de verklaring te beoordelen op strafbaarheid. De Protestantse Kerk in Nederland neemt afstand van de verklaring die volgens PKN-scriba René de Reuver ‘pastoraal onverantwoord’ is en door synodepreses ­Saskia van Meggelen als ‘beschamend en on­verantwoord’ wordt getypeerd.

‘De reacties tuimelen als een tsunami over ons heen’, zegt dominee De Vries enigszins verbouwereerd. ‘Ik ben daar niet blij mee, uiteraard niet.’

studiedag Nijkerk

Al in 2017 verscheen de Nashvilleverklaring in Amerika (zie kader). In Nederland bleef die aanvankelijk nagenoeg onopgemerkt. Na een drukbezochte studiedag over ‘­homoseksualiteit en kerk’, half ­november in Nijkerk, schrijft de ­Nederlands-gereformeerde theoloog Kees van der Ziel een verklaring waarin staat dat christenen niet moeten buigen voor de homolobby. Onder de dertien ondertekenaars zijn evangelist Arjan Baan en de hersteld-hervormde predikant Piet de Vries. ‘Een wake-upcall, om als kerken bij het bijbels getuigenis te blijven’, noemt De Vries het.

Die verklaring zorgt ervoor dat Baan en De Vries, die eerder grote theologische meningsverschillen hadden, elkaar vinden: Arjan Baan vertelt hem dat hij een voorlopige, Nederlandse vertaling van de Nashvilleverklaring heeft gemaakt en vraagt De Vries, die goed thuis is in wat er in de kerken in Amerika speelt, mee te lezen. ‘Zo zijn we samen provisorisch een werkgroep begonnen’, zegt De Vries. De mannen hebben een sterke missiedrang binnen de kerk: ze zien dat de kerkelijke standpunten op het gebied van homoseksualiteit schuiven. Het document is allereerst bedoeld als appel op kerken om duidelijke grenzen te trekken. ‘Je praat niet over iets kleins’, licht De Vries toe. ‘Huwelijk en seksualiteit behoren tot de kern van de christelijke ethiek. In de Bijbel staat dat hoereerders en zij die bij mannen liggen, het Koninkrijk Gods niet ingaan. Je riskeert je zaligheid. Dat maakt het heel urgent.’

Het tweetal roept de hulp in van de hersteld-hervormde predikanten ­Rinie van Reenen en Simon Lagendijk, die de verklaring beiden nog een keer doornemen. Helemaal tevreden zijn de werkgroepleden nog niet. Het is en blijft een Amerikaans aandoende tekst, waarin op zich correct vertaalde woorden in het Nederlands een net iets andere gevoelswaarde hebben.

Zo had De Vries in de verklaring dieper willen ingaan op de blijvende strijd van een christen tegen zijn ‘zondige aard’, zegt hij. Maar de werkgroep besluit niet te veel te veranderen in de oorspronkelijke tekst. ‘We sluiten aan bij dit internationale document’, zegt hij daarover. ‘We zijn tenslotte leden van de wereldkerk.’

In de loop van december verspreiden ze de verklaring, met name in het netwerk van hersteld-hervormde predikanten en dominees uit de ­Gereformeerde Gemeenten, met de vraag of zij de verklaring willen ondertekenen. ‘In 2019 wordt er D.V. een Studiedag (niet vanuit een kerk of organisatie) georganiseerd waarop het document officieel wordt gepresenteerd’, mailt De Vries. Hij zet erbij dat er hier en daar nog aan de tekst gesleuteld gaat worden. Dat geldt onder andere voor de noties over de ‘pastorale problematiek’ en ‘de eeuwigheidsernst die ermee is gemoeid’.

kritiek

De mailbox van de werkgroep stroomt vol met vooral predikanten die bereid zijn hun naam aan de Nederlandse variant van de Nashvilleverklaring te verbinden. Maar er komt ook kritiek. Op de laatste vrijdag van 2018 publiceert het Refor­matorisch Dagblad een artikel van twee hoogleraren aan de Theologische Universiteit Apeldoorn, Maarten ­Kater en Arnold Huijgen, die de pastorale toon in de verklaring missen. De teleurstelling bij de initiatiefnemers is groot. ‘De ondertekenings­actie was nog in volle gang, en de definitieve tekst was er nog niet eens’, zegt De Vries. ‘Jammer dat ze zijn begonnen met het publiceren van kritiek. Toen moesten wij wel reageren.’ Ze besluiten de tekst online te zetten op de website nashvilleverklaring.nl, inclusief een lange lijst van 234 ondertekenaars.

De ondertekenaars zijn onder meer predikanten uit de Hersteld Hervormde Kerk (29 procent), de Gereformeerde Gemeenten of Gereformeerde Gemeenten in Nederland (18 procent), de Christelijke Gereformeerde Kerken (16 procent) en de Protestantse Kerk in Nederland (12 procent). Ook zitten er enkele vrijgemaakt-gereformeerde dominees tussen, en voorgangers van evangelische en baptistengemeenten. De tekst verschijnt afgelopen ­zaterdag ook in het Reformatorisch Dagblad. Als de NOS er een dag later ook over bericht, is er geen houden meer aan, zeker niet als duidelijk wordt dat ook SGP-leider Kees van der Staaij tot de ondertekenaars behoort. Maandagmorgen laat minister Van Engelshoven haar afkeer blijken, later op de dag laat het Openbaar Ministerie weten te kijken of er in de verklaring strafbare zaken staan.

overhaast

De publicatie van de verklaring inclusief namenlijst is overhaast – de ondertekenaars worden er niet vooraf over geïnformeerd. Een aantal ondertekenaars laat de initiatiefnemers weten dat ze hun naam niet langer aan de verklaring willen lenen. Onder hen de vrijgemaakt-gereformeerde legerpredikant Wilco Veltkamp. Diverse partijen in de Tweede Kamer hebben maandag Kamervragen gesteld over de ondertekening van de verklaring door iemand die in dienst is van Defensie. Veltkamp is ‘enorm geschrokken’ van de ophef en nam direct afstand van het document, zegt hij in het Noordhollands Dagblad. ‘Ik heb de ondertekening teruggenomen en heb er spijt van dat de dingen zo gelopen zijn.’

Een andere ondertekenaar, de anglicaanse priester Jos Strengholt, trekt aan de bel bij de initiatiefnemers: hij staat weliswaar achter de verklaring, maar voelt zich ‘bedot’. De verklaring zou immers niet met namenlijst en al ­online worden geslingerd, maar was bedoeld voor een studiedag later dit jaar. ‘Jullie hebben iets heel anders met het document gedaan, en het publiek gemaakt buiten een studiedag om en zonder enige verdere context. Jammer.’

De mailwisseling die daarop ontstaat is in het bezit van het Nederlands Dagblad: dominee Piet de Vries wijst met een beschuldigende vinger naar het Reformatorisch Dagblad, die ‘behoorlijk agressieve kritiek van twee christelijk-gereformeerde hoogleraren’ plaatste. ‘Wij voelen ons toch wel wat genomen als werkgroep door de christelijke pers.’

RD-hoofdredacteur Steef de Bruijn noemt dat op zijn beurt een verkeerde voorstelling van zaken. ‘De eerste aandacht die het RD aan de kwestie gaf was een nieuwsbericht’, schrijft hij.

Maandag besluiten de initiatiefnemers de namenlijst met onderte­kenaars offline te halen. De verklaring zelf is nog wel op de website ­nashvilleverklaring.nl te vinden. Er zijn communicatiefouten gemaakt, aldus de hersteld-hervormde dominee en Nashville-werkgroeplid Rinie van Reenen. ‘Die Nashvilleverklaring was een publieke verklaring in Amerika. Dus als je onder de Nederlandse vertaling je naam zet, mag je ervan uitgaan dat je handtekening ook publiek wordt gemaakt.’ Er was geen helder plan, geen werkroute voor publicatie, voegt hij eraan toe.

Zo werd vorige week pas besloten een ‘naschrift’ toe te voegen, omdat verschillende ondertekenaars menen dat de toon van de verklaring pastoraler moet. Van Reenen: ‘Het principe mag helder zijn, maar het gaat ook om de vertaalslag naar de praktijk.’ In het naschrift, dat door de meeste ondertekenaars niet vooraf is ingezien, staat een schuldbelijdenis over de verdeeldheid onder christenen op het punt van homoseksualiteit, en een opmerking over het belang van pastorale zorg voor homo’s.

Gode gehoorzaam

Pastoraal of niet, het Openbaar Ministerie kamt de verklaring nu uit, op zoek naar strafrechtelijk vervolgbare passages. Of dominee De Vries dat had voorzien? ‘Ja en nee’, zegt hij. ‘Op het punt van homoseksualiteit staat de Nederlandse wetgeving haaks op de bijbelse visie. Ik ben allereerst christen en voor een christen heeft de landelijke wetgeving niet het laatste woord. Ik moet Gode meer gehoorzaam zijn dan mensen.’

Dat een verklaring die allereerst bedoeld was voor gebruik binnen de kerken, nu door zo’n beetje de hele samenleving is gelezen, vindt De Vries alleen maar goed. ‘In de verklaring staat precies hetzelfde als wat in de Bijbel staat. Voor de samenleving zijn dat dezelfde schokkende dingen. We houden de Bijbel niet verborgen voor de wereld.’ <

in VS is Nashvilleverklaring al anderhalf jaar oud 

De Nashvilleverklaring is een vertaling van het Nashville Statement uit augustus 2017. De verklaring is opgesteld door de Council on Biblical Manhood and Womanhood en gepresenteerd tijdens een conferentie van de Southern Baptist Convention, het grootste protestantse kerkgenootschap van de Verenigde Staten.
De verklaring wil ‘bijbels onderwijs over gender en seksualiteit samenvatten en probeert de christelijke overtuigingen over enkele van de meest urgente culturele kwesties te verduidelijken’ en te bevestigen.
De makers van het document vonden dat er een te losse moraal bestond rond thema’s als homoseksualiteit, genderneutraliteit en transgenderisme.
Het Nashville Statement is in de Verenigde Staten ondertekend door ruim 22.000 mensen, onder wie vooraanstaande theologen als John Piper en James Packer, Albert Mohler van een seminarie van de Zuidelijke Baptisten, James Dobson van Focus on the Family, Tony Perkins van de Family Research Council, predikers als Matt Chandler en Russell Moore, en bekende auteurs als Randy Alcorn en Francis Chan.
De Nashvilleverklaring is geen verklaring van nieuwe geloofsovertuigingen van Amerikaanse evangelicals, zei Mohler bij de presentatie, in het najaar van 2017. ‘Eerder is het een distillatie en verduidelijking van wat christenen in twintig eeuwen en tweeduizend jaar kerkgeschiedenis over deze vragen geloofden. Uiteindelijk is het een verklaring van wat volgens ons is geopenbaard in de Heilige Schrift, en dus overtuigingen waar we volledig verantwoordelijk voor zijn en waar we ons niet voor schamen.’
In de VS noemden tegenstanders het document een ‘aanval op christelijke lhbt’ers’.
In Nederland kreeg de verklaring al snel het predicaat ‘homohaatmanifest’. Anders dan in de VS werd de Nederlandse verie van de Nashvilleverklaring voorzien van een pastoraal naschrift.
wat staat er precies in het ‘Nashville Statement’ over bijbelse seksualiteit’?
De Nashvilleverklaring is opgesteld als een ­belijdenis van veertien korte artikelen.
De verklaring opent met een voorwoord over de ‘seculiere geest van onze eeuw’. In de westerse cultuur is het ‘inmiddels gemeengoed ervan uit te gaan dat (...) mannelijk en vrouwelijk geen deel vormt van Gods mooie plan, maar dat deze veeleer een uiting is van iemands eigen autonome voorkeur’. Tegen die cultuur moet de christelijke kerk haar getuigenis laten horen ‘aan een wereld die langs een hellend vlak op weg lijkt naar de ondergang’. Het is ‘dwaas en hopeloos als we proberen onszelf te maken tot iets waarvoor God ons niet heeft geschapen’.
De eerste van veertien ‘betuigingen en ont­kenningen’ begint met Gods bedoeling van het huwelijk: ‘een levenslange verbondsrelatie tussen één man en één vrouw’. Het is niet bedoeld als een ‘homoseksuele, polygame of ­polyamoreuze relatie’.
De opstellers constateren in artikel 4 dat ‘de door God bepaalde verschillen tussen man en vrouw Gods oorspronkelijke bedoeling met Zijn schepping weerspiegelen’. In artikel 6 voegen zij eraan toe dat ‘mensen die geboren zijn met een lichamelijke aandoening in de geslachtsontwikkeling evenzeer geschapen zijn naar Gods beeld en evenveel waarde en waardigheid bezitten als alle anderen’.
Het is niet in overeenstemming met Gods bedoeling wanneer mensen ‘zichzelf bewust willen zien en positioneren als personen met een homoseksuele of transgenderidentiteit’ (artikel 7) en evenmin ‘dat seksuele aantrekkingskracht voor hetzelfde geslacht onderdeel is van de goedheid van Gods oorspronkelijke schepping, of dat het iemand buiten de hoop van het Evangelie zou plaatsen’ (artikel 8). In artikel 9 wordt bevestigd dat zonde zorgt voor ‘misvorming van seksuele verlangens’, maar dat een ‘langdurig patroon van verlangen naar seksuele onreinheid’ geen rechtvaardiging kan zijn voor ‘seksueel onrein gedrag’. Het is ‘zondig om homoseksuele onreinheid of transgenderisme goed te keuren’ (artikel 10), en het is dan ook geen ‘moreel neutrale zaak, waarover getrouwe christenen onderling van mening mogen verschillen’.
Alleen door Gods genade komen vergeving en levensveranderende kracht beschikbaar om ‘zondige verlangens te doden’ (artikel 12). De opstellers ‘bevestigen dat de genade van God in Christus zondaren in staat stelt om tegen een transgender-zelfverstaan te strijden’.
In een later opgesteld naschrift wordt gezegd dat ‘zij die bij zichzelf een homoseksuele gerichtheid herkennen of worstelen met hun geslachtelijkheid’ in de christelijke gemeente een ‘volwaardige plaats’ hebben. ‘Ieder mens kent zondige verlangens’ (...), maar ‘onze identiteit ligt niet in onze seksualiteit, maar in onze verhouding tot Christus’.
Mail de redactie
Mail de redactie
Heeft u een tip over dit onderwerp, ziet u een spelfout of feitelijke onjuistheid? We stellen het zeer op prijs als u ons daarover een bericht stuurt.
Afbeelding

In Memoriam: Ioannis Zizioulas (1931-2023), theoloog van de eucharistie en van de schepping

Hij gold als een van de meest vooraanstaande en invloedrijke hedendaagse oosters-orthodoxe theologen. Ioannis Zizioulas overleed woensdag aan de complicaties van een covidbesmetting.

Afbeelding

Bijbel voor basisschoolkinderen in eigentijdse films: 'Een oeroud verhaal in een modern jasje'

Ruzie in huis, vader en zoon schreeuwen. De voordeur knalt, zoon vertrekt. De film De magie van Valentijn vertelt het verhaal van de verloren zoon in moderne stijl, om kinderen vertrouwd te maken met de Bijbel.

Afbeelding

Hoe een avondmaalsviering op het asfalt een akelig diepe verdeeldheid aan het licht bracht

De klimaatdemonstranten die vorig weekend op de A12 een pakje druivensap en een bolletje nuttigden als ‘actiemaal’ legden een fundamenteel meningsverschil onder christenen bloot. En nee, dat ging niet over het klimaat.

Afbeelding

Hoogleraar bijbelvertalen Matthijs de Jong over interpretatie: 'Job vond troost in plaats van berouw'

Het berouw van Job en de hoofdstukindeling van Genesis 1, klopt dat wel? Bijzonder hoogleraar bijbelvertalen, Matthijs de Jong, vermoedt van niet. ‘Een bijbelvertaling kan er over honderd jaar heel anders uitzien.’

Afbeelding

Franse protestanten binden strijd aan met seksueel misbruik. Eventueel ambtsgeheim breken

Dominees moeten misbruikslachtoffers helpen bij een gerechtelijke procedure. En waar dat kan moeten predikanten hun ambtsgeheim breken. Zo wil de Protestantse Federatie in Frankrijk seksueel misbruik tegengaan.

Afbeelding

Hanna Rijken wordt docent theologie & muziek: 'Ik wil toekomstige dominees laten zingen'

Hanna Rijken gaat toekomstige dominees in de Protestantse Kerk lesgeven in 'theologie en muziek'. Juist nu is dat voor de kerk belangrijk. 'Er is in heel de samenleving een hunkering naar beleving van goede muziek.'