Het zal niet voor iedereen gelden, maar voor mij is leven en werken bij de dag ontegenzeglijk beter | Nederlands Dagblad
Column

Het zal niet voor iedereen gelden, maar voor mij is leven en werken bij de dag ontegenzeglijk beter

Nederlanders vullen de avond anders in dan Fransen, en dat raakt de manier waarop in Nederland meer moeite bestaat met de avondklok. Dat valt theoloog Gert Kwakkel, die in beide landen doceert. ‘De Franse dagindeling bevalt mij prima, beter dan de Nederlandse.’

Waarom stuit een avondklok in Nederland op veel meer verzet dan in andere landen? Allicht speelt, naast andere dingen, de manier waarop wij de dag indelen hierbij een rol. Nederlanders nuttigen hun avondeten op een vroeg tijdstip. Daarna is er nog een scala aan activiteiten waarmee wij de avond vullen: vergaderen, sporten, bij elkaar op bezoek gaan, klussen, enzovoort. Als de regering ons dat afpakt, vallen er woorden als ‘draconische maatregelen’.

In normale omstandigheden woon en werk ik vier maanden per jaar in het zuiden van Frankrijk, in Aix-en-Provence. Het valt me op dat mijn collega’s daar eerder hun bed opzoeken en eerder opstaan dan de gemiddelde Nederlander. Het eten staat ’s avonds een stuk later op tafel dan hier. Maar daarna is het afgelopen. Kerkelijke bijeenkomsten vinden vaak overdag plaats, zowel door de weeks als in het weekend. Misschien vormt die andere manier van leven een van de redenen waarom de Fransen minder protesteren tegen de avondklok. En dat terwijl ze bepaald niet de reputatie hebben alles te slikken wat de overheid hen voorschotelt.

De mensen die ik in Aix tegenkom leven dus meer volgens het patroon uit Bijbelse tijden: de dag is om te werken, de nacht om te slapen. Dat zie je bijvoorbeeld in Psalm 104:23. De psalm bezingt Gods goede zorg voor zijn schepping. Daar hoort bij dat wilde dieren zich bij zonsopgang te ruste leggen. Op dat moment gaan de mensen aan het werk. Daar gaan zij mee door ‘tot de avond’. Na zonsondergang aten de Israëlieten van toen misschien nog een hapje, maar lang opblijven was er meestal niet bij. Afgezien van dieven en ander gespuis deden zij weinig in het donker, tenzij ze net als de zanger van Psalm 119:62 midden in de nacht opstonden om God te loven.

Je kunt gewoonten van Israëlieten van meer dan tweeduizend jaar geleden niet zomaar overhevelen naar Nederland in 2021. Alleen al het feit dat wij in de winter veel kortere dagen hebben dan zij maakt het nodig meer werk in het donker te doen. Zij moesten zich ’s nachts behelpen met flakkerende olielampen; wij hebben overvloedig kunstlicht.

Toch hoop ik er stiekem op dat wij in de komende weken ook de voordelen van de avondklok ontdekken. De Franse dagindeling bevalt mij prima, beter dan de Nederlandse. Het zal niet voor iedereen gelden, maar voor mij is leven en werken bij de dag ontegenzeglijk beter voor mijn gezondheid en energiehuishouding.

Dus droom ik van een rechtbank die half zeven ’s ochtends haar deuren al opent voor het publiek, net zoals de oudsten in Israël bij het krieken van de dageraad plaatsnamen in de poort. Of van vergaderingen van gemeenteraden en kerkenraden bij daglicht in plaats van in de avond. Dat zou voor mij betekenen, dat ik ook kan meedoen. Ik zie het al voor me: uitgerust en fit meepraten tijdens een synodevergadering om 8.00 uur ’s morgens.

Ach nee, laat ik niet solliciteren en de vergaderingen van stad en kerk mijn bemoeizucht besparen. Maar toch: hoe meer mensen actief kunnen meedoen, hoe beter het is voor de Nederlandse democratie. Overdag werken en vergaderen kost in elk geval minder elektriciteit en gas voor verlichting en verwarming. Zo komen we ook nog een stapje dichter bij het realiseren van onze klimaatdoelstellingen. Tel uit je winst.

De auteur is hoogleraar Oude Testament aan de Theologische Universiteit Kampen en de Faculté Jean Calvin in Aix-en-Provence. Hij schrijft dit artikel als lid van de gezamenlijke onderzoeksgroep BEST (Biblical Exegesis and Systematic Theology) van de Theologische Universiteiten in Apeldoorn en Kampen.

Geloof

meer ‘Geloof’