Guano stimuleerde landbouw in woestijn in Chili | Nederlands Dagblad

Guano stimuleerde landbouw in woestijn in Chili

Tussen de duizend en vijfhonderd jaar geleden gebruikten boeren die aan de randen van de Chileense Atacama-woestijn leefden guano (de poep van meeuwen) als mest. Dat maakte een vorm van intensieve landbouw mogelijk, waardoor meer mensen gevoed konden worden. De Atacama-woestijn in het noorden van Chili is een van de droogste gebieden op aarde. Toch vinden archeologen er sporen van landbouw in oases en kloven, die zeker tot drieduizend jaar geleden teruggaan. Boeren verbouwden er chilipepers, kalebassen, bonen, quinoa en maïs in grote hoeveelheden. Chileense onderzoekers wilden weten wat dit mogelijk maakte. Zij analyseerden monsters van landbouwproducten die zijn opgegraven en maten daarin de zogeheten stabiele isotopen van stikstof en koolstof, die iets vertellen over de herkomst van voedsel.

Wetenschap

meer ‘Wetenschap’