Ramses Shaffy kon wel leven als remonstrant

Amsterdam
Op 1 december 2009 stierf Ramses Shaffy. Wie hij was? Een zanger, schrijver, schilder, een zwerver met Egypte en Rusland in zijn bloed, maar meer Nederlands geworden dan hij zelf dacht.
Zijn einde leek tragisch. Slokdarmkanker, weinig verrassend na zoveel sloten drank en treinwagons sigaretten. Maar hij werd 76 en stierf rustig, verzoend met zijn leven en oeuvre. Zijn demonen, de angst voor verlating en afwijzing, het sluimerende gevoel miskend te zijn, waren opgelost in een late herfst die een gloedvolle viering was.
Echt vergeten is Ramses Shaffy nooit. Het meest saillant en Nederlands is wel het kunstwerk van lichtstaven die metrolijnen voorstellen, maar het gezicht van Shaffy tonen, boven de ingang van het metrostation Vijzelgracht in Amsterdam.
Er zijn meer monumenten. In Amsterdam ging in 2017 aan de Oostelijke Handelskade het Ramses Shaffy Huis open, met woonstudio’s voor oude en jongere kunstenaars. Er was in 2015 een internationale Emmy Award voor de televisieserie RAMSES, waarin de jonge artiest werd gespeeld door Maarten Heijmans, die dat fascinerend echt deed.
Heijmans heeft nu een gelijknamige cd gemaakt waarop hij dertien liederen van Shaffy uitvoert, in volstrekt unieke arrangementen. Het is, zegt hij, ‘de strik waarmee ik alles wat ik met Ramses Shaffy heb gedaan bij elkaar bind.’
In Leiden verrees in juni het kunstwerk ‘Hoog Sammy’, vlak bij een plaquette die er al was aan het Terweepark. Daar stond het inmiddels afgebroken huis van Roos en Herman Snellen. Bij hen groeide Ramses Shaffy op, als pleegkind met de naam ‘Didi’, van 1940 tot 1952, toen hij negentien was.
Roos was als een moeder voor hem, cardioloog Herman fronste bij alle capriolen die de pleegzoon uithaalde, maar vergaf graag en loste vaak schulden af. Een maand voordat hij op 93-jarige leeftijd stierf, ging hij nog naar een optreden van Shaffy, inmiddels ook door het leven getekend. Het afscheid, in 1998, ontroerde beiden. De Snellens, die zelf de iets oudere dochter Aya hadden, waren remonstrants, zegt Sylvester Hoogmoed (53), schrijver van nu al drie boeken over Shaffy. In 2011 was er We zien wel!, in 2017 Moeder van Ramses. Leven als een tsarendochter, en nu verschijnt Door alles heen. Ramses Shaffy 1933-2009.
‘Ramses ging elke zondag met de familie Snellen mee naar de remonstrantse kerk, die vrijzinnig en tolerant was. Dat paste bij zijn vrijheidsdrang en artistieke impulsiviteit. Shaffy heeft altijd heel liefdevol over die periode gesproken. Hij hoefde geen religieuze bagage af te schudden, zoals je bij veel kunstenaars ziet. En als hij op de ‘calvinistische mentaliteit in Nederland’ schold, ging het hem niet om het geloof.’
consistent
Dat religieuze, spirituele ging volgens Hoogmoed een leven lang consistent mee in het oeuvre van Shaffy, en nooit als spot. Begeleid door Thijs van Leer zong hij in de late jaren zestig het lied ‘The Shrine of God’, met een door Ramses geschreven Engelse tekst. ‘De moeder van Van Leer was een aanhanger van het soefisme en dat interesseerde hem zeer’, zegt Hoogmoed. Songs als ‘Goden’ (op de plaat We leven nog in 1975) en een jaar ervoor de op muziek gezette tekst van Psalm 88 vallen op in zijn werk.
Shaffy speelde ooit de rol van ‘god’ in het toneelstuk En een kleine jongen zal ze hoeden. Hoogmoed: ‘Hij liep rond als een zwierige oudere heer met hoed en wandelstok. Het stuk ging over religie en opvoeding. Het moet hem hebben aangesproken, maar hij zei het vooral interessant te vinden een personage te spelen zonder verleden en toekomst.’ En ja, dat ‘Sammy’. Aan de slotregel “er is één die van je houdt” werd nogal eens een religieuze interpretatie gegeven. Niet ten onrechte. Shaffy zag ‘god’ niet als “iets daarboven op een wolk, of iets wat ver weg was”, maar verbond het met alles wat goddelijk is: het leven, de natuur, de mens. “Dat je er bent, ademhaalt. Het is een wonder, het is niet te verklaren.” Ook de religieuze Ramses Shaffy paste in geen enkele categorie.’
Ramses Shaffy was in 1933 geboren in Neuilly-sur-Seine, als zoon van de Egyptische diplomaat Ramsès Chaffy Bey en Alexandra Wysocka, een Russische dame van adellijke Poolse afkomst. Het huwelijk strandde snel na zijn geboorte; beiden gingen huns weegs. Pas een halve eeuw later traceerde Ramses zijn vader en had nog een tijd contact met hem.
Zijn moeder was een verhaal apart. Ze gaf zich uit voor Olga, de oudste dochter van de laatste Russische tsaar, trok een spoor van onbetaalde rekeningen en gebroken harten bij oudere, vermogende mannen in Frankrijk en België en raakte eind 1939 gevangen, omdat Frankrijk en Duitsland in oorlog waren en Hitler toen nog een alliantie vormde met Stalin. Een Russische dame moest wel spionne zijn.
De gravin-moeder zette Ramses dat najaar op ‘de trein naar het noorden’, tientallen jaren later de titel van een hartverscheurende liedtekst. Ramses was toen zes en heeft nooit begrepen waarom zij hem wegdeed. Pas in 1949 bezocht zijn moeder, die tot 1946 vastzat, hem in Leiden, maakte ruzie met Roos Snellen en liet de keuze aan haar zoon van toen zestien. Ramses koos voor zijn pleegouders. ‘Hij heeft nooit kwaadgesproken van zijn moeder, maar haar ook nooit echt kunnen vergeven. Had ze hem maar de reden voor zijn vertrek verteld, nu knaagde onwetendheid aan hem’, zegt Hoogmoed. ‘Maar het leverde wel een van zijn mooiste liedjes op.’
Door alles heen. Ramses Shaffy 1933-2009, Sylvester Hoogmoed. Uitg. JEA / Universal Music (boek en 2cd). 268 blz. € 50,-RAMSES, Maarten Heijmans. Flying V

